Geloofwaardigheid van Nederland in het geding

Op de Opiniepagina van 22 maart wordt stilgestaan bij `De twaalf van Kamp`, doelend op de incidenten in Afghanistan waarbij Nederlandse commando`s tijdens hun omstreden `vechtmissie` betrokken waren. Door Nederlands toedoen zijn 21 personen gearresteerd. Wat hun lot zal zijn valt zeer te betwijfelen.

Dat minister Kamp ”zo eerlijk was” en ”het siert de bewindsman” zijn, mijns inziens verwoordingen die even omstreden zijn als de missie zelf. Er zijn `rules of engagement` die, zo weten we inmiddels, niet veilig zijn in Amerikaanse handen.

Ik vraag me ten diepste af hoe die praktijk te rijmen valt met het Nederlandse engagement bij het handhaven van de internationale rechtsorde. Zo hebben het Internationale Gerechtshof, het Internationale Strafhof en het Joegoslavië-tribunaal domicilie gekregen in Nederland en dit voorrecht hebben we ergens aan te danken.

Hoe kan het dan toch, dat uitgerekend Nederland zich in een oorlogsgebied verbindt met een land dat het internationale humanitaire recht voortdurend schendt?

Hoe geloofwaardig zijn we nog als de internationale rechtsorde zich in de genoemde hoven wil gaan buigen over wat er gebeurde in landen als Afghanistan en Irak? Misschien zijn onze handen zo vuil geworden dat ze nooit meer in onschuld gewassen kunnen worden. We hebben veel, misschien wel te veel op het spel gezet.

JanCees van Beers

Middelbeers