Een gure, nationalistische wind waait in Turkije

De Turkse professor Oran schreef een rapport over minderheden, dat volgens sommigen te ver ging. Nu wordt hij vervolgd. 'Het klimaat is erg veranderd.'

'Weet U wanneer Turkije het laatste pakket wetten aannam om zijn wetgeving naar Europese standaarden te harmoniseren?' De Turkse professor Baskin Oran geeft in zijn kamer in de universiteit van Ankara direct zelf het antwoord: mei 2004, bijna twee jaar geleden. Het bewijst, meent hij, dat het klimaat in Turkije drastisch is veranderd. Net als Nederlanders ('Ik heb uw referendum over de Europese grondwet gevolgd') zijn Turken bang voor de mogelijke gevolgen van globalisering en zoeken ze steun bij een Turks nationalisme. De strijd met rebellen van de Koerdische PKK die in het zuidoosten is opgelaaid, heeft dat nationale gevoel versterkt. En dus ziet de regering kennelijk geen ruimte om een nieuwe grote stap in de richting van Brussel te zetten: er waait een nieuwe, gure, nationalistische wind in Turkije.

Baskin Oran, hoogleraar aan de faculteit politieke wetenschappen in Ankara, heeft aan den lijve ervaren hoe ijzig het nieuwe klimaat is. Op verzoek van de Turkse regering schreef hij een rapport over minderheden in Turkije. 'Ik stelde voor om de term 'Turk' te vervangen door 'Turkiyeli'.' De term Turk, aldus Oran, refereert namelijk aan de etnische groep die de meerderheid vormt in dit land. Maar zij is niet de enige: naast Turken zijn er ook Koerden en Bosniërs en Laz (in het gebied van de Zwarte Zee, red.). 'Turkiyeli' is etnisch-neutraler en zou mede daarom de deur openen voor een liberalere houding jegens minderheidsculturen. 'Onderwijs in het Koerdisch zou dan mogelijk worden en ook met televisieuitzendingen in die taal zou de overheid liberaler kunnen omspringen.'

Al binnen de commissie die op verzoek van de Turkse regering het rapport voorbereidde, leidden Orans liberale opvattingen tot commotie. Een van de commissieleden scheurde voor de camera's het rapport aan flarden. Maar daar bleef het niet bij. Oran en medecommissielid Kaboglu moeten zich inmiddels voor de rechter verantwoorden. Zij zouden de rechterlijke macht in Turkije hebben beledigd en daarnaast haat hebben gezaaid. Het proces kan zich nog maanden voortslepen. Maar voor Baskin Oran zelf is het al afgerond. 'Ik heb een politieke verdediging gehouden die net zo effectief was als die van Dimitrov (de Bulgaarse communist die terecht stond voor het in de brand steken van de Rijksdag en uiteindelijk vrijuit ging). De rechter wil nu allemaal getuigen horen over hoe er in de commissie over het rapport werd gestemd. Dat kan een hele tijd duren maar ik heb het proces achter mij gelaten.'

Wie zit er achter het proces tegen Oran en wat wil men bereiken? 'Ik weet het niet', zegt hij. Niet premier Erdogan, in ieder geval. Tot Orans grote vreugde gebruikt de premier sinds enige tijd hetzelfde soort terminologie dat hij in het gewraakte rapport hanteerde. Misschien minister van Justitie Çiçek. 'Die man is van kwikzilver, je weet nooit wat je aan hem hebt.' Maar wellicht dat Oran het slachtoffer is van dezelfde groep extremistische nationalisten die eerder vervolging van journalist Hrant Dink en schrijver Orhan Pamuk in gang zette wegens 'belediging van de Turkse nationaliteit'. Het procédé is in alle gevallen hetzelfde. De extreem-nationalisten gedragen zich als de informanten, aldus Oran, die Turken bespioneerden ten tijde van de staatsgrepen. 'Ze gaan naar de aanklager toe en zeggen: die en die heeft Turkije beledigd. De aanklager opent een onderzoek. Diezelfde mensen gaan dan naar de rechter en willen partij zijn bij de rechtszaak die dan volgt.'

Natuurlijk willen deze nationalisten Turkije niet in de Europese Unie en met hun rechtszaken willen zij munitie verschaffen aan Europeanen die dat ook niet willen. Maar volgens Oran lopen de rechtszaken op hun einde. Pamuk is vrijgesteld van vervolging en rechters accepteren niet meer dat de nationalisten na het indienen van een klacht ook partij worden bij het proces. Misschien belangrijker nog dan dat: de maatschappij in Turkije is ontwaakt. 'Als je in de jaren tachtig ervan werd beschuldigd een communist te zijn keerden je buren je de rug toe en hadden je ouders medelijden met je.' Maar Oran krijgt volop steun uit de maatschappij. Niet van zijn collega's aan de universiteit maar wel van juristen die speciaal voor het proces van Istanbul en Diyarbakir naar Ankara kwamen.

En zo zal Orans rechtszaak, zoals die van Pamuk, een rol gaan spelen bij de modernisering van Turkije zelf. 'Wij gaan winnen en door die overwinning zal Turkije een moderner land worden.' Oran ziet twee moderniseringsbewegingen in de geschiedenis van dit land. De eerste had plaats in de jaren '20 van de vorige eeuw. Atatürk, vader van de Turkse Republiek, vormde het semi-feodale land dat Turkije was, compleet om. Zijn republiek werd gekenmerkt door een monolitisch nationalisme, waarbij de staat altijd het laatste woord had, de burger zich moest gedragen, en er geen ruimte was voor differentie. Maar uiteindelijk kan zo'n monolitische staat alleen functioneren als je 'een bionische soldaat neerzet naast elke burger om hem in de gaten te houden'. Dus heeft Turkije een nieuwe revolutie nodig die het land in een pluralistische, moderne democratie verandert. 'Mijn notie van burgerschap is gebaseerd op die van Frankrijk', zegt Oran. 'Zij heeft geen enkele etnische connotatie, zij beschrijft louter de band tussen burger en staat.'

Op weg naar de Europese Unie heeft Turkije, aldus Oran, al veel stappen gezet op weg naar die liberale, pluralistische democratie. Maar gezien de nieuwe, nationalistische wind is het niet uitgesloten dat het proces gaat stokken. En dat zou dan niet alleen de schuld zijn van Turkije. 'Het is belangrijk dat de Europese Unie geloofwaardig blijft.' Volgens Oran is zij dat bepaald niet. In het referendum over de hereniging van Cyprus stemden de Turks-Cyprioten tot vreugde van de Europese Unie voor eenheid. Brussel beloofde toen de 'Turkse Republiek Noord-Cyprus' uit haar isolement te halen. 'Maar zij houdt zich niet aan die belofte', aldus Oran. 'Dat verzwakt haar positie in Turkije.' En als de positie van Europa verzwakt, doet die van het liberale kamp in Turkije dat ook. Daar de angst voor globalisering ook in Turkije voorlopig niet zal afnemen, speelt Europa een grote rol bij een eventuele verandering van het politieke klimaat.

Als de PKK zou besluiten de wapens neer te leggen, zou dat, aldus de professor, uiterst positief zijn. De 'Koerdofobie' in Turkije zou dan afnemen en het extreemnationalisme zou minder de wind in de zeilen krijgen. Ook gebeurtenissen in Noord-Irak kunnen paradoxaal genoeg, aldus Oran, een positieve rol spelen. 'De Koerden daar slaan nieuwe olieputten. Als dat gebied zich snel ontwikkelt en rijk wordt, zal Turkije nog eens goed moeten nadenken over zijn houding tegen de Koerden hier.' Turkije wordt dan misschien wel gedwongen om de Koerden in het straatarme zuidoosten meer vrijheid te bieden en zo hun wankele loyaliteit te behouden.