Digitale brokken en tv-behang

BNN begint met een digitaal kanaal dat 24 uur per dag uitzendt. The Coolcast Project zendt veel herhalingen uit. 'Tv-behang, dat vinden jongeren prettig.'

Het digitale televisiekanaal van BNN is pas in september te zien, maar directeur Laurens Drillich van de jongerenomroep weet al wat er niet op komt. The Coolcast Project krijgt geen met mobieltjes gefilmde reisverslagen van backpackers uit Australië en Thailand, geen amateur playbackers die hun thuisgemaakte karaoke op het web mogen zetten bij BNN.

'We zitten straks op kanaal 31 of zo', vertelt Drillich. 'Dat maakt niet uit, want via msn horen onze kijkers snel genoeg waar er wat leuks te zien is. Maar als ze een keer doorklikken naar dat kanaal 31, moet het wel zo goed zijn dat ze blijven hangen en terugkomen. Als het voor BNN zelf al moeilijk is om de juiste beelden te krijgen wanneer we onze eigen professionele tv-makers op pad sturen, verwacht ik die beelden zeker zomaar niet van amateurs.'

BNN gaat met de Publieke Omroep (zie kader) een digitale televisiekanaal maken met een budget van naar schatting 900.000 euro. BNN slaagt er wel in jonge kijkers te bereiken, zelfs met programma's die de afgelopen jaren zaten ingeklemd tussen de TROS en de AVRO. De omroep, actief sinds 1998, is daarom cruciaal voor de toekomst van de gehele publieke omroep. Die trekt gemiddeld een veel ouder publiek dan de commerciële concurrenten, en verliest bovendien marktaandeel door de komst van Talpa en het verdwijnen van de voetbalrechten.

'Onze doelgroep loopt van 15 tot 35 jaar, met de nadruk op 20 tot 30 jaar', zegt Drillich. 'BNN is een heel sterk merk. Bijna alle jongeren kennen onze programma's, ze praten er over, ze chatten er over. Alleen hebben ze geen flauw idee wanneer de Lama's of Spuiten en Slikken wordt uitgezonden, of op welke tv-zender. Daarom is internet ideaal voor ons. Ik ben er van overtuigd dat internet en mobiele toepassingen voor ons uiteindelijk belangrijker gaan worden dan televisie en radio.'

Wat The Coolcast Project 24/7 gaat uitzenden is gebaseerd op vier elementen. Ten eerste de herhalingen van eigen programma's. Wat gisteravond om 22.30 op Nederland 3 te zien was, is een dag later om 20.00 en 22.00 uur op TCP 24/7 te zien. ,,We zoeken nog naar het juiste ritme van herhalen', zegt Drillich. Daarnaast komen er uitzendingen uit het archief van zowel BNN als van de overige publieke omroepen, bijvoorbeeld Jules Unlimited van de VARA. En ten slotte is er plek voor nieuwe producties, bijvoorbeeld talkshow-achtige programma's vanuit het eigen gebouw. 'Het budget is beperkt, dus de redacteuren zullen zelf het licht aan en uit moeten doen.'

Behalve herhalingen van complete programma's is Drillich ook van plan om te komen met wat in het jargon een short form heet. Dat is een soort tv-remix van in blokken van twee uur: ,,We versnijden de oude programma's in hapklare brokken. Een kort verhaallijntje uit een soap, dan een clip uit een Top of the Pops, dan een grap uit de Lama's, dan een item uit Spuiten en Slikken.' Het is tv-behang, zegt Drillich. 'Een vreselijk woord, maar zo kijken jongeren, met een half oog. De tv staat aan terwijl ze huiswerk zitten te maken, en wordt even harder gezet als er iets leuks langs komt.'

Herhalen klinkt voor buitenstaanders als een gebrek aan budget en creativiteit, maar Drillich ziet dat anders. 'Er komen horizontale blokken, met bijvoorbeeld steeds van zes tot acht uur satire en van tien tot twaalf zo'n short form. Jongeren vinden herhalingen heel prettig. Dan kunnen ze het nog eens bekijken, of eindelijk zien waar iedereen het gisteren over had.'

De jongerenzender had ook zonder publiek geld met een digitaal kanaal kunnen beginnen, zegt Drillich. 'We hebben lang gepraat met allerlei bedrijven, maar we zijn geen cowboys, we zijn geen commercieel bedrijf dat zo veel mogelijk wil verdienen. Deze samenwerking met de Publieke Omroep is juist de schoonste, de zuiverste manier om onze taak als publieke omroep te vervullen.'

Digitale televisiekanalen zijn momenteel een hype in omroepland. Naast de tien gewone 'gratis' zenders (Nederland 1,2 en 3, RTL, SBS en Talpa), komen er de komende jaren tientallen zenders die via de kabel alleen met een decoder te bekijken zijn of via internet met een specifiek abonnement. De kabelmaatschappijen en de internet-tv-bedrijven gaan met elkaar concurreren wie het mooiste pakket kan aanbieden, en proberen daarom de omroepen en andere tv-makers over te halen dit soort kanalen te beginnen. Het probleem is de financiering.

'De distributeurs hebben de indruk gewekt dat the sky the limit is', zegt Drillich. 'Maar er zullen maar weinig digitale kanalen zijn die geld gaan verdienen.' Voor The Coolcast Project lag er een kostendekkend plan voor een digitaal kanaal zonder publieke financiering, vertelt Drillich. Zo'n kanaal deelt mee in de abonnementskosten van de kabelaars en internet-tv-bedrijven en zal ook reclame uitzenden. Dat zijn de twee belangrijkste geldstromen, zowel in de oude plannen zonder publieke financiering als in de huidige opzet waarbij het kanaal door de Publieke Omroep wordt betaald.

Maar Drillich, die de afgelopen drie jaar voor tv-producent Endemol in Mexico zat, rekent daarnaast op twee andere geldstromen: inkomsten van mobiele diensten - een soapaflevering op je mobiel, grappen die per sms naar je gsm gestuurd worden - en het ontwikkelen van programma-formats.

Een programmaformule die aanslaat en veel mobiele toepassingen en sms'jes per week genereert, zorgt al voor een mooie bijdrage in de kosten. Daarnaast kan BNN op internet experimenteren met nieuwe programmaformules. Als die programma's aanslaan, kan de omroep het format doorverkopen aan buitenlandse omroepen. 'Rijk zullen we er bij BNN niet van worden', zegt Drillich. 'Dat hoeft ook niet, want dat is onze taak ook niet.'