De deplorabele praktijk van het Nederlandse tbs-systeem

Twee weken verhoren door de onderzoekscommissie tbs-beleid zijn ten einde. De behandelingen werken vaak niet, zo blijkt, en ook het toezicht op voormalige patiënten schiet tekort.

Verhoren van de onderzoekscommissie-tbs van de Tweede Kamer. Linksonder: voorzitter A. Visser. Linksboven: minister Hoogervorst (VWS) Rechtsonder: minister Donner (Justitie). Den Haag:24.3.6 Hoorzitting TBS. Commissievoorzitter Visser. © foto, Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

Den Haag, 25 maart. - Het waren chaotische taferelen, vorig jaar juni in de tbs-kliniek Veldzicht na de ontsnapping van de tbs'er Wilhelm S.. Hij pleegde vervolgens in Amsterdam een moord. Die affaire leidde tot grote politieke opwinding in de Tweede Kamer, waar minister Donner (Justitie, CDA) opnieuw onder grote druk kwam te staan om het verlofregime voor tbs'ers verder te verscherpen.

Patiënten van Veldzicht waren daar de dupe van. Hun verloven werden opgeschort. Wie buiten de kliniek woonde of werkte, moest terug naar de kliniek. Plaatsgebrek leidde ertoe dat patiënten in isoleercellen terecht kwamen, of overgeplaatst werden naar reguliere gevangeniscomplexen.

'Inhumaan', oordeelde de Raad voor Strafrechtstoepassing na onderzoek over de gang van zaken. Met bovendien een negatief effect op de behandeling van mensen die niets met de affaire-Wilhelm S. te maken hebben, aldus de raad in een rapport waar de tijdelijke onderzoekscommissie tbs-beleid uit de Tweede Kamer over beschikt.

Gisteren sloot die commissie haar laatste dag van openbare verhoren af met deskundigen uit de wereld van het gevangeniswezen en de tbs. Contraproductieve hysterie noemden meerdere deskundigen de ophef na ontsnappingen van tbs'ers. 'Moet je zo incidenteel reageren', vroeg oud-minister B. Korthals (Justitie, VVD), tot 2002 verantwoordelijk voor het tbs-beleid, zich gisteren af. 'Het maakt mensen in de inrichting extra voorzichtig. Hetzelfde geldt voor rechters, die gaan daardoor meer tbs opleggen.' Korthals richtte zich ook tot de Tweede-Kamerleden in de commissie. 'De Kamer is veel te incidenteel gericht geweest. Men maakt veel lawaai, haalt de publiciteit, maar het lost niets op en verlamt het systeem.'

Toch gingen de verhoren niet in de eerste plaats over dergelijke incidenten, of hooguit in de relativerende sfeer. Want de kans op slachtoffers door toedoen van een ontsnapte tbs'er is kleiner dan een incident met een ex-gedetineerde die in de fout gaat, of een voormalige cliënt van een justitiële jeugdinrichting. Die laatste groep vertoont het zelfs het hoogste recidivecijfer als het om zware criminaliteit gaat, zo kreeg de commissie afgelopen week voorgerekend.

De verhoren gaven wel een deplorabel beeld van het Nederlandse tbs-regime. Het aantal onbehandelbare patiënten in de long stay-afdelingen groeit; de aansluiting tussen de reguliere geestelijke gezondheidszorg en het tbs-regime is niet goed.

Bovendien dreigt bij ongewijzigd beleid het tbs-regime nog verder te verstopt te raken door een welhaast voorspelbare toestroom van jeugdcriminelen. Ook daar groeit het probleem van onbehandelbare psychiatrische criminelen snel. De behandelmethoden zijn zo onsuccesvol, dat jeugddetentie dreigt te verworden tot het voorportaal van tbs-opsluiting op meerderjarige leeftijd.

'We moeten in de pendule waarin het tbs-beleid zich nu bevindt, weer een nieuw monumentum vinden', zei commissie-voorzitter A. Visser tijdens de verhoren. Het is alleen de vraag hoe de commissie daar in mei haar vertaling aan geeft. In Duitsland was er eind jaren negentig vergelijkbare maatschappelijke commotie over het daar geldende tbs-beleid. Ook daar speelden toen geruchtmakende incidenten, zoals de psychiatrische crimineel die, eenmaal op vrije voeten, twee slachtoffers misbruikte en vervolgens om het leven bracht. Een daarna ingestelde parlementaire onderzoekscommissie leidde vervolgens tot wetgeving waarvan het maar de vraag is of dat het antwoord moet zijn, betoogde gisteren psychiater U. Dönisch-Seidel uit Noordrijn Westfalen voor de commissie, namens de landsregering verantwoordelijk voor het daar geldende tbs-beleid. Duitse rechters kregen de mogelijkheid om in vonnissen een extra strafbepaling op te nemen, de Sicherungsbewahrung als een vorm van preventieve hechtenis na de uitgezeten straf.

Dergelijke voorstellen zijn van de Nederlandse tbs-commissie niet te verwachten. Maar die zal wel met voorstellen komen om het toezicht op ex-tbs'ers en ex-gedetineerden te verlengen.

Gisteren werd minister Donner (Justitie, CDA) doorgevraagd over een door het eerste kabinet-Balkenende in 2002 afgeblazen wetsvoorstel om de voorwaardelijke vrijlating van tbs'ers te verlengen van drie naar zes jaar. Dat wetsvoorstel zal in de aanbevelingen van de tijdelijke commissie terugkomen, al was het maar omdat dat indertijd een breed gedragen wens van de Tweede Kamer is geweest. Diezelfde mogelijkheden van gedwongen behandeling en medicatie voor reguliere ontslagen gedetineerden of criminelen die na voorarrest weer op straat komen, zullen deel uitmaken van het pakket aanbevelingen.

Daarnaast behoeft de selectie van tbs'ers herijking. De tbs-klinieken worden in toenemende mate bevolkt door nauwelijks aanspreekbare patiënten bij wie de behandeling geen enkel doel meer dient. Of, zoals hoogleraar forensische psychiatrie H. van Marle betoogde: zorg voor een waterkering tussen de mad en de bad, de slechte mensen en mensen met een échte psychische storing.