Column

Auswitz

Dus in het Drentse Ruinen staat er Auswitz op een monument. Volgens mij
is Auschwitz een woord dat je niet verkeerd kunt schrijven. Waar ligt
Ruinen? Vlakbij Westbork? Hoeveel ogen van notabelen hebben die gedenksteen
gecontroleerd? Hoe schaamrood kleurde het comité bij de onthulling? Was
er graag bij geweest om die boeren onbedaarlijk hard uit te lachen om deze
auswitz van de eeuw.

Vergissen is menselijk. Ik merkte dat vorige week zaterdag toen ik bijna
een paar klappen mocht ontvangen. In een buurtwinkel werd ik lang en
vijandig aangestaard. Nou ben ik als zogenoemde Bekende Nederlander wel
gewend dat het volk schaamteloos naar me loert, maar meestal zijn het korte
besmuikte blikken. Dit keer niet. De man bleef heel lang kijken. Ik
verdiepte mij in de toonbank, maar als ik opkeek, staarde hij me aan. Toen
ik iets verder de winkel in liep om wat te zoeken, moest ik langs hem.
Terwijl ik dit deed stak hij zijn poot uit en struikelde ik bijna. Hij stak
lispelend van wal. Waar ik de gore moed vandaan haalde om het restaurant
van zijn vriend de grond in te schrijven? Hoe ik er bij kwam dat er aan het
interieur niets veranderd was terwijl zijn vriend voor vijftigduizend euro
geïnvesteerd had?

Ik keek totaal verbaasd en zei dat ik zelden of nooit over restaurants
schreef. En ik voegde er aan toe dat ik me het bewuste stukje niet kon
herinneren. Nu was ik helemaal een lafbek. Nog ontkennen ook. Omdat ik niet
erg sterk ben hou ik me verre van geweld en deed dus een paar stappen
achteruit. Toen ik later aan een vriendin vertelde wat me overkomen was,
wist ze onmiddellijk te vertellen om welke zaak het ging die afgekraakt was
door Johannes van Dam. Door wie? Door Johannes van Dam! Johannes is onze
Amsterdamse culinaire dorpsjournalist die wekelijks in een plaatselijk blad
over een restaurant in de stad schrijft. Hij kan een zaak maken of breken.

Ik mag te breed voor mijn lengte zijn, maar lijk in de verste verte niet
op de grijs bebaarde Johannes van Dam. Ik wil ook best wel wat klappen
opvangen voor een collega, maar ik wil niet sterven om de smaak van de
coquilles of de kalfsoester in een slechte eettent. Dit liep uiteindelijk
goed af. Maar stel dat een fundamentalistische vriend van Mohammed B. mij
aanziet voor Theodor Holman en mij met geweld duidelijk wil maken dat hij
dat dagelijkse gezever over mijn beste vriend Theo zat is? Moet ik dan
sterven voor Holman? Straks denkt de beste vriend van Holleeder dat ik Jort
Kelder ben omdat ik vroeger ook wel eens bretels droeg en moet ik uitleggen
waarom ik die foto met Endstra in mijn blaadje heb gezet.

U kunt zeggen dat dit soort vergissingen onmogelijk zijn, maar sinds ik
in een televisieprogramma zag dat men aan de relnicht Gordon uit ging
leggen dat de eveneens aanwezige Gerrit Komrij net als hij ook een ridder
van de bruine ster was, verbaast helemaal niets mij meer. Inmiddels is aan
Gordon ook verklapt dat niet alleen Komrij, maar ook Albert Verlinde, Paul
de Leeuw en zijn collegaatje Gerard Joling zo ruig als een kokosmat zijn.
Volgens mij is het handiger om in mijn business de hetero’s aan te wijzen.
Dan ben je in elk geval vlugger klaar.

Jaren geleden sprak ook in een winkel een man met een hondje mij aan.
Hij was een groot fan en wilde me graag een bepaald boek sturen. Of hij
mijn adres mocht? Dat kreeg hij niet. Maar hij moest en zou het sturen. Ik
gaf hem het adres van de VARA. Als hij het te mijner attentie daarheen
stuurde, dan kwam het vanzelf aan. De man bleef maar hameren hoe een grote
fan hij wel niet was en dat hij al mijn werk kende. Hij volgde mij al
jaren en ik was absoluut de beste van allemaal! Ik werd gek van de
complimenten en was blij toen ik de zaak kon verlaten. Bij het weggaan
groette ik hem beleefd. Op de drempel hoorde ik hem nog net zeggen: ‘Dag
meneer Büch!’