Weekboek 12

Carla Bogaards verkoopt extra boek door Doerian

Carla Bogaards heeft voor haar roman Roes de Gouden Doerian gekregen. Op 15 maart werd in een matte uitzending van het VPRO-radioprogramma De Avonden de prijs voor het slechtste boek van 2005 uitgereikt.

Volgens de Doerian-jury is Roes een “inhoudelijk niemendalletje, door onbeteugelde verteldrift opgepompt tot een boekwerk van honderd bladzijden.' Dat zal door de buitenwereld niet als groot nieuws zijn ervaren. Het winnende boek is nauwelijks verkocht of gerecenseerd. Wat is dan nog de zin van een Doerian? Fabian Stolk, juryvoorzitter: “Het is een vreselijk slecht boek, dat wel als literatuur de wereld ingestuurd is. Daar is het ons om te doen geweest.“

De commerciële gevolgen van de toekenning zijn merkbaar, maar beperkt. De Rotterdamse boekhandel Donner verkocht afgelopen week één exemplaar van Roes, evenveel als het afgelopen halfjaar. Athenaeum in Amsterdam signaleerde geen extra belangstelling voor het boek, waarvan alleen vorig jaar een exemplaar werd verkocht.

Bogaards' uitgever Nieuw Amsterdam heeft geen commentaar op de kwestie. Paul Sebes, literair agent van Bogaards, vindt de Doerian een flauwe, studentikoze aangelegenheid. “Ik zie de noodzaak er niet van in. Maar het ergste vind ik dat er zo op de man gespeeld wordt. Als je aan de kaak wil stellen dat er slechte manuscripten uitgegeven worden, geef de prijs dan aan de uitgeverij.“ Volgens Stolk is dat onzin: “Het is ons er niet om te doen schrijvers te kraken of reputaties te breken. De prijs is nadrukkelijk uitgereikt aan het boek. Op de oorkonde staat de naam van de schrijver ook niet vermeld, wel die van de uitgever. Maar de auteur heeft het ding wel gemaakt!“ De voorbereidingen voor volgend jaar zijn al in volle gang. Voor de Doerian 2007 neemt de organisatie ook contact op met leesclubs, “want wij zijn eigenlijk ook een leesclub, zij het eentje met een rare bril,“ grinnikt Stolk.

Bladeren door werelden van literatuur

Wie Jan Wolkers wil doorgronden, moet ook een beetje aan Jack Kerouac denken. Louis Couperus was niet alleen een Haagse grootheid, hij kreeg ook in Groot-Brittannië erkenning voor zijn werk.

Aldus de Nederlands-Vlaamse afdeling van babelguides.com. Die website geeft Engelstalige boekenliefhebbers een overzicht van buitenlandse boeken die in het Engels vertaald zijn. De Babelguide gidst de lezer langs de belangrijkste auteurs van een taalgebied, compleet met historische achtergronden en fragmenten uit hun werk.

Babelguide-bedenker Ray Keenoy schreef zijn eerste gids in boekvorm in 1995, over Italiaanse literatuur. De website volgde in 2001. “We willen een soort Michelin-gids voor literatuur zijn. Het gaat ons om het leesplezier.“ Geen literaire studie dus, maar een staalkaart, een handzaam overzicht. De Brit Keenoy beheert ook uitgeverij Boulevard, gericht op vertalingen van jonge buitenlandse schrijvers. Maar het wordt steeds moeilijker daar een markt voor te vinden. Want ook voor wie meer geraffineerde leeshonger heeft dan Dan Brown kan stillen, biedt de Engelstalige boekenwereld zeer veel keus. “Niet alleen Australiërs en Amerikanen zijn direct toegankelijk, maar ook auteurs uit de voormalige koloniale gebieden“, legt Keenoy uit. De Babelguides moeten dus ook meer gaan bieden. “De mogelijkheden van internet nemen razendsnel toe. We zijn nu bezig met een website over Portugese literatuur. Je kunt een kaart bekijken van Portugese schrijvers, fragmenten lezen uit hun werk. Of je kunt op een onderwerp zoeken, om te zien wie daarover heeft geschreven.“ Krijgen Nederland en Vlaanderen ook een eigen website? “Als deze af is gaan we fondsen zoeken voor de volgende. Want het is een kostbaar project.“

Schrijver vergrijpt zich aan telefoon Salvador Dalí

Ernest van der Kwast heeft de kreefttelefoon van Salvador Dali uit het museum Boijmans van Beuningen gestolen. Hij houdt zich even schuil in Cuba, maar zal snel terugkomen om ook een oude meester te stelen. Tenminste, dat schrijft hij in een persbericht. Van der Kwast werkt aan zijn nieuwe roman in de “straatgalerij' van het Rotterdamse museum. De straatgalerij moet de drempel naar het museum verlagen en is gratis toegankelijk. Van der Kwast is onderdeel van het project Cut for purpose. Cut for purpose snijdt gedurende anderhalve maand ruimtes uit een enorm kartonnen raster, zodat “de stedelijke dynamiek zich een weg kan banen in de museumruimte'.

In een dagboek op antennerotterdam.nl beschrijft Van der Kwast zijn intrek in het speciaal voor hem gesneden kartonnen kantoortje. Hij droomt van een meisje met sneeuwvlokjes in haar krullen en wordt geterroriseerd door plassende kleuters. En hij likt zich in bij de technische dienst, om erachter te komen hoe hij Dali's kreefttelefoon kan stelen. “Daarvoor heb ik een hele dag automaatespresso moeten drinken en seksistische grappen moeten aanhoren en vertellen', schrijft hij. De hyperactieve schrijver trekt graag rookgordijnen op. Achter de succesvolle debutant Yusef el Halal (Man zoekt vrouw om hem gelukkig te maken) bleek een schrijverscollectief te schuilen waar Van der Kwast deel van uitmaakte. In één van Yusefs verhalen worden de oude meesters uit het Boijmans gestolen. Van der Kwast debuteerde vorig jaar onder zijn eigen naam met Soms zijn dingen mooier als er mensen klappen.

Museum Boijmans ontkent dat de kreefttelefoon is gestolen. ,,Die staat gewoon op zijn plek,“ meldt de informatiebalie desgevraagd telefonisch.