KOOR 4

“Ik heb een heel bijzondere verassing“, zegt juf Wijskop. “Vandaag krijgen we hoog bezoek tijdens de repetitie van het koor!“

“Komt de koningin?“ vraagt Henriette. “Dan moet ik snel naar huis om mijn gouden strikjes in te doen en mijn kroontje op te zetten.“

“Denk toch niet altijd aan je uiterlijk“, zegt Tobias.

“Nee“, zegt juf. “De koningin is het niet, het is bezoek dat heel veel verstand van zingen heeft!“

“Snuffie en de kwispelito's?“ roept Henriette blij.

“Nee“, zegt juf. “Het is geen popzanger maar iemand die vaak in opera's zingt. Meer verklap ik niet, anders is de verrassing eraf.“

Als even later alle bassen, tenoren, alten en sopranen bij elkaar staan, wordt er op de deur geklopt. Juf Wijskop doet de deur open en er stapt een lange hond naar binnen. Ze heeft een prachtige jurk aan en er hangt een parfumlucht om haar heen.

“Zo wil ik later ook worden“, zegt Henriette zachtjes tegen Rintje.

“Jongens“, zegt juf. “Mag ik een applaus voor Loezewieza Hazewindus!“

Alle honden in de klas klappen in hun pootjes.

“Goedemorgen“, zegt Loezewieza. “Ik vind het heerlijk om bij jullie te zijn!“

“Ze praat heel keurig“, fluistert Tobias.

“Loezewieza gaat vandaag luisteren hoe ons lied klinkt“, zegt juf. “Ze zal niet alleen op het koor maar ook op de solisten letten. Dus Henriette, Suusje en Tobias doe je best!“

“Ik heb u al eens gezien“, zegt Rintje. “Samen met mijn oma in het Concertgebouw. Maar toen was u even uw stem kwijt!“

“Inderdaad“, zegt Loezewieza. “Dat is mij een keer overkomen. Maar gelukkig vond ik m'n stem op tijd terug en kon ik het prachtige lied “Toen onze mop een mopje was' toch zingen.“

“Maar nu ons lied“, zegt juf. Ze zwaait met haar liniaal en het koor begint. Eerst komen de bassen met als solist Suusje de meisjeshond. Daarna komen de alten en de tenoren. En als de sopranen aan het eind van het lied zijn, doet Henriette een stap naar voren en zingt haar solopartij. Na ieder couplet geeft Tobias natuurlijk zijn geweldige wolvenhuil.

Als het afgelopen is begint Loezewieza te klappen. “Geweldig“, zegt ze. “Ik heb nog wat kleine tips, maar het lied klinkt al prachtig!“

Ze stapt op Henriette af. “Je zingt de solo heel mooi, maar je moet iets meer op je stem letten en iets minder op je presentatie. Het lijkt nu alsof je alsmaar mooie gezichten staat te trekken en het gaat om het lied!“

Henriette knikt.

“Wat zei ik je“, fluistert Tobias. “Iets minder aan je uiterlijk denken.“

“En dan Suusje“, zegt Loezewieza. “Kom eens hier.“

Loezewieza legt haar poot op de buik van Suusje. “Je moet meer vanuit je buik zingen. Dan krijgt je basstem nog meer diepte. Probeer het maar.“

Suusje doet het voor en haar stem klinkt nu nog dieper.

“En dan Tobias“, zegt Loezewieza. “Op jou valt eigenlijk helemaal niets aan te merken. Je bent een natuurtalent! Als ik mijn ogen dicht doe lijkt het net of ik een woeste wolf hoor! De rillingen lopen me over de rug. Als jullie het lied gaan opvoeren kom ik graag kijken en luisteren. En als jullie het leuk vinden zing ik dan zelf ook een lied!“

“Geweldig, wat lief van u!“ zegt juf. “Mag ik nog een applaus van jullie voor Loezewieza Hazewindus?“

En terwijl Loezewieza de klas verlaat, klappen alle honden zo hard ze kunnen.

WORDT VERVOLGD

Meer over Rintje op www.rintje.nl