Chatten en televisie leuker dan huiswerk

Door chatten, televisie en baantjes maken scholieren hun huiswerk amper.

Gevolg is een florerende markt voor huiswerkbegeleiders.

Op een goed moment haalde Hansje alleen nog maar enen. Ze lacht, haalt haar schouders op. Dat gaf ruzie thuis natuurlijk. Maar dat chatten hè, dat is veel leuker dan huiswerk maken. “Ik ging naar mijn kamer om huiswerk te maken maar ik ging dan msn'en op de computer. Gewoon met vrienden. Urenlang. Ik had geen tijd voor huiswerk. Dan kwam mijn moeder boven en dan was ze bóós.“ Hansje, een goedlachs meisje van dertien met sproeten, zit in de tweede klas van het gymnasium in Bergen (Noord-Holland).

Nu zit Hansje elke middag twee uur lang te blokken in een omgebouwde garage in een woonwijk aan de rand van Bergen. Onder toezicht van Aart Wildeboer, een vriendelijke veertiger, die nog veertien andere tieners bij hun lesstof begeleidt. Hansje wilde aanvankelijk niet, maar in oktober moest ze van haar moeder. En krijgt ze hier plotseling zin om te leren? “Zin? Nee! Maar hier kan ik er niet onderuit.“

Vandaag druppelen Niek (13), Mike (14), Rob (15) en andere jongens binnen. De kleine achtertuin van Wildeboer staat vol fietsen. Ze nemen plaats aan een van de Ikea-tafeltjes die dienen als bureau. Aan de muur hangen landkaarten, de boekenkast staat vol naslagwerken. Het raam zou wel open mogen voor frisse lucht.

Huiswerkbegeleiders beleven mooie tijden. Cijfers ontbreken, maar scholen bevestigen dat steeds meer ouders betalen voor de begeleiding van hun kinderen na school. Concentratie kunnen ze thuis moeilijk opbrengen.

En dat geldt niet alleen voor kinderen die lijden aan een van de vele erkende leerstoornissen - dyslexie, adhd, faalangst - maar ook voor doodgewone pubers. Pubers die brommers, jongens of chatten interessanter vinden dan school. Of die zich afzetten tegen thuis omdat de ouders met elkaar overhoop liggen. De vraag naar huiswerkbegeleiding is zo groot dat gevestigde huiswerkinstituten telkens nieuwe vestigingen openen en op zoek zijn naar personeel, zo blijkt op hun websites.

Er zijn buiten school ook zo veel verleidingen, zegt José Kloosterman, lerares en hoofd van havo-4 en -5 op middelbare school “de Heemlanden' in Houten. “Er is de computer, de televisie, vrienden en baantjes.“ Tegelijk hebben scholieren in het studiehuis meer verantwoordelijkheid voor hun tijdsindeling dan vroeger - er is niet meer een leraar die dagelijks huiswerkopdrachten geeft. Kloosterman: “Kinderen hebben behoefte aan iemand die hen op weg helpt en leert plannen. Je moet je huiswerk plannen om alles op tijd af te krijgen.“

Door alle vernieuwingen in het onderwijs - met name invoering van het studiehuis - herkennen ouders het systeem niet meer, vertelt Kloosterman. Dat maakt ze onzeker bij het afdwingen om huiswerk te maken. Bovendien werken meer moeders dan vroeger waardoor er soms niemand thuis is om erop toe te zien dat de kinderen huiswerk maken.

Aart Wildeboer (historicus) was een jaar geleden op zoek naar een zinvol vak, toen zijn vriendin zei: “je moet weer lesgeven'. Hij richtte zijn garage in met bureautjes, adverteerde in het huis-aan-huisblad en de vraag was meteen groot. Tussen twaalf en zeven is hij huiswerkbegeleider, hij kan er nu al van leven. “Het zijn allemaal kinderen, veelal pubers, die om welke reden ook thuis niet kunnen leren. Hun ouders maken zich zorgen, maar hebben geen vat op het gedrag van hun kind.“

Eén leerling is het afgelopen jaar afgehaakt bij Wildeboer, omdat die de discipline niet kon opbrengen te komen. Alle andere scholieren die Wildeboer begeleidt, hebben voldoendes gehaald of zijn overgegaan. Tot grote opluchting van de kinderen, die mogen trakteren na elk goed cijfer dat ze halen. En, vooral, tot opluchting van hun ouders. Die hebben er veel voor over: 325 euro per maand per kind.

Inmiddels verwijst een enkele middelbare school in Bergen kinderen naar hem. Aart is “veel slimmer dan de leraren op school“, zegt Mike (14) desgevraagd, die in havo-2 zit. “Hij weet van elk vak wat af. Hij kan al je vragen beantwoorden.“

En, zeggen de kinderen unaniem, Aart maakt grapjes.

Huiswerkbegeleiding via internet is ook mogelijk, voor tachtig euro per maand. Bij de Zaanse aardrijkskunde-leraar Troostheide, bijvoorbeeld, die zo'n dertig leerlingen begeleidt in heel Nederland. Hij heeft software laten ontwikkelen waarmee scholieren hun huiswerk en studie voor proefwerken kunnen plannen. Vervolgens ziet hij er op toe dat ze het ook maken, vanachter zijn computer.

De leerling, die een contract tekent, is verplicht elke dag in te loggen en te melden wat hij die middag aan elk vak heeft gedaan. Wekelijks schrijft Troostheide een rapportje van tien zinnen in de trant van: “Je hebt deze week maar zestig minuten aan je huiswerk besteed, dat is wel erg weinig voor een vwo-4-leerling'. De software vraagt ook naar cijfers die een leerling nog niet heeft ingevuld voor een gemaakt proefwerk. Karel Troostheide: “Uit die cijfers blijkt al snel of het planningsysteem iets oplevert.“