'Een koude lente als nu kan de processierups stoppen'

De eikenprocessierups is een vaste bewoner van Nederland geworden. De eitjes van de hinderlijke rups komen binnenkort weer uit. De bestrijding is niet gemakkelijk.

Een late lente, zoals dit jaar, kan wel eens gunstig zijn. Een koud voorjaar zou ertoe kunnen leiden dat de jaarlijkse eikenprocessierupsplaag in Nederland dit jaar beperkt blijft. Dat zeggen artsen en entomologen die zich bezighouden met de bestrijding van de Thaumetopoea processionea, het hinderlijke en soms gevaarlijke eikenbladvretertje. 'Het zou kunnen dat de eitjes al uitkomen enkele weken voordat er blad aan de eiken komt. Daardoor kan grote sterfte onder de rupsen optreden. Maar zeker is dat niet', zegt entomoloog Henk Stigter van de Plantenziektenkundige Dienst van het ministerie van LNV in Wageningen.

De eikenprocessierups, afkomstig uit Zuid- en Centraal Europa, is de laatste jaren een vaste bewoner van Nederland geworden. Het is een nachtvlinder die haar eitjes eind augustus en begin september in de toppen van eikenbomen legt. In 1991 werden de eerste meldingen gedaan. Vijf jaar later was de overlast al zo sterk dat de wielrenners in de Tour de France, die dat jaar door Noord-Brabant reden, door hevige jeuk werden gehinderd. Een jaar later stortte de populatie gelukkig in.

Maar de laatste jaren nam de rups tegen de verwachting in weer in aantal toe. Inmiddels wordt er gesproken van een landelijke plaag. Alleen Noord-Nederland heeft nog geen last.

Het totaal aantal meldingen was vorig jaar misschien minder groot dan in 2004, maar het aantal meldingen van grote kolonies was groter dan ooit. 'We moeten helaas rekening houden met een permanente bewoning in Nederland', zegt expert Henk Jans, medisch milieukundige van de GGD's in Zeeland en Brabant.

De overlast is vooral in de periode tussen half mei en eind juni groot. Elke rups heeft een borstel met 60.000 tot 70.000 brandharen, aspergevormig met weerhaakjes, die zich vastzetten in de huid en de ogen, en daar irritatie en ontstekingen veroorzaken, soms tot blindheid en neurologische uitval aan toe.

'Vergelijk het met glasvezel', zegt Henk Jans, een van de drijvende krachten achter een interprovinciale expertgroep. 'Iedereen die wel eens een zolder heeft verbouwd en glasvezel als isolatie heeft gebruikt, weet hoe dat voelt.'

Kinderen zijn extra kwetsbaar, doordat zij buiten spelend vaker aan de rupsen worden blootgesteld. Maar er zijn vorig jaar ook paarden en schapen aan de aanwezigheid van de rups bezweken. Sommige particulieren werden drie maanden lang geëvacueerd. Campinghouders zijn volgens Jans begrijpelijkerwijs 'terughoudend' met informatie over de plaag aan hun gasten. Toch zullen ze 'alert' moeten zijn.

Gemeenten vragen zich af wat de beste methode van bestrijding is, al was het maar om bij overlast en schade niet door boeren en burgers aansprakelijk te worden gesteld. De nesten op de eiken kunnen worden weggebrand, weggezogen of bespoten met chemisch of biologisch bestrijdingsmiddel. Problematisch is dat de nesten vaak behoorlijk hoog in de bomen zitten, waardoor bestrijders er moeilijk bij kunnen.

De resultaten van de bestrijding laten soms te wensen over, in enkele gevallen werd vorig jaar slechts 20 procent vernietigd.

Dat komt, zegt insectkundige Stigter, doordat er vermoedelijk is bestreden op het moment dat de rupsen in een soort rustperiode verkeerden en geen voedsel opnemen, en dus ook geen bestrijdingsmiddel . 'Ze voelen dan alleen een soort koude rilling over hun rug gaan', zegt Stigter. 'En áls de rupsen het middel opnemen, dan worden ze er soms hooguit alleen even misselijk van.' Daarom is het zaak om bij de bestrijding niet een standaardprogramma af te werken, maar goed op te letten wanneer de rupsen op de eiken daadwerkelijk in processie over de eiken schuifelen. Als de rupsen 'in polonaise lopen', zegt Stigter, 'is de kans op eliminatie het grootst.'