Beslissen of zwijgen

De F1 wil vóór 31 maart weten welke teams ook na 2007 gaan deelnemen.

Later aanmelden mag, maar dan verliest een team inspraak in het nieuwe reglement.

De komende twee weken worden beslissend voor de toekomst van de Formule 1. Teams die nog een woordje willen meespreken over de reglementen, kregen gisteren van de internationale automobielfederatie FIA te horen dat ze tegen eind maart moeten beslissen of ze na 2008 nog willen deelnemen aan de Grote Prijzen. Later beslissen mag, maar dan mag een team niet meer mee onderhandelen over het nieuwe reglement. Nu beslissen of straks zwijgen, is dus de boodschap.

Die boodschap is vooral bedoeld voor Renault, BMW, DaimlerChrysler's Mercedes, Honda en Toyota. De vijf autoconstructeurs hebben zich verzameld in de Grand Prix Manufacturers Association (GPMA) en dreigen er al enkele jaren mee om vanaf 2008 een alternatief voor de Formule 1 te beginnen.

De teams eisen meer inspraak in de organisatie van de sport en vooral ook een groter deel van de omzet. De populairste autosport-discipline ter wereld genereert nu jaarlijks een opbrengst van bijna 1 miljard euro, maar daarvan wordt 'slechts' 230 miljoen euro herverdeeld onder de teams. Bernie Ecclestone, de commerciële rechtenhouder van de F1, verdient het meeste aan de sport.

Omdat de teams dít niet langer pikken, ontstond het plan voor een alternatief kampioenschap. Het plan is niet echt concreet, maar de autobouwers hopen hiermee Ecclestone onder druk te zetten. Want zonder vijf topteams verliest de F1, goed voor bijna 200 miljoen tv-kijkers per Grand Prix, een groot deel van zijn aantrekkingskracht.

De afgelopen maanden leek een einde te komen aan het slepende conflict. De Britse risicokapitaalgroep CVC Capital Partners bereikte een akkoord met Bayerische Landesbank, JP Morgan Chase en Lehman Brothers om hun aandelen in de F1-holding SLEC over te nemen. CVC kreeg daarvoor begin deze week ook de toestemming van de Europese Commissie. Na een ingewikkelde aandelenruil zou CVC 75 procent van de F1 in handen hebben, Ecclestone een kwart.

De opstandige autoconstructeurs hebben wel vertrouwen in de Britse risicokapitalist. Het overnameplan, eind vorig jaar, werd met applaus begroet. Na de goedkeuring door de Europese Commissie liet een woordvoerder van de GPMA weten dat de kans op een breuk in de F1 nu wel heel klein was geworden.

De teams hoopten op een lange onderhandelingsronde, maar die hoop werd gisteren de kop ingedrukt. Eerst moeten zij zich loyaal tonen aan de F1, pas daarna kunnen ze mee aan de onderhandelingstafel. Daarmee hebben FIA-voorzitter Max Mosley en zijn vriend Ecclestone de duimschroeven weer wat aangedraaid. De organisatie van de F1 wil voor de periode 2008-2012 maatregelen introduceren om de kosten te beperken, terwijl de grote teams juist willen experimenteren met allerhande dure snufjes.