Bedrijfsleven: maak einde aan protectie

Aan het herlevende protectionisme in de Europese Unie moet een einde komen. Deze oproep doen de leiders van 47 grote ondernemingen in een brief aan de 25 Europese regeringsleiders.

Die komen vandaag en morgen bijeen in Brussel, hoofdzakelijk om te praten over de toekomst van de Europese economie.

Met de brief mengt het Europese bedrijfsleven zich in de strijd over de bescherming van nationale industrieën. Binnen de Unie groeit al enige tijd onenigheid over maatregelen die sommige lidstaten nemen om hun industrie te beschermen. Vooral Frankrijk en Italië staan recht tegenover elkaar, met name in de energiesector.

'Verantwoordelijke politici nemen geen onverantwoordelijke beslissingen. Ze moeten zich sterk verzetten tegen dat soort neigingen in het belang op de lange termijn van hun kiezers.' Dat schrijft Nokia-topman Jorma Ollila aan de Europese regeringsleiders namens de Europese Ronde Tafel van Industriëlen. Dat is een overlegorgaan van topmensen uit het Europese bedrijsleven.

Uit Nederland zijn onder anderen managers van Philips, Unilever en Shell bij dit forum aangesloten. Opmerkelijk is dat ook de leiders van twee energiebedrijven, het Frans-Belgische Suez en het Spaanse Endesa dat zijn. De Franse en Spaanse regeringen willen niet dat die bedrijven worden over genomen door buitenlandse partijen. Ze zien liever 'nationale kampioenen' ontstaan dan Europese. Met die opstelling ontketenden ze de afgelopen weken een felle discussie over 'economisch pattriotisme' in Europa. Voorzitter Barroso van de Europese Commissie waarschuwde voor 'nationalistische retoriek'.

De regering-Berlusconi werkte de afgelopen dagen al aan een diplomatiek offensief tegen protectionisme in Europa. Een Italiaans energiebedrijf wil graag het Belgisch-Franse Suez overnemen. De Italiaanse minister van Financiën stelde een verklaring op waarin een aantal regeringen het 'economische nationalisme' zou veroordelen. Maar gisteren werd duidelijk dat Italië op onvoldoende steun kon rekenen voor het initiatief. Zweden, Finland, Ierland en ook Nederland waren het inhoudelijk wel eens met Italië, maar achtten het moment voor een dergelijke actie niet opportuun.

De Europese regeringsleiders praten in Brussel over de vraag hoe ze de concurrentiekracht van Europa kunnen vergroten met het het oog op de opkomst van nieuwe grootmachten als India en China. Ze zullen onder meer spreken over een voorstel van de Europese Commissie voor een gezamenlijk energiebeleid. Aanleiding is de crisis rond Gazprom. Dit Russische energiebedrijf draaide begin dit jaar de gaskraan dicht, waardoor enkele landen in problemen dreigden te komen. De Commissie heeft voorgesteld grotere reservevoorraden gas te gaan aanleggen.

LISSABON:pagina 17