Tbs-problemen waren al jaren bekend

De problemen met het tbs-beleid waren in 1999 ook al bekend. Te veel nieuwe tbs'ers erbij in de kliniek en te weinig eruit. 'Geen enkel ander land heeft zo'n tbs-systeem als Nederland. Het groeit uit z'n krachten.'

Versnelde uitstroom van tbs'ers uit de klinieken, goede opvang van ontslagen tbs'ers in de reguliere psychiatrie. En aanpassing van wetgeving om die psychiatrische opvang mogelijk te maken, desnoods met vormen van dwangverpleging. Dat was in 1999 de inzet van toenmalig minister Korthals (Justitie, VVD) om het Nederlandse tbs-beleid te moderniseren.

Een operatie die snel uitgevoerd moest worden, schreef Korthals toen in een brief aan de Tweede Kamer, al was het maar om het maatschappelijk draagvlak voor het tbs-beleid te behouden.

De gemiddelde behandeltijd was gestegen van vijf naar zeven jaar, zo was toen al uit onderzoek naar het tbs-beleid gebleken. Het ontbrak aan professionele deskundigheid in de sector zelf, de juridische mogelijkheden van dwangbehandeling schoten tekort en de reguliere psychiatrie had onvoldoende mogelijkheden om ex-tbs'ers te behandelen of te begeleiden. Volgens Korthals moest het tbs-beleid op de schop en konden de meeste maatregelen nog voor de verkiezingen van 2002 worden ingevoerd.

Komende vrijdag mag Korthals voor de tijdelijke onderzoekscommissie van de Tweede Kamer naar het tbs-stelsel uitleggen waarom die operatie zonder resultaat is gebleven. Want dat bleek vorige week na de eerste verhoren van die commissie. Deskundigen zeiden dat de instroom van nieuwe tbs'ers juist is gestegen, terwijl de uitstroom verder stagneerde. Per saldo komen er daardoor op jaarbasis zo'n 120 tbs'ers bij.

Ook het aantal onbehandelbare patiënten in de zogeheten long stay-afdelingen is gestegen. Tbs'ers die met begeleiding weer zouden kunnen resocialiseren, komen onvoldoende buiten omdat de reguliere psychiatrische hulpverlening nauwelijks overweg kan met deze patiënten. Al was het maar omdat er onvoldoende wettelijke mogelijkheden zijn om behandeling, zoals verplichte medicatie, af te dwingen. De meeste knelpunten die Korthals in 1999 in zijn brief opsomde, zijn in de daarop volgende jaren verergerd.

De eerste week van de verhoren was vooral een inventarisatie van de gebreken in het tbs-stelsel en de reguliere psychiatrie, zoals die ook al in 1999 waren vastgesteld. Maak een onderscheid tussen 'mad' en 'bad', was het pleidooi van de eerste deskundige die gehoord werd, professor H. van Marle, hoogleraar forensische psychiatrie. Plaats onbehandelbaren of ongemotiveerden in aparte afdelingen waar ze alleen voor hun gevaarlijke en impulsieve gedrag verpleegd worden. Een onderscheid dat volgens andere deskundigen niet gemaakt kan worden. 'Ze zijn bad omdat ze mad zijn', betoogde het hoofd behandeling van de kliniek Rooyse Wissel in Venray, M. Abbenhuis.

Bijzonder hoogleraar forensische psychiatrie C. de Ruiter voegde daar vrijdag nog een argument aan toe. Tbs-klinieken toetsen hun behandelmethoden nauwelijks op effectiviteit. Ze houden de deuren ook het liefst gesloten voor buitenstaanders. Het gevolg hiervan is, dat nieuwe behandelingen of medicatie niet, of onvoldoende, toegepast worden. Psychotische patiënten heten al snel onbehandelbaar te zijn en lopen het risico op een long stay-afdeling geplaatst te worden. Maar er zijn inmiddels nieuwe medicijnen voor psychoses op de markt die effect kunnen hebben.

Veel deskundigen schreven de gebrekkige aansluiting van het tbs-regime op de reguliere geestelijke gezondheidszorg toe aan de antipsychiatrische stroming uit de jaren zeventig. Dat was een stroming die vooral de terugkeer van de psychiatrische patiënt in de samenleving bepleitte. Behandelpaviljoens werden in die tijd gesloten, de deskundigheid over behandeling van psychotische patiënten is daarna binnen tien jaar verdwenen, betoogde Van Marle. Zo werd de tbs-kliniek de afgelopen jaren het afvoerputje van nauwelijks behandelbare patiënten, zeiden de deskundigen.

Consensus over de vraag hoe een nieuw tbs-beleid moet worden vormgegeven, was er tot nu toe in de verhoren nog niet. 'We hebben al tachtig jaar een tbs-systeem dat door geen van de ons omringende landen is overgenomen,' aldus strafrechtadvocaat C. Korvinus. 'En met de huidige toeloop groeit dit beleid uit zijn krachten.'

Deze week komen deskundigen uit Duitsland en Groot-Brittannië aan het woord over de vraag hoe in die landen wordt omgegaan met ontoerekeningsvatbare criminelen. De onderzoekscommissie buigt zich verder over de vraag hoe voorkomen kan worden dat de huidige jeugdproblematiek op termijn een nieuwe toeloop op het tbs-regime veroorzaakt. Want de meeste delinquenten die tot tbs veroordeeld worden, hebben een lange voorgeschiedenis in de reguliere psychiatrische hulpverlening of de reclassering.

    • Jos Verlaan