Het andere oude Amerika

Charles C. Mann bracht de verzamelde stukjes van de pre-Columbiaanse puzzel bijeen in een boek. 'Het ene na het andere ingesleten beeld van het oude Amerika kan in de prullenbak.'

Op het omslag staat een fraaie impressie van Tenochtítlan, hoofdstad der Mexica of Azteken. Vorige week verscheen 1491 - De ontdekking van Precolumbiaans Amerika van Charles C. Mann, medewerker van het tijdschrift Science. Het zet de resultaten van twintig jaar wetenschappelijk onderzoek op een rij.

Mann maakt korte metten met het inheemse Amerika van de schoolboekjes: passief, primitief en in de confrontatie met Europa gedoemd te verdwijnen. In Amerika was het boek onder de titel 1491 - New Revelations of the Americas before Columbus een bestseller. 'Een mijlpaal', schreef de Boston Globe, 'het ene na het andere ingesleten beeld van het oude Amerika kan in de prullenbak.'

Mann merkte dat zijn zoon dezelfde lesjes kreeg over inheems Amerika als hijzelf in de jaren zeventig. Hij raadpleegde wereldgeschiedenissen uit verschillende landen en kwam tot de conclusie dat er nooit meer dan vijf tot negen bladzijden waren gewijd aan pre-Columbiaans Amerika. 'Ongelooflijk', verzucht de auteur tijdens een gesprek in Amsterdam, 'we hebben het over de halve aardbol en minstens 20.000 jaar van het verhaal van de mens.'

Hij vertelt: 'Op school leren wij drie dingen over de inheemse Amerikanen: zij liepen 12.000 jaar geleden via de drooggevallen Beringstraat naar Amerika; zij leefden - met uitzondering van Mexico en Peru - in kleine, verspreide groepen en zij drukten een zó gering stempel op het natuurlijke milieu dat toen Columbus er landde, Amerika grotendeels een maagdelijke wildernis was. Alledrie deze voorstellingen zijn fout.

'Een meerderheid van onderzoekers meent dat de eerste mensen 20.000 à 35.000 jaar geleden naar Amerika kwamen. Schattingen van aantallen 'indianen' op het moment dat Columbus landde, schommelen nu rond 60 miljoen. Verder drukte de Amerikaanse mens een dramatisch stempel op het milieu. Als er al sprake was van een maagdelijke wildernis, dan moest men die zoeken in het hoge noorden. Bijna overal elders was sprake van een door mensenhand veranderd landschap. Zelfs in het Amazonegebied.'

Nog maar twintig jaar geleden ging men uit van minder dan 10 miljoen mensen. Het verschil met de huidige schatting van 60 miljoen is enorm. Mann: 'Enkele tientallen miljoenen mensen betekent grootschalige, ontwikkelde samenlevingen met infrastructurele werken en een hoge druk op het milieu. En de schattingen blijven stijgen omdat men steeds nieuwe vondsten doet. Een paar jaar geleden liet Vermont als eerste Amerikaanse staat een compleet archeologisch onderzoek uitvoeren op zijn grondgebied. Er werden meer dan 3.000 nieuwe locaties gevonden. In prehistorisch Vermont hebben veel meer mensen geleefd dan men voor mogelijk hield. Onlangs zijn in Patagonië in Argentinië grotschilderingen gevonden van 9.000 jaar oud.'

In de jaren dertig van de vorige eeuw vond een boer in de buurt van Clovis, Nieuw-Mexico, de resten van dieren en pijlpunten, sporen van een zeer oude cultuur. Aan het einde van de jaren vijftig werden deze gedateerd met de nieuwe C-14-methode; ze bleken ongeveer 12.000 jaar oud te zijn. Dus niet veel ouder dan het tijdstip waarop de eerste mensen, volgens toen bestaande inzichten, via de Beringstraat naar Amerika waren gekomen. Deze Cloviscultuur, die zou hebben gedraaid om de jacht op groot wild, moest dus wel de oudste zijn van het Amerikaanse continent. Er zijn niet veel onderzoekers die deze stelling nog onderschrijven.

Mann: 'In de jaren 1977-1985 werd in Chili het prehistorische dorp Monte Verde blootgelegd. Dat bleek ten minste even oud als de Cloviscultuur en ligt 11.000 kilometer naar het zuiden. Menige onderzoeker is nu van mening dat het veronderstelde, korte bestaan van een ijsvrije corridor in de Beringstraat richting zuiden onbewezen is. De eerste Amerikanen arriveerden waarschijnlijk eerder, mogelijk per boot.'

Het boek schetst een prehistorisch landschap vormgegeven door mensenhand. Mann: 'Onder archeologen wordt nu hooguit nog gedebatteerd over het percentage van het Amazonebekken dat ooit door mensen is beplant. De schattingen variëren van 25 tot tegen de 100 procent. Twee jaar geleden woonde ik een bijeenkomst bij van archeologen en ecologen. De laatste waren sceptisch, maar ze werden overweldigd door het archeologische bewijsmateriaal. Zij wisten niets over terra preta, de vruchtbare donkere aarde der bosindianen, vol pre-Columbiaanse potscherven die er duizend jaar geleden zijn begraven om de grond te beluchten. Zij wisten ook niet dat er in Amazonia zaden met toenemende grootte zijn gevonden, een sterke aanwijzing voor selectieve aanplant van soorten.'

Deze rijke en dichtbevolkte wereld stortte ineen na de komst van de Europeanen, vooral door de verwoestende werking van de pokken en andere Europese ziekten, waartegen de inheemse bevolking geen weerstand had.

Charles C.Mann, '1491 - De ontdekking van Precolumbiaans Amerika'. Nieuw Amsterdam/Manteau, ISBN 90-8625-002-5. Prijs: 34,95 euro.