'Afval zoekt het laagste punt'

Europese regels voor de export van afval worden op grote schaal overtreden. Milieu-staatssecretaris Van Geel zegt dat handhaving afhangt van andere landen. 'Wat is het alternatief?'

Staatssecretaris P. van Geel over illegaal afval: 'Onaanvaardbaar veel.' Foto Roel Rozenburg DENHAAG:27MEI2003 Staatssecretaris Pieter van Geel (Duurzaamheid). FOTO TWEEDE CAMER/HANS KOUWENHOVEN/ROEL ROZENBURG Rozenburg, Roel

'Onaanvaardbaar veel.' Dat zegt staatssecretaris Pieter van Geel (VROM, CDA) over de hoeveelheid afval die illegaal de Europese Unie verlaat.

In januari verliep eenderde van de afvalexport uit Nederland en acht andere EU-landen illegaal, zo bleek vorige week. Vorig jaar ging het zelfs om de helft. Vergeleken daarbij is de 20 procent die in 2004 onwettig verliep, nog weinig.

Om hoeveel afval het in absolute zin gaat, valt moeilijk te zeggen. De cijfers zijn gebaseerd op steekproefsgewijze controles. Vast staat wel dat de 25 EU-landen jaarlijks 1,3 miljard ton afval verwerken.

Illegaal afval verdwijnt doorgaans naar derdewereldlanden. Strenge EU-normen voor recycling en hoge stortbelastingen maken het lucratiever om afval in Afrika te dumpen dan het in Europa te verwerken. Dat derdewereldlanden het zelden erg nauw nemen met naleving van transport- en milieuvoorschriften, werkt dumping in de hand.

Het grote aantal overtredingen is aan het licht gekomen door gelijktijdige controles. Sinds de eerste actie, in 2003, hebben dertien EU-landen aan de controles meegedaan. Behalve Nederland zijn dat Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Spanje, Ierland, Zweden, Portugal, Polen, België, Slovenië, Malta en Letland.

Initiatiefnemer van de gelijktijdige inspecties is Nederland. Bedrijven in Nederland klaagden enkele jaren geleden dat buitenlandse ondernemingen Nederland gingen mijden door streng optreden van de VROM-inspectie. Daarop spoorde Nederland andere landen aan om mee te doen. Gezamenlijke handhaving wordt vergemakkelijkt doordat alle EU-landen dezelfde regels hanteren voor export van afval naar buiten de EU.

Deze week bespreken de landen de resultaten van de inspecties.

Aanbieders van illegaal afval laten zich niet afschrikken, getuige de vele illegale transporten. Moet er niet strenger worden gecontroleerd?

'Strenger controleren heeft alleen zin als andere landen dat ook doen. Anders vertrekt het afval wel ergens anders. Afval is als water, het stroomt naar het laagste punt. Dat voorkom je alleen door overal gelijktijdig te controleren.'

Frankrijk en Zweden, die vorig jaar de meeste overtredingen vaststelden, hebben dit jaar niet meegedaan aan de controles. 'Capaciteitsgebrek', zeggen zij. Zo blijft het dweilen met de kraan open.

'Persoonlijk vind ik dat handhaving een grotere prioriteit verdient binnen de EU. Niet voor niets is Nederland initiatiefnemer van de onderling afgestemde inspecties.

'Maar we moeten het doen met de kaders van de Europese milieuwetgeving, die bepalen dat handhaving een zaak is van de lidstaten. Je kunt hoogstens afspraken maken en via overtuigingskracht andere landen bewegen om ze na te leven.'

En controles door Brussel zelf?

'Ik ben voor toezicht dat het niveau van subsidiariteit ontstijgt, maar het klimaat in de EU is er nu niet naar.'

Moeten de importerende landen niet harder optreden ?

'We vragen ze om toestemming voor de export. Mist de douane daar kennis van gevaarlijke stoffen, dan proberen wij hier de kraan dicht te houden. Maar toezicht op handhaving daar is lastig. Handhaving is iets voor ontwikkelde landen.'

U wilt dat het bedrijfsleven meer doet tegen afvaldumping. Hoe?

'Het bedrijfsleven is heel gevoelig voor reputatieschade. Doe een moreel appèl op ze.'

Dat klinkt vrij machteloos.

'Je kunt niet ieder bedrijf aanspreken, maar je kunt wel de toon zetten. Als je duidelijk maakt wat zware metalen en dioxine doen met kinderen in de Derde Wereld, gaan mensen hier zich afvragen: 'durven wij daar verantwoordelijk voor te zijn?'

'Waarom laten we oude boorplatforms niet meer afzinken maar demonteren we ze? Door alle aandacht voor de Brent Spar (het olieplatform dat in 1995, na grote maatschappelijke druk, niet werd afgezonken, red.).

'Wij bureaucraten moeten gewoon ons werk doen en regels maken en handhaven; de urgentie moet komen door de maatschappelijke aandacht.Doorbraken op milieubeleid worden uiteindelijk gemaakt door krantenkoppen en foto's.'

Maar ook hier geldt: zonder steun van andere landen lukt het niet.

'We kunnen twee dingen doen. We kunnen roepen roepen 'jammer dan'. En we kunnen proberen met kleine stapjes verder te komen. Daarover kun je denigrerend doen, maar wat is het alternatief?'