Tribunalen brengen rechtvaardigheid, niet altijd vrede

De dood van Milosevic voedt de vraag of landen in conflict wel het beste af zijn met een tribunaal voor oorlogsmisdaden. Een niet-juridisch middel heeft soms meer resultaat.

Enkele oorlogstribunalen. Met de klok mee van linksboven: Slobodan Milosevic voor het Joegoslavië-tribunaal, het Neurenberg-tribunaal in 1946, Jean-Paul Akayesu voor het Rwanda-tribunaal en het Tokio-tribunaal in 1947. Foto's respectievelijk AP, AFP, AFP, AP December 1995 picture of former teacher and mayor of Taba, Jean-Paul Akayesu in Arusha. Rwandan Hutu Akayesu, the first suspect to be tried by the International Criminal Tribunal for Rwanda on genocide charges for his part in the country's 1994 ethnic massacre, appeared in court 09 January and declared himself not guilty.. AFP

Het aanzien van het Joegoslavië-tribunaal mag een deuk hebben opgelopen met de dood van hoofdverdachte Slobodan Milosevic, zaterdag in zijn Scheveningse cel. Maar dit en andere tribunalen voor de berechting van oorlogsmisdadigers waren al eerder omstreden.

Internationaal woedt al jaren een debat over de vraag of zulke tribunalen niet eerder schade aanrichten dan goed doen. Ze zouden de wederopbouw in (voormalige) oorlogsgebieden in de weg staan, en bovendien politiek gemotiveerd zijn, veel te traag opereren en ook nog eens handen vol geld kosten.

'De dood van Milosevic dwingt ons nog eens de vraag onder ogen te zien: wat willen we eigenlijk met dit soort processen bereiken?', zegt Helena Cobban, Amerikaans schrijfster over de mensenrechten van wie dit najaar het boek Amnesty after Atrocity? Healing Nations after Genocide and War Crimes verschijnt.

'Bij veel westerse regeringen, en ook bij organisaties voor de mensenrechten, is de steun voor dit soort rechtspraak een geloofsartikel geworden', zegt Cobban. 'Men bekommert zich veel te weinig om de vraag of de rechtsgang en de vonnissen wel bijdragen aan het oplossen van de conflicten die tot de gepleegde misdaden hebben geleid.'

'Rechtvaardigheid wordt al te vaak gedefinieerd als een zorgvuldig verloop van het proces. Terwijl een betere toekomst van het door oorlog getroffen land en het bouwen van een stevige politieke orde minstens zo belangrijk zijn voor het bereiken van rechtvaardigheid. Een commissie voor waarheid en verzoening, zoals die bijvoorbeeld in Zuid-Afrika heeft gefunctioneerd, kan daar vaak meer aan bijdragen dan een tribunaal. En als je een conflict kan oplossen door amnestie te verlenen, dan moet je maar even flink slikken, hoe pijnlijk dat ook kan zijn.'

De onverwachte afloop van het proces-Milosevic heeft volgens Cobban bovendien bevestigd 'hoe kwetsbaar de hele machinerie van de oorlogstribunalen is. Deze processen draaien altijd om de rol van individuen in een oorlogsituatie. En als zo'n individu wegvalt - door lichamelijke of psychologische problemen, door zelfmoord of een natuurlijke dood - dan zakt de hele rechtszaak in. Niet alleen kan dan de schuld niet meer worden vastgesteld, ook de waarheidsvinding schiet erbij in.'

Sinds de oprichting van het Joegoslavië-tribunaal in 1993, in opdracht van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, zijn er tribunalen gekomen voor onder andere Rwanda, Sierra Leone en Irak - het eerste in VN-verband, het tweede door de VN en Sierra Leone samen, en het derde als volledig Iraakse aangelegenheid. Een tribunaal voor de misdaden van de Rode Khmer in Cambodja is in oprichting. En in 2002 is het Internationale Strafhof in Den Haag opgezet, een permanent tribunaal voor oorlogsmisdaden.

'Het Joegoslavië-tribunaal is een pionier geweest', zegt Gary Bass van de Amerikaanse Princeton universiteit, auteur van het boek Stay the Hand of Vengeance, The Politics of War Crimes Tribunals. Hij neemt het op voor het VN-hof in Den Haag waar Milosevic terechtstond. 'Het is verschrikkelijk dat hij is overleden voordat er een vonnis was', aldus Bass, die de zaak drie jaar geleden de belangrijkste gebeurtenis voor de internationale gerechtigheid noemde sinds het proces tegen de Duitse oorlogsmisdadiger Adolf Eichmann, in 1961. 'Dit was dé zaak van het tribunaal. Mensen die hun ogen willen sluiten voor de geschiedenis kunnen nu zeggen: zijn schuld is nooit door de rechter bewezen, dus moet je hem als onschuldig blijven beschouwen. Dat is een ramp.'

'Ik had graag gezien dat het sneller was verlopen. Maar dit proces heeft enorm veel informatie opgeleverd, en dat is ook veel waard. Zo'n tribunaal is er niet alleen om vonnissen te wijzen, maar ook om vast te leggen wat er gebeurd is. Dat kan belangrijk zijn voor andere processen, maar ook voor volgende generaties, als er mensen opstaan die de misdaden in twijfel trekken.'

Uit een oogpunt van bescherming van de mensenrechten, erkent Bass, is niet het vervolgen en veroordelen van oorlogsmisdadigers het belangrijkste, maar het stoppen van de misdaden. 'En daar heb je vaak andere dan juridische middelen voor nodig - bijvoorbeeld militaire middelen, of afspraken over amnestie of een waarheidscommissie.

'De NAVO had op de Balkan misschien wel graag een waarheidscommissie gehad in plaats van het tribunaal, dan had er van gevaarlijke arrestaties helemaal geen sprake hoeven zijn. Maar alleen al de symbolische waarde van de arrestaties en de processen is enorm - ook voor de toekomst. De hele wereld kon zien dat zelfs een voormalig staatshoofd zich moest verantwoorden voor zijn daden.'

De Nederlandse emeritus-hoogleraar volkenrecht P. de Waart vindt dat het Joegoslavië-tribunaal wel waardevolle jurisprudentie heeft opgeleverd. Bovendien vindt hij het goed dat staten die kwaad in de zin hebben voortaan beseffen dat er 'een internationaal oog' is dat meekijkt.

Maar De Waart heeft scherpe kritiek op de opzet en aanpak van het tribunaal in Den Haag. Hij hekelt 'de grote mate van vrijheid van de aanklager'. Zij heeft niemand boven zich, zegt De Waart, 'die af en toe tegen haar kan zeggen: Is dat nu wel verstandig? Een tribunaal is maar een middel. Het moet ingebed zijn in een democratische samenleving, anders wordt het een doel op zich. '