Over de bulten van Ezinge naar Aduard in plat Groningen

Karin de Mik hoort dat een eeuwenoude bult bij Aduard de basis is van de Rijksuniversiteit Groningen. Op ontdekkingstocht langs de wierden

WIERD: kunstmatige woonheuvel, hier bij Ezinge Foto Sake Elzinga Nederland-Ezinge (GR)-22-04-2003. Wierde dorp Ezinge met kerk op terp. Foto: Sake Elzinga Elzinga, Sake

Wie Nederlands oudste cultuurlandschap wil zien, moet naar Groningen. Het Oost-Groningse dorp Ezinge is bekend om zijn 'Grunninger kouke' (koek), maar bekender nog om de bult bij het dorp: de wierde, een kunstmatige woonheuvel, waarop een Romaans kerkje staat. Ruim 2.600 jaar geleden legden onze voorouders verhogingen van klei, mest en huisvuil aan, als bescherming tegen de zee. Pas in de middeleeuwen werden de eerste dijken aangelegd. In het Museum Wierdenland van Ezinge is nog een ouderwetse diavoorstelling te zien over de woonterp, die in de vorige eeuw voor een groot deel werd afgegraven. Vruchtbare terpaarde - wierden worden ook wel terpen genoemd - was erg gewild.

De wierde van Ezinge is zo beroemd, omdat het de eerste mysterieuze bult was die door een archeoloog wetenschappelijk werd onderzocht. Prof. Albert Egges van Giffen (1884-1973), een eigenzinnig man, die op zijn motorfiets het Groninger land doorkruiste, liet in 1933 de Ezinger wierde afgraven. Hij ontdekte dat de mysterieuze bulten geen grafheuvels waren, zoals eeuwen werd gedacht en de bewoners waren ook geen vissers, zoals de Romein Plinius meende. Nee, de wierden waren woonheuvels voor veehouders. Van Giffen trof resten aan van gave woonstalhuizen, met wanden van vlechtwerk, klei en mest. Hét bewijs dat onze voorouders in één ruimte leefden met hun runderen.

zeven verdiepingen

Wie iets van Nederlands oudste cultuurlandschappen, dat van de wierden, wil zien kan van Ezinge naar Aduard reizen. De wierden kun je soms als subtiele verhogingen in het landschap zien. Zoals de wierde Beswerd, de wierde en het kerkje van Fransum en de wierde Hardeweer. Fraaie wierden liggen ook in Rasquert, Tuinsterwiede (Van Giffen vond hier zeven woonstalhuizen boven elkaar), de onbeschadigde wierde in Spijk, en de hoogste wierde (5,3 meter) van Groningen in Eenumerhoogte.

De kronkelige oude dijk van Middag voert onder meer langs de wierde van Engelum, die momenteel op hoogte wordt gebracht met kanaalslib. Niehove is een voorbeeld van een prachtig rond wierdendorp, met de kerk op de plek van de oude drinkplaats van het vee.

En dan in Aduard. Nu een onopvallend dorp, maar in de middeleeuwen was het een beroemd middelpunt van het kloosterleven. Ja, Aduard werd ooit in een adem genoemd met Leuven en Parijs, verzekert Ies de Boer van Museum Sint Bernardushof. Hier stond het immense St. Bernardusklooster (vernoemd naar de beroemdste middeleeuwse kloosterling Bernardus van Clairvaux). Monniken bouwden het in 1192 op een verlaten wierde, in onherbergzaam gebied op een onbedijkte landtong, op tien kilometer van Groningen.

Het klooster stond in hoog aanzien, zegt De Boer die zich in een witte pij als broeder Izebrand heeft uitgedost. 'Het Aduarder klooster was een kleine stad, een soort middeleeuwse multinational waar ongeveer 2.000 Cisterciënzer monniken woonden en werkten. Maar het klooster was ook een academie, een centrum van geleerdheid, waar mensen uit heel Europa kwamen studeren.'

Het Aduarder klooster lag aan de basis van de huidige Rijksuniversiteit Groningen, die in 1614 werd gesticht. Het klooster speelde ook een belangrijke rol in de strijd tegen het water. De sober levende kloosterlingen waren niet alleen rasechte handelaars maar ook dijkenbouwers. Ze polderden 6.500 hectare vruchtbare grond in. Want zoals het oude Groninger gezegde luidt: 'wel nait diek'n wil mout wiek'n' - wie niet wil dijken, moet wijken, met andere woorden, wie niet wil meewerken aan de waterhuishouding kan beter ophoepelen.

dure kloostermoppen

Indrukwekkend was de kolossale Kruiskerk (1263), waaraan 19 jaar werd gebouwd. Het was er een met een fraai hooggewelf en indertijd de grootste die ooit in het Groninger landschap heeft gestaan. Groter nog dan de Groninger Martinikerk, weet Ies de Boer. In het museum staat een fraaie maquette van de kathedraal. De contouren werden blootgelegd door opgravingen in 1939 van Van Giffen, aan wiens werk een expositie in het Groninger Museum is gewijd. Van de oude Aduarder kerk noch het klooster is iets over, behalve de ziekenzaal. Tijdens de reformatie werd het complex met de grond gelijkgemaakt. De sloop van het klooster nam veertig jaar in beslag. Kloostermoppen (de stenen waaruit het klooster was opgebouwd) werden duur verkocht en lange tijd gebruikt in de woningbouw.

De ziekenzaal bleef gespaard, omdat de protestanten die geschikt vonden als kerk voor hun eigen erediensten. Deze abdijkerk (1297) is het 'oudste medische monument' van ons land, aldus De Boer. In een kist liggen de beenderen van de zalige Emmanuël, bisschop van Cremona. Hij vluchtte vanuit Italië naar Aduard. 'Dat mijn beendere hier ten eeuwigen dage moge rusten', wenste hij. De archeoloog Van Giffen groef de schrijn met Emmanuëls botten in de jaren dertig op. Zestig jaar lagen ze in het Cisterciënzer klooster Diepenveen bij Deventer. Maar in 1998 werden ze overgebracht naar Aduard. Zo ging de wens van de bisschop, precies 700 jaar na zijn dood, alsnog in vervulling. Diverse wandel- en fietsroutes langs de wierden: www.fietsen123nl/routemiddaghumsterland.nl Museum Sint Bernardushof: Hofstraat 45, Aduard, tel. 050-4032109Museum Wierdenland Ezinge, Torenstraat 12, Ezinge, tel. 0594- 621524In het Groninger Museum is de tentoonstelling 'Professor Van Giffen en het geheim van de wierden' nog te zien tot 9 april (www.groningermuseum.nl)