Ten strijde tegen de onzekerheid

Het protest tegen de omstreden Franse wet over een versoepeling van het ontslagrecht in de strijd tegen de jeugdwerkloosheid gaat in feite over de vraag wat voor staat de Fransen willen.

Franse studenten in Parijs verzetten zich demonstratief tegen de nieuwe wet die de jeugdwerkloosheid moet bestrijden. Foto AFP Persons carry a road sign during a student demonstration, 16 March 2006 in Montpellier, as part of student protests planned today across France to force the government to drop the First Employment Contract (CPE), an open-ended contract for under 26-year-old that can be terminated within the first two years without explanation. President Jacques Chirac has appealed for dialogue to resolve the conflict pitting unions, student groups and the political left against the centre-right government, with strikes and sit-ins closing down or disrupting studies at more than half the country's universities. AFP PHOTO THOMAS COEX AFP

Parijs, 17 maart. - Het verzet gaat er nu zo hard aan toe dat de regering sinds een paar dagen niet meer toekomt aan regeren. 'We zitten in het oog van de cycloon', vertrouwde een adviseur van premier Villepin gisteren Le Monde toe.

Na een reeks demonstraties, met een groeiend aantal vechtersbazen in de marge, wacht Parijs ademloos op het volgende teken van de straat. Hoeveel demonstranten verzamelen zich morgen tegen het Eerste Baan Contract - waarvan de Franse afkorting CPE door honderdduizenden vertaald wordt als 'Eerste Gelazer Contract' of 'Schiet Stoel Contract'?

Ook binnen regeringspartij UMP wordt erkend dat het niet meer alleen gaat om het CPE. Op het spel staat het blazoen van premier Dominique de Villepin, negen maanden geleden aangetreden om na het nee tegen de Europese grondwet de laatste twee jaar van het presidentschap van Jacques Chirac te redden. En het gaat volgens sommigen ook om de vraag of Frankrijk wel kan hervormen, op welke manier ook. Welke offers willen de kiezers brengen om de werkloosheid terug te dringen? Hoeveel bescherming en bestaanszekerheid eisen ze van de overheid?

Om deze vragen ging het referendum over de Europese grondwet vorig jaar - en hier zullen de presidentsverkiezingen van volgend jaar om draaien. Reden te meer voor links en rechts om in de strijd om het CPE de rijen te sluiten. Opvallend is dat het terugdringen van de massawerkloosheid (rond 10 procent) door flexibilisering en liberalisering steeds meer een exclusief rechts thema lijkt te worden. Links verenigt zich nu in de strijd tegen de précarité, de bestaansonzekerheid. En de globalisering wordt in toenemende mate gezien als de oorzaak van de malaise, met het 'patronaat', de ondernemers, als kwaadwillende voorhoede.

In de strijd daartegen willen vakbonden en studentenbonden morgen meer dan een miljoen mensen op de been brengen. Dat is de kritische grens om een regering aan het wankelen te brengen, volgens ervaren demo-watchers - de commentatoren van het sociale protest die hun kennis in Frankrijk bijna elk jaar kunnen verfijnen. Villepin legt de grens zelf op anderhalf miljoen, tekende het satirische weekblad Le Canard Enchaîné 'in zijn omgeving' op. Hoe het morgen ook uitpakt, de studentenprotesten lijken de regering ernstiger in verlegenheid te brengen dan de rellen in de voorsteden vorig jaar.

De vergelijking levert frappante contrasten op. Toen ging de opstand gepaard met meer vernielingen dan nu, en trof niet minder steden. Maar het verzet was uiteindelijk ongericht. Naar de achtergronden moest geraden worden, met hulp van analyses en getuigenissen van hulpverleners en veldwerkers. De relschoppers formuleerden geen eisen, bezetten geen strategische plaatsen, organiseerden zich niet, kregen ook geen invloed. Hun verzet vergleed.

De regering antwoordde geheel naar eigen inzicht met een nieuwe 'wet gelijke kansen', met daarin onder meer het CPE, volgens het principe: flexibeler ontslagregels leiden tot meer werk. Villepin wil met het CPE voortbouwen op het relatieve succes van het CNE dat hij vorig jaar invoerde. Dat was eenzelfde flexibel contract, maar dan alleen toepasbaar in bedrijven met minder dan 20 werknemers, voor alle leeftijden. Dat CNE leverde netto 80.000 extra banen op en kreeg tot voor kort een goede ontvangst van de kiezers.

Nu ligt de situatie anders. Sinds eind januari is het verzet tegen het CPE georganiseerd door vakbonden, studentenbonden, scholierenbonden, in stilzwijgende eendracht gesteund door de grote Parti Socialiste en de kleine trotskistische partijen. En met toenemend succes. Eind januari stond bijna 70 procent van de kiezers volgens peilingen positief tegenover het CPE. Nu is 68 procent tegen. En de straatkoorts blijft oplopen. Steeds meer demonstranten komen op, steeds meer universiteiten en scholen gaan dicht. Ook het CNE moet het nu ontgelden.

Sommigen horen in de studentenacties een echo van 1968, de opstand van een generatie tegen de wereld van haar ouders. Voorstanders van het CPE zien bij de demonstranten geen idealisme maar eigenbelang. Studenten zullen straks makkelijker een baan vinden dan laag opgeleide voorstadsjongeren, zo redeneren zij. Het gaat om het behoud van voorrechten.

De studenten zelf - deels overigens afkomstig uit de banlieue - weerspreken die kritiek met een kreet die al evenmin aan 1968 doet denken: geen dromen maar brood. Zij zijn ervan overtuigd dat werkgevers hen zodra het kan steevast zullen ontslaan voordat hun proeftijd van twee jaar voorbij is. En dat zij met het CPE geen woning kunnen huren of krediet kunnen krijgen om een auto te kopen.

De lijnen met het referendum over de grondwet, vorig jaar mei, zijn soms heel direct. Zo is het 'Collectif du 29 mai', dat toen nee-activisten verenigde, nu een motor achter het anti-CPE-verzet. Maar er is een verschil. In mei was het kader van de PS en ook de leiding van de communistische vakbond CGT voor de Europese Grondwet. Nu heeft zelfs Ségolène Royal, een opkomende PS-leider die af en toe lovend over Tony Blair spreekt, gedreigd dat bedrijven die in haar regio het CPE durven te gebruiken, geen subsidie voor banenplannen meer krijgen.

Ironisch genoeg kreeg premier Villepin onlangs in eigen kring de kritiek dat hij te veel zocht naar een middenpositie. Werkgeversorganisaties en economen noemen het CPE geen frontale hervorming maar een (te) klein stapje. Villepin hamert erop te willen luisteren naar de onrust die het referendum aan de oppervlakte bracht. Pas op termijn zou het CPE naar alle werknemers moeten worden uitgebreid.

Of het zover komt, is onzeker. In 1995 zag Villepin als naaste medewerker van president Chirac hoe de regering van premier Juppé halsstarrig bleef hervormen tegen massaal protest in. Het was Villepin die in 1997 parlementsverkiezingen voorstelde om het vertrouwen van de kiezers terug te winnen. Die gok leidde tot een vijfjarige regering van PS-leider Jospin.