“Ik rijd als een raket. Nou ja, raketje'

Valpartijen ontwijken en goed sprinten is volgens Dekker het recept morgen.

De 35-jarige droomt van een afscheid met een zege op het wereldkampioenschap.

Erik Dekker Foto Cor Vos Etten-Leur - wielrennen-cycling-cyclisme ENECO Tour 2005 - 7e etappe afsuitende tijdrijd over 2,62 km - Erik Dekker (Rabobank) - foto Cor Vos ©2005 Vos, Cor

In de woorden van Erik Dekker klinkt het helemaal niet zo moeilijk Milaan-Sanremo te winnen. Voor een zege in de openingsklassieker die morgen op het programma staat, moet je volgens de ervaren wielrenner van Rabobank twee vaardigheden beheersen. “Valpartijen ontwijken en heel goed sprinten.“ Een groot verschil met vroeger, zegt de 35-jarige renner die in Italië voor de zesde keer aan de start verschijnt. “Tot een paar jaar geleden moesten veel renners tijdens de beklimmingen van de Cipressa en de Poggio “lossen'. Tegenwoordig is het peloton zo sterk dat het alleen breekt door valpartijen.“ Aanvankelijk wilde de organisatie het parcours van de 290 kilometer lange klassieker zwaarder maken door een extra beklimming op te nemen, maar dat voornemen is niet uitgevoerd. “Qua parcours is het de gemakkelijkste klassieker.“

Dat Dekker het ontwijken van valpartijen noemt, is niet toevallig. Vier jaar geleden kwam hij zelf tijdens Milaan-Sanremo ten val. Zeventig kilometer voor de finish smakte hij op het wegdek en brak hij zijn heup. “Toen ik twee jaar geleden voor het eerst weer mee deed werd mij bijna aangepraat dat ik op die plek in mijn remmen zou knijpen. Nou, ik kan je verzekeren dat je daar niet eens de tijd voor hebt. Als je één keer twijfelt, lig je direct achterop. Die koers is zo zenuwachtig dat je verschrikkelijk goed geconcentreerd moet zijn.“

Dekker, bezig aan zijn laatste seizoen, is dik tevreden over de vorm waarmee hij kan meedoen aan de Primavera. “Ik ben aangenaam verrast hoe ik reed in Parijs-Nice (vorige week, red.). Ik begon met klachten aan mijn rug, maar uiteindelijk heb ik daar weinig last van gehad. Ik reed als een raket. Nou ja, raketje.“

Een goede vorm is nog geen garantie voor een goede klassering, zeker niet in Sanremo. Behalve Dekker rijden voor de Raboploeg ook de sprinter Oscar Freire, Juan Antonio Flecha en Thomas Dekker mee. “Bij de bespreking zullen we wel horen of Freire zich bijvoorbeeld goed genoeg voelt om zich in een sprint te meten met Tom Boonen en Alessandro Petacchi. Voor de rest moet je zorgen om aan de voet van de Cipressa vooraan te zitten. En bij de Poggio. Dan kan je aan aanvallen denken. Maar ja, ik weet ook wel dat Milaan-Sanremo altijd in een sprint eindigt. Behalve dan die ene keer dat het niet zo is“, lacht Dekker. Als doelstelling voor zijn laatste seizoen wil hij “het hele jaar op een heel hoog niveau rijden. En links en rechts natuurlijk een mooie overwinning pakken“.

Als hij dan “de mooiste prijs“ moet noemen, dan hoeft hij niet lang te twijfelen. “Ik weet hoe moeilijk het is, maar het liefst zou ik dan het WK in Salzburg winnen. Ja, natuurlijk, dan zit ik het volgende seizoen achter het stuur in mijn regenboogtrui. Of nee, dan laat ik de ploegleidersauto in de regenboogkleuren spuiten“.

    • Erik van der Walle