De callgirl, de minister en de fotograaf

De Britse minister van Oorlog Profumo had begin jaren zestig een affaire met callgirl Christine Keeler. Een politiek schandaal was het gevolg. De foto van Keeler werd een icoon.

Lewis Morley foto Heide Smith Brits portretfotograaf Smith, Heide

Lewis Morley wilde eigenlijk nooit fotograaf worden. De 80-jarige veteraan van de Londense swinging sixties had zich een leven als schilder of acteur voorgesteld. “Als schilder had ik naaktmodellen kunnen tekenen en als acteur had ik mooie meisjes kunnen kussen“, zegt hij. Op de kunstacademie was hij goed in het schetsen van gebouwen, maar met gezichten had hij grote moeite. Daarom haalde hij zijn camera erbij om portretten te maken. Uiteindelijk werd hij fotograaf. “Ik heb enorm geluk gehad, kon ik toch blote meisjes kijken en na afloop met ze zoenen.“

Morley heeft wat beauties voor zijn lens gehad. Hij was de allereerste fotograaf die de twee bekendste modellen uit die tijd, Twiggy en Jean Shrimpton, vastlegde. Maar hij wordt altijd en overal herinnerd aan die ene foto uit 1963, van Christine Keeler. De charmes van deze callgirl werden de toenmalige minister van Oorlog John Profumo fataal: hun affaire kwam in de openbaarheid en Profumo moest aftreden (zie kader).

Wanneer ik de verrassend vieve Morley tref in de National Gallery in Melbourne, waar foto's van hem hangen op de expositie British Art & the Sixties, is hij niet meteen in een bui om over zijn meest bekende portret te praten. Hij beschouwt de foto van Keeler als “de nagel aan zijn doodskist“.

Aan Morley's positie als een van de topfotografen uit de sixties - naast David Bailey - viel inderdaad niet te tornen. Ook zonder dat hij Christine Keeler tijdens de Profumo-affaire zou heb gefotografeerd, was zijn reputatie al gevestigd. Na in 1957 te zijn uitgeroepen tot “nieuw jong Brits talent' met een spread van zes pagina's in het invloedrijke Photography Magazine, werd Morley medewerker van het upmarket society-blad Tatler.

In 1959 vroeg regisseur Lindsay Anderson hem om stills op zijn filmsets te maken. Eén van zijn eerste foto's was van een jonge Albert Finney in Billy Liar. Toneelschrijver Alan Bennett trok hem vervolgens aan om theater-scènes vast te leggen. Op een oude foto zie je Peter O'Toole, de acteur die later in Lawrence of Arabia zou schitteren, met een grote haakneus. Morley: “O, wist je niet dat hij een nose job heeft ondergaan?“

Door zijn contacten met de toneelwereld leerde hij komiek Peter Cook kennen. Toen Cook met mensen van Beyond the Fringe - een beroemde BBC-revue - de satirische nachtclub The Establishment opende, mocht Morley op zolder een kleine studio betrekken.

In The Establishment gebeurde het. Daar kwamen alle beroemdheden uit Londen op af. In het souterrain speelde het Dudley Moore Trio jazz, op de eerste verdieping was het kleine podium waar Peter Cook samen met collega-komieken als John Cleese absurde sketches speelde. Morley werd er huisfotograaf. Vaak haalde hij na afloop van het werk in de donkere kamer op de bovenste verdieping nog een afzakkertje in de club beneden. “En dan werd het vaak slapen op de bank“, zegt hij glimlachend.

In Morley's krappe studio in de nok van The Establishment fotografeerde hij Christine Keeler. “Het duurde amper een half uurtje. Ik gebruikte drie rollen film, had een Hasselblad-camera zonder statief, één lamp en een goedkope imitatie van de klassieke Arne Jacobsen stoel.“ Een paar jaar terug had Morley eens zes namaak-exemplaren van Jacobsons model 3107 op de kopt getikt voor vijf shilling per stuk, hij gebruikte 'm vaker als rekwisiet. “De hartvormige rugleuning liep tapser toe dan de echte “Jacobson', daarom kon Christine haar benen er ook makkelijker omheen slaan.“ De foto was onderdeel van een publiciteitsopdracht voor een geplande film over de toen 22-jarige call/show girl. De affaire met Profumo beleefde toen zijn hoogtepunt.

Lewis Morley herinnert zich de sfeer in de studio: “Die was gespannen, want de producers van de geplande film die ook aanwezig waren, wilden haar naakt op de foto, en dat weigerde Christine pertinent. Er bleek echter sprake van een contract dat ook zij mede had ondertekend. Daarop verzocht ik iedereen, inclusief mijn enige assistent, de studio te verlaten. Ik keerde mijn rug naar haar toe en vroeg haar zich uit te kleden en achterstevoren op de stoel plaats te nemen, zodat ze toch aan haar contract kon voldoen. Ondertussen was ik al bijna aan het einde van mijn laatste rol film. Het is werkelijk waar, de allerlaatste opname waarbij ik op iets grotere afstand stond en zij met haar hoofd op beide handen leunde, dat werd De Foto.“

De beruchte foto maakt inmiddels deel uit van een collectie van 300 foto's van Morley, die zich in het archief van het Victoria & Albert Museum in Londen bevindt. Het museum heeft de Keeler-foto beschreven als “suggestief, zowel op het gebied van de seksuele vrijheid als op het terrein van straf op seksuele exploitatie“. De foto zou de kijker een blik op een moreel ambigue wereld gunnen. Morley moet van die beschrijving niets hebben, hij vindt het baarlijke nonsens, want zijn intentie was integer. “Ik ben een klik-en-druk-af-man. De foto van Keeler was een sneeuwbal en die kreeg op weg naar beneden steeds meer gewicht en rotzooi aangewreven.“

Inmiddels woont Lewis Morley, geboren in Hong Kong - vader Engelsman en moeder Chinese - alweer decennia in Sydney. Hij werkte in Australië tot zijn genoegen bij modebladen en interieurmagazines. De foto van Keeler is hem blijven achtervolgen. “Je kunt het zo gek niet bedenken, te pas en te onpas duikt hij op. Of hij wordt gepersifleerd, dan apen ze Christines dubbelzinnige, wijdbeense houding na. Noem maar op: als tijdschriftillustratie voor een drugsaffaire of een omkoopschandaal en soms ook geestig hoor, zoals op het affiche van de Simpsons-tekenfilm. Matt Groening, de bedenker van de Simpsons, kwam ik bij toeval tegen op een animatiefestival, en hij had er geen benul van dat ik de bewuste Keeler-fotograaf was. Normaal gesproken had mijn advocaat een rechtszaak aangespannen, zoals ontelbare keren eerder is gebeurd. Nu vond ik Homer Simpson op de stoel met zijn onderbroek nog aan juist grappig. Dus nam ik de poster met plezier in ontvangst, maar ik eiste 'm wel met Groenings handtekening.“

Dat de bij toeval gelukte foto een icoon is geworden - daaraan kan Morley weinig doen. “Net zoals het beeld van Che Guevara dat een icoon van de revolutie is geworden en misbruikt is, of de beeltenis van dictator Mao, die wordt voor reclame-doeleinden keer op keer uit zijn verband gerukt. Mijn foto staat kennelijk gelijk aan SCHANDAAL - in hoofdletters.“