Op Boekenbal zingt iedereen mee

In de Amsterdamse Stadsschouwburg vond gisteravond het jaarlijkse Boekenbal plaats. Arthur Japin sloeg er op een Japanse trommel, Heleen van Royen was de ster.

Paul Haenen alias Margreet Dolman presenteert het Boekenbal BOEKENBAL 2006 FOTO LEX VAN ROSSEN Margreet Dolman Paul Haenen Boekenweek Feesten Rossen, Lex van

Amsterdam, 15 maart. - De overvloedige aandacht die de auteur van het Boekenweekgeschenk doorgaans ten deel valt, is voor veel schrijvers een bezoeking. Arthur Japin, auteur van het vandaag verschenen Boekenweekgeschenk De grote wereld toonde zich gisteren op het Boekenbal van zijn meest toegewijde zijde. Zeker een kwartier besteedde hij aan de luttele meters tussen zijn limousine en de ingang van de Amsterdamse Stadsschouwburg. Voor iedere microfoon en iedere fan had hij een paar woorden, terwijl collega-schrijvers een kleine omweg maakten om niet te lang in de kou te staan. Ook elders op de rode loper was het dringen. Enthousiaste fotografen duwden Heleen van Royen er bijna vanaf, terwijl Harry Mulisch zich met moeite een weg langs haar rug kon banen.

Het Boekenbal heette dit jaar het Liederlijk Boekenbal, een verwijzing naar het programma dat de bezoekers kregen voorgeschoteld. Dat bestond uit een top-zeven van Nederlandse levensliederen, volgens presentator Margreet Dolman samengesteld door schrijvers, aangevuld met twee gelegenheidssmartlappen van Remco Campert en Anneke Brassinga. Daarbij strandde een enkeling in misplaatste ironie, maar wisten de meesten (zoals het driemanskoor Jordanissimo) een gevoelige snaar te raken. Jacques Herbs Manuela verleidde een groot deel van het publiek om het nummer mee te zingen.

Minder eensgezind was het publiek toen Rob Haans, voorzitter van de Stichting Collectieve propaganda voor het Nederlandse boek (CPNB), organisator van het evenement, applaus vroeg voor staatssecretaris Medy van der Laan (Cultuur, D66), een van de aanwezige hoogwaardigheidsbekleders. Dat leidde tot een hartgrondig “boe' uit de zaal, onder meer van auteur Tommy Wieringa. Hij zei later het “ongelooflijk“ te vinden om te applaudisseren voor iemand die “zulk slecht beleid“ voert.

Haans brak in zijn toespraak met een informele traditie van het Boekenbal door géén aandacht te vragen voor de vaste boekenprijs. Wel riep hij op zuinig te zijn op de vrijheid van meningsuiting in verband met de commotie rondom de Deense Mohammed-cartoons. Hij riep in herinnering hoe in 1969 Kamervragen werden gesteld over versieringen op het Boekenbal. Dat vond toen plaats in een Palais du Pape, waar katholieke bezoekers aanstoot aan namen.

De grootste verrassing onder de gasten was de Duitse filosoof Peter Sloterdijk, van wie onlangs Het kristalpaleis. Een filosofie van de globalisering in Nederlandse vertaling is verschenen. Hij toonde zich geamuseerd over zijn eerste Boekenbal. “Schrijven is een introverte bezigheid, dit is het rumoer eromheen.“ De levensliederen waren door zijn uitgever deels voor hem vertaald. “Ik heb het niet allemaal begrepen, maar gevoeld heb ik het wel. Ik heb een open hart voor kitsch. Al is er natuurlijk goede kitsch en slechte kitsch.“

Sloterdijk was net vertrokken toen Arthur Japin om middernacht de officiële opening van de Boekenweek verrichtte. Dat deed hij geheel in lijn met het thema van de Boekenweek (“BOEM PAUKESLAG - Schrijvers en muziek') door te spelen op een meer dan manshoge Japanse trommel. Het in aanleg curieuze tafereel van een literator met een reuzentrommel werd door de gewezen acteur Japin met enkele bewegingen omgevormd tot een oprecht rituele daad. Japin sloeg met evenveel aandacht en devotie als hij de hele avond al aan de dag had gelegd. Hij sloeg door tot het zweet op zijn voorhoofd stond en oogstte een daverend applaus.

Meer foto's: zie www.nrc.nl/kunst