“Frankrijk afvalputje van Nederlands kernafval'

Geheime contracten over kernafval zijn vrijgegeven.

Nederland exporteert het gevaarlijke plutonium naar Frankrijk, dat daardoor het “afvalputje van Europa“ is.

Milieuorganisatie Greenpeace vermoedt dat de opslag van Nederlands nucleair afval in Frankrijk volgens de Franse wet illegaal is. Greenpeace ziet “aanknopingspunten“ voor het aanspannen van rechtszaken om de opslag van nucleair afval in Frankrijk te verbieden.

Dit zegt de organisatie na bestudering van contracten tussen het Franse bedrijf Cogema en EPZ, eigenaar van de kerncentrale in Borssele. Deze contracten waren geheim, maar zijn afgelopen maandag op last van een Franse rechter openbaar gemaakt. Greenpeace had daarom gevraagd. In reactie hierop besloot EPZ tot openbaarmaking van de eigen contracten, dat wil zeggen het Service Agreement uit 1978 dat in de loop der jaren zeven keer is gewijzigd, voor het laatst in 2004.

Volgens een woordvoerder van Greenpeace blijkt uit de contracten dat er zeer lange termijnen zijn vastgelegd voor het opwerken van nucleair afval uit Borssele en het terugsturen van restafval naar Nederland. Ook het uranium en plutonium, dat bij het opwerken van het afval wordt herwonnen, blijft volgens de contracten erg lang in Frankrijk opgeslagen, langer dan de Franse rechter waarschijnlijk zal toestaan. Greenpeace vindt verder dat Nederland z'n plutoniumprobleem in feite exporteert naar Frankrijk, doordat het Nederlandse plutonium wordt beheerd in een zogenoemd “plutonium management systeem'. In deze plutoniumbank zit het plutonium van alle klanten van de opwerkingsfabriek Cogema (sinds kort bekend als Areva) in het Franse La Hague. “Wij exporteren ons afval naar Frankrijk, dat daardoor het afvalputje van Europa wordt“, aldus de woordvoerder.

Van het nucleair afval uit Borssele blijven na opwerking in Normandië drie componenten over: uranium dat opnieuw kan worden gebruikt in kerncentrales zoals in Borssele; plutonium dat wordt overgedaan aan kerncentrales in Europa die het verstoken; en tenslotte radioactief afval. Dat laatste komt na bewerking terug naar Nederland, en wordt sinds bijna drie jaar opgeslagen in het zogenoemde HABOG-gebouw, op enkele honderden meters afstand van de kerncentrale in Borssele.

De kerncentrale in Borssele kan ten minste tot en met 2015 haar radioactieve afval laten opwerken door Cogema. Wat er daarna mee gebeurt, tot de afgesproken sluitingsdatum van Borssele in 2033, is nog niet duidelijk. Over wat er na 2015 met het afval gebeurt, maakt EPZ zich geen zorgen, zegt Jan Wieman, manager voor de splijtstofcyclus in Borssele. “We gaan dan om de tafel zitten voor het opstellen van een nieuw contract. En als opwerken te duur wordt, gaan we iets anders verzinnen.“

Het plutonium dat na opwerking van het Nederlandse afval vrijkomt, wordt de komende jaren ingebracht in een soort plutoniumbank, waaruit het plutonium van verschillende klanten van Cogema in z'n totaliteit wordt verhandeld, zo blijkt uit het contract. De afgelopen jaren is het Nederlandse plutonium al eens “uitgeleend' om een kerncentrale elders in Europa mee te herladen. In totaal is het “tegoed' van Nederland op de plutoniumrekening van deze gezamenlijke bank 1.370 kilogram plutonium, ongeveer de helft van de totale hoeveelheid geproduceerd plutonium sinds de opening van Borssele in 1973, namelijk 2.698 kilogram. Jaarlijks komt er uit Nederland ongeveer 100 kilo plutonium bij. Ruim een kwart van dit totaal, 760 kilo, is in Zuid-Frankrijk gerecycled tot brandstof voor in totaal 35 Europese reactors. Euratom en het internationaal atoombureau IAEA zien daarbij toe op een vreedzame toepassing van plutonium.