CDA stopt met pleidooi hoger salaris

Het CDA wil niet meer meewerken aan voorstellen om het salaris van bewindslieden en Kamerleden te verhogen. Het CDA is boos omdat vertrouwelijke brieven erover gisteren naar buiten zijn gekomen.

“De fractie heeft de zaak stilgelegd. Het is over en uit“, zegt Kamerlid De Nerée tot Babberich (CDA). Het vermoeden bestaat dat een Kamerlid van de linkse oppositie de brieven heeft gelekt. “Als links dit onderwerp aangrijpt om ons als zakkenvullers neer te zetten, dan hoeft het niet meer van ons“, aldus De Nerée. Hij verwijst ook naar uitspraken van PvdA-leider Wouter Bos die bij de gemeenteraadsverkiezingen campagne voerde tegen de voorgestelde loonsverhoging voor ministers met 30 procent in 2007. Bos zei een stijging van 10 procent voldoende te vinden.

Directe aanleiding voor de ruzie is de aanpassing van de vergoeding voor Kamerleden in verband met de invoering van het nieuwe zorgstelsel waarvoor Kamerleden meer premie moeten betalen.

Achtergrond van het conflict is het rapport dat een commissie onder leiding van oud-politicus Dijkstal op verzoek van de Kamer heeft opgesteld over de beloning van bewindspersonen, volksvertegenwoordigers, leden van de rechterlijke macht en hoge colleges van staat. Het salaris van de minister-president zou gaan gelden als de norm voor publieke ambtsdragers die voortaan niet meer zouden mogen verdienen dan hij (of zij). Telkens terugkerende politieke verontwaardiging over de hoogte van de salarissen in de (semi-) publieke sector zouden hiermee tot het verleden behoren.

Door het besluit van het CDA valt de parlementaire behandeling van de voorstellen stil - en daarmee ook de afstemming van de beloningen aan de hoogte van het salaris van de premier. Voor de salarisverhogingen is een tweederde meerderheid in de Kamer vereist. Minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD), politiek verantwoordelijk voor de salariëring van ambtenaren, wil alsnog in april het kabinetsstandpunt over de voorstellen naar de Tweede Kamer sturen.