Nederland heeft nog 1.370 kilo plutonium in kas

Is de opslag van Nederlands kernafval door de Franse opwerkingsfabriek Cogema illegaal? De kerncentrale in Borssele kan er nog tot 2015 terecht, zo blijkt uit vrijgegeven contracten.

De kerncentrale in Borssele kan ten minste tot en met 2015 haar radioactieve afval laten opwerken in de opwerkingsfabriek van Cogema in het Franse La Hague. Wat er daarna mee gebeurt, tot de afgesproken sluitingsdatum van Borssele in 2033, is nog niet duidelijk.

Dat blijkt uit contracten van het Franse Cogema, een bedrijf dat sinds kort Areva heet, met EPZ, de eigenaar van de kerncentrale in het Zeeuwse Borssele. De contracten waren geheim, maar een Franse rechter bepaalde onlangs dat de Franse afdeling van milieuorganisatie Greenpeace de contracten mocht inzien. Daarop besloot EPZ gisteren tot openbaarmaking van de eigen contracten, dat wil zeggen het Service Agreement uit 1978 dat in de loop der jaren zeven keer is gewijzigd, voor het laatst in 2004.

Van het nucleair afval uit Borssele blijven na opwerking in Normandië drie componenten over: uranium dat opnieuw kan worden gebruikt in kerncentrales zoals in Borssele; plutonium dat wordt overgedaan aan kerncentrales in Europa die het verstoken; en tenslotte radioactief afval. Dat laatste komt na bewerking terug naar Nederland, en wordt sinds bijna drie jaar opgeslagen in het zogenoemde HABOG-gebouw, op enkele honderden meters afstand van de kerncentrale in Borssele.

Over wat er na 2015 met het afval gebeurt, maakt EPZ zich geen zorgen, zegt Jan Wieman, manager voor de splijtstofcyclus in Borssele. 'We gaan dan om de tafel zitten voor het opstellen van een nieuw contract. En als opwerken te duur wordt, gaan we iets anders verzinnen.' De Tweede Kamer heeft onlangs bepaald dat Nederland voor het eventueel opwerken van afval in elk geval vergunningen moet afgeven.

Het Tweede-Kamerlid Diederik Samsom (PvdA) trekt uit de einddatum van het contract, 2015, de voorlopige conclusie dat de kerncentrale in Borssele best al vorig jaar gesloten had kunnen worden. De schadeclaim die EPZ de staat in het vooruitzicht stelde voor het eerder sluiten dan 2033 zou veel lager uitvallen, aldus Samsom, aangezien EPZ in de periode 2015-2033 wellicht grote kosten moet maken om niet-opgewerkt afval op te slaan. Volgens Wieman is deze redenering echter 'grote onzin'.

Het plutonium dat na opwerking van het Nederlandse afval vrijkomt, wordt de komende jaren ingebracht in een soort plutoniumbank, een 'plutonium management systeem', waaruit het plutonium van verschillende klanten van Cogema in z'n totaliteit wordt verhandeld, zo blijkt uit het contract. De afgelopen jaren is het Nederlandse plutonium al eens 'uitgeleend' om een kerncentrale elders in Europa mee te herladen. In totaal is het 'tegoed' van Nederland op deze plutoniumrekening van deze gezamenlijke bank 1.370 kilogram plutonium, ongeveer de helft van de totale hoeveelheid geproduceerd plutonium sinds de opening van Borssele in 1973, namelijk 2.698 kilogram. Jaarlijks komt er uit Nederland ongeveer 100 kilo plutonium bij. Ruim een kwart van dit totaal, 760 kilo, is door een zogenoemde Melox-fabriek in Zuid-Frankrijk gerecycled tot brandstof voor in totaal 35 Europese reactors. Euratom en het internationaal atoombureau IAEA zien daarbij toe op een een vreedzame toepassing van plutonium. De kerncentrale is Borssele zou technisch gezien ook plutonium kunnen verstoken, maar de vergunningen daarvoor ontbreken, en ook zou dit ingrijpende veiligheidsmaatregelen en extra controles vergen, aldus EPZ. Een ander deel van het plutonium, 568 kilogram, werd eerder verkocht als brandstof voor snelle kweekreactors, onder andere Kalkar, die echter niet van de grond kwamen. Uit het contract tussen Cogema en EPZ blijkt dat het saldo van EPZ op de plutoniumrekening uiterlijk in 2019 op nul zal staan. 'Cogema heeft die garantie gegeven', aldus Jan Wieman van EPZ.

Greenpeace, dat de contracten nog nauwkeurig aan het bestuderen is, vermoedt dat de opslag van nucleair afval in Frankrijk vóór het opwerken langer duurt dan de Franse wet toestaat, en daarom illegaal is. Ook na opwerking zouden het uranium, plutonium en het restafval te lang in Frankrijk staan. 'Wij exporteren ons afval naar Frankrijk, dat daardoor het afvalputje van Europa wordt', aldus een woordvoerder. EPZ spreekt dit tegen; volgens de exploitant van de kerncentrale was tijdelijke opslag van restafval een aantal jaren geleden onvermijdelijk, aangezien het Nederlandse HABOG-gebouw nog niet was opgeleverd.

Dat transporten van en naar Frankrijk niet sneller verlopen, heeft doorgaans met de beschikbaarheid van logistiek en toezicht te maken. 'Maar wij beschikken net als Cogema over alle vereiste vergunningen', zegt manager Jan Wieman. Greenpeace overweegt, met de contracten in de hand, een verbod op de opslag van nucleaire stoffen in Frankrijk juridisch af te dwingen. Er staat in La Hague nucleair afval uit Borssele te wachten op opwerking.

Greenpeace voert behalve tegen kernenergie ook regelmatig actie tegen het opwerken van nucleair afval. De radioactieve lozingen in zee en in de lucht brengen schade toe aan het milieu, en bovendien komen er als gevolg van het opwerken allerlei transporten op gang van nucleaire producten, afval of niet, die wat Greenpeace betreft ongewenst zijn.

EPZ stelt dat de effecten van de opwerking voor mens en milieu beperkt zijn. 'Deze lozingen zijn aan strenge vergunningen gebonden', aldus EPZ.