Japin op zijn best in Boekenweekgeschenk

Vannacht op het boekenbal, om 12 uur precies, opent Arthur Japin officieel de Boekenweek. Morgen verschijnt het Boekenweekgeschenk dat hij schreef: De grote wereld .

Aan het begin van het Boekenweekgeschenk van Arthur Japin, wordt een baby geboren. 'Wat is hij groot!' roept de kraamvisite. Zo blijft het de eerste jaren in het leven van Lemmy, de held van De grote wereld, dat morgen verschijnt. Zijn formaat doet ertoe. Sterker, het is het enige dat zijn omgeving lijkt te interesseren. 'Hij wist niet beter of hij was enorm.'

Een kind als alle kinderen, zou je denken. Wat de passage echter indringend maakt is dat de lezer allang weet dat Lemmy niet zozeer groot is, als wel minder klein dan zijn familieleden. Hij is een peuter van normaal formaat. Zijn ouders en hun vrienden zijn lilliputters, ze leven begin vorige eeuw in Lilliputia, een bordkartonnen dwergenstad op Coney Island bij New York. Jarenlang heeft Lemmy er geen idee van dat zijn wereld zo klein is: als de toeristen naar de dwergen komen kijken, houdt zijn moeder hem binnenshuis. Zijn tijden van onschuld en geluk eindigen als hij op een dag het 'raadhuis' binnenstapt waar zijn vader werkt: 'Hij ging naar binnen en stuitte op een hoge blinde muur. Het raadhuis bleek niet meer dan een façade. Het hout was aan de achterkant niet eens geverfd.' Die ontdekking, die doet denken aan Plato's grotmythe, maar ook aan de film The Truman Show, heeft grote gevolgen voor Lemmy. Hij weet dat hij zijn leven in een kopie heeft doorgebracht, stopt met groeien en wordt dwerg tussen dwergen.

In dergelijke gevoelvolle scènes is Japin op zijn best. Hij is een schrijver die, zoals zanger Marco Borsato ooit over zichzelf zei, 'weet hoe je het gevoel van A naar B moet krijgen'. Dat betaalt zich uit in mooie beschrijvingen van de onwennigheid van de lilliputters in de grote wereld en het tragische lot van Lemmy in het bijzonder. In de jaren dertig zoekt hij zijn heil in de wereld van rondtrekkende Europese dwergendorpen en belandt zo in nazi-Duitsland.

Het Boekenweekgeschenk is ook een echte Japin in de keuze voor een buitenstaander als hoofdpersoon. De lilliputters in De grote wereld laten zich vergelijken met de Afrikaanse prinsjes uit De zwarte met het witte hart en de door de pokken getekende Lucia uit Een schitterend gebrek. Aanpassen of niet aanpassen, is daarbij de vraag. Als hij de VS verlaat, krijgt Lemmy de opdracht van zijn grootmoeder zichzelf niet te verloochenen: 'Als je mouwen te kort zijn, hak je dan je handen af zodat je jasje beter zit?' Het is een advies dat iedereen graag zou onderschrijven, maar juist in de aantrekkelijkheid van die moraal schuilt de keerzijde van De grote wereld. Want waar de menslievendheid van Japin hem in staat stelt de pijn van zijn personages voelbaar te maken, ga je in de loop van het verhaal een bite missen. Al het kwade in de, grote en kleine, wereld lijkt afkomstig te zijn uit onbenoembare collectieven - of het nu de nazi's zijn of de wetten van de markt. Die overvloed aan goede bedoelingen maakt op den duur een beetje wee.

Bovendien legt Japin erg veel uit. Zo sluit Lemmy vriendschap met de mooie Mazeppa, die de kost verdient in een nachtclub. De overeenkomsten tussen hen beiden zijn evident, maar worden door Japin nadrukkelijk uitgelegd: 'Mazeppa was de enige vrouw bij wie Lemmy nooit schaamte had gevoeld, misschien omdat zijzelf zo goed zonder bleek te kunnen.' Het is een explicatiedrang die doet denken aan wat Japin vrijdag in deze krant zei over zijn acteercarrière. Die had volgens hem te lijden van overacting. Precies die zwakte maakt dat De grote wereld, bij al het vaardige spel met gevoelens en de intense menslievendheid toch een beetje aan de oppervlakte blijft.

A. Japin: De grote wereld. Gratis bij besteding van 11,50 aan Nederlandstalige boeken