Energiesplitsing is toekomstbestendig

De argumenten die Cuppen (Opiniepagina, 3 maart) aanvoert tegen afsplitsing van de netwerken uit energiemaatschappijen, zijn weinig steekhoudend.

De elektriciteitsmaatschappijen zoals Essent, Nuon, Eneco en Delta willen de distributienetten in eigendom houden vanwege hun marktwaarde. Een maatschappij zonder distributienet heeft een lagere marktwaarde en kan gemakkelijker worden overgenomen door een buitenlandse partij. De discussie spitst zich geheel hierop toe. Buiten beeld blijft hoe het zal gaan als deze maatschappijen met netwerk en al zouden worden overgenomen. Dan staat de Nederlandse klant in de kou.

Dat de distributienetten bij de maatschappijen veilig zijn, is mede gebaseerd op het vertrouwen dat de overheid ook in de toekomst zal waken over de Nederlandse distributienetwerken. Dit berust op een, naar mijn mening, ongefundeerd vertrouwen in toezeggingen vanuit de politiek en garandeert zeker geen toekomstbestendige oplossing. Het vermoeden lijkt gerechtvaardigd dat het bij de tegenstanders van splitsing nog om andere belangen dan om een toekomstbestendige elektriciteitsvoorziening in Nederland gaat.

Verder ligt de verantwoordelijkheid om ook na afsplitsing deze productiecapaciteit in Nederlandse handen te houden, geheel en al bij de aandeelhouders, de gemeenten en provincies. Als die niet gaan verkopen, is er niets aan de hand.

Ik vertrouw daar niet zo op. Maar waarom zouden zij op termijn toch niet verkopen, ook zelfs als de netwerken niet zijn afgesplitst? De situatie met afgesplitste distributienetten in een publiekrechtelijke organisatie biedt flexibiliteit en zekerheid, wat ook de ontwikkelingen op dit gebied mogen zijn.