Donker, dreigend, dominant

Een diepe mannenstem maakt niet alleen indruk op vrouwen, hij intimideert ook mannelijke rivalen. De evolutie van steeds lagere mannenstemmen wordt gevoed door competitie.

In het Rotterdamse Calypso flirten twee mannen met dezelfde vrouw. Foto Merlin Daleman Workshop Flirten in Calypso Allochtonen en autochtonen krijgen flirtles. Rotterdam 03-12-03 © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

Mannen met een lage stem oefenen extra aantrekkingskracht uit op vrouwen. Veel bas in de stem staat voor kracht, vruchtbaarheid en viriliteit. Traditioneel geldt dit als verklaring voor het ontstaan van het sekseverschil in de evolutie.

Maar er is meer, ontdekte de Amerikaanse neurowetenschapper David Andrew Puts van de Michigan State University. Mannen verlagen hun stem opzettelijk als zij geconfronteerd worden met een concurrent. De evolutie van steeds lagere mannenstemmen kan dus ook gevoed worden door competitie tussen mannen. Puts publiceert zijn resultaten binnenkort in het vakblad Evolution and Human Behaviour.

Mannenstemmen zijn gemiddeld in geluidsfrequentie half zo hoog als die van vrouwen. Het is een secundair geslachtskenmerk dat ontstaat in de puberteit onder invloed van mannelijke hormonen. Bij dieren is een laag stemgeluid vaak een teken van dominantie. Een dominante hond gromt, een onderdanige piept.

Grote dieren brengen over het algemeen een lager geluid voort. Omdat lichaamsgrootte een belangrijke factor is in lichamelijke dominantie, hebben veel diersoorten de neiging ontwikkeld om rekening te houden met de stemhoogte. Doordat de stemhoogte een belangrijk signaal werd om de dominantie van de ander te bepalen, ontstond er een evolutionaire trend naar langere en dikkere stembanden, een langere keelholte. Alles om de stem maar zo laag mogelijk te doen klinken om zo groot mogelijk te lijken en eventuele concurrenten de pas af te snijden.

Puts onderzocht de relatie tussen stemhoogte van mannen, hun dominantie en hun succes op seksueel gebied. Hij onderwierp daartoe bijna tweehonderd mannelijke student-vrijwilligers van de universiteit van Pittsburgh aan een serie testjes. Elk van de deelnemer moest eerst hardop een stukje uit een boek voorlezen. Vervolgens kreeg hij te horen dat hij via een intercom met een andere deelnemer moest bepalen wie van hen na afloop met een studente zou mogen lunchen. In feite kreeg de deelnemer een geluidsopname voorgeschoteld, die de onderzoeker zo kon bedienen dat het een echt interactief gesprek leek. Daarna moesten de deelnemers een enquête invullen waarin ze hun eigen sociale en fysieke dominantie moesten inschatten en moesten ze vertellen hoeveel seksuele partners zij in het afgelopen jaar hadden gehad.

Proefpersonen die zichzelf als fysiek dominant inschatten, bleken in de competitie met de opgenomen mannenstem hun eigen stem te verlagen. Mannen die zichzelf als minder dominant beoordeelden brachten hun stem tijdens de discussie juist omhoog. Ook bleken mannen met lage stemmen door mannelijke luisteraars vaker als fysiek dominant te worden beoordeeld. Bij kunstmatige verhoging van de frequentie van de opnamen, werden diezelfde mannen minder dominant gevonden.

Puts: 'Ik zou niet verbaasd zijn als de competitie tussen mannen onderling een grotere invloed zou hebben op de evolutie van diverse verschillen tussen mannen en vrouwen.'

In eerder onderzoek achterhaalde Puts al dat vrouwen vallen op lage mannenstemmen, vooral als het one-night-stands betreft. Voor duurzame relaties telt de stemhoogte minder mee. En vrouwen zijn in hun vruchtbare periode, rond de eisprong, het gevoeligst voor bassende mannen.

Dit effect lijkt echter veel kleiner dan het effect van onderlinge competitie tussen mannen, zegt Puts. 'In mijn onderzoek kwam naar voren dat dezelfde verschuiving van de stemhoogte een vijftien keer zo groot effect had op de dominantiebeoordeling als op de aantrekkelijkheidsbeoordeling.'

Volgens Puts bewijst dit echter nog niet dat intraseksuele selectie (door competitie van mannen onderling) de belangrijkste factor was in de stemevolutie. Want het is nog steeds mogelijk dat aantrekkelijkheid voor vrouwen een grotere invloed heeft gehad op het mannelijke voortplantingssucces en daarmee meer aan de evolutie van sekseverschillen heeft bijgedragen. 'Uiteindelijk bepaalt het voortplantingssucces of een eigenschap zoals een lage stem zich in de loop van de evolutie in een populatie zal verspreiden', aldus Puts.

Toch bleken de jongens met laagste stemmen in het onderzoek niet significant meer seksuele partners te hebben gehad in het jaar voorafgaand aan het onderzoek. Puts vindt die uitkomst zelf lastig te verklaren. 'Een van de mogelijkheden is dat de deelnemers aan het onderzoek te jong waren en daardoor niet de kans hadden hun dominantie ten opzichte van hun leeftijdgenoten meteen te vertalen in status die meer partners oplevert. Ook vraag ik mij af of mannelijke dominantie in moderne samenlevingen nog zo'n grote rol speelt als eerder in de menselijke evolutie. Vrouwen hebben nu een behoorlijke economische en seksuele autonomie.'

Mannen met lage stemmen worden aantrekkelijker gevonden door vrouwen, maar werkt het ook andersom? Puts verwijst naar het onderzoek van zijn Britse collega Sarah Collins: ' Zij vond een verband tussen hoge vrouwenstemmen en hogere aantrekkelijkheidsscores gegeven door mannen. Maar ik denk niet dat hierdoor de seksuele verschillen in de menselijke stem zijn ontstaan.

'Theoretisch gezien is de seksuele selectie het sterkst bij de sekse die het minst in het nageslacht investeert en aldus meer nageslacht kan voortbrengen. Dat is bij mensen en andere zoogdieren altijd de man.

'Ten tweede is de stemhoogte van mannen en vrouwen tot aan de puberteit vrijwel gelijk. Op dat moment zakt de mannelijke stem, maar de vrouwenstem stijgt niet in toonhoogte. Dat zou wel het geval zijn als er ook aan deze kant seksuele selectie in het spel was.'