'Saddam na vonnis meteen gehangen'

Als de afgezette Iraakse president Saddam Hussein en zijn zeven medebeklaagden in het huidige proces over de dood van 148 shi'ieten uit de stad Dujail ter dood worden veroordeeld, worden ze opgehangen en niet eerst op andere aanklachten berecht. Dat heeft de aanklager, Jaafar al-Moussawi, gisteren gezegd in een vraaggesprek met de Iraakse staatstelevisiezender Al-Iraqiya.

Tot dusverre is aangenomen dat Saddam en hoge medewerkers eerst nog verscheidene andere processen te wachten stonden voor hun eventuele executie. Maar Moussawi zei dat de wet helder is. 'Als het Hoge Straftribunaal de doodstraf tegen verdachten in de zaak-Dujail uitspreekt [..] moet het vonnis worden uitgevoerd binnen 30 dagen na zijn bekrachtiging door het Hof van beroep van het tribunaal', zei hij. 'Wat betreft de andere processen, zal het tribunaal de nog levende verdachten berechten, want degenen die zijn terechtgesteld kunnen niet meer worden vervolgd.'

In de zaak-Dujail worden Saddam en zijn medeverdachten beschuldigd van de dood van 148 shi'ieten die waren opgepakt na een mislukte aanslag op de toenmalige president in Dujail in 1982. Eerder deze maand heeft Saddam de verantwoordelijkheid op zich genomen voor hun vervolging, wat volgens hem binnen zijn grondwettelijke bevoegdheid als president viel. In de rechtbankzitting van vandaag erkende de toenmalige rechter dat hij hen ter dood had veroordeeld, maar stelde hij eveneens dat dit in overeenstemming met de wet was. Hij zei dat de verdachten een correct proces hadden gehad en hadden bekend Saddam te hebben willen vermoorden. Volgens de aanklagers heeft het proces zich alleen in de fantasie afgespeeld. Het proces-Dujail zal waarschijnlijk nog enkele maanden duren, en het hoger beroep eveneens.

Onder andere processen die in principe nog wachten zijn de Koerdische genocide en etnische zuivering in 1987 en 1988 en de invasie van Koeweit in 1990, waarbij Saddam wordt beschuldigd van schending van het internationaal recht. Verder zou Saddam naar verwachting worden vervolgd wegens zijn repressie van de Moerasarabieren in het zuiden van het land en wegens de harde onderdrukking van de opstanden van de shi'ieten in het zuiden en de Koerden in het noorden van Irak in 1991.

Op de uitspraak van aanklager Moussawi is niet onmiddellijk gereageerd.