Neem een halve hbo'er

De korte hbo-studie is terug van weggeweest. Nu met een eigen titel: de associate degree. De vraag is: gaat dit meer hoger-opgeleiden opleveren of juist minder?Yvonne van de Meent en Rietje van Vliet

Is eindelijk overal in Europa de bachelor-masterstructuur ingevoerd, komt Nederland weer met iets nieuws. Onder druk van het midden-en-kleinbedrijf (MKB) staat staatssecretaris Rutte (hoger onderwijs) hogescholen toe te experimenteren met een tussenniveau: een tweejarig associate degree-programma. Voorwaarde is wel dat de hogescholen kunnen aantonen dat er op de arbeidsmarkt behoefte is aan afgestudeerden met een tussendiploma.

Het afgelopen najaar dienden de hogescholen 77 projectvoorstellen in bij de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO) en dit jaar zullen nog ruim honderd nieuwe aanvragen volgen. De strijd om de associate degree-student is losgebarsten.

haastwerk

Snel gaat het nog niet. De gretigheid van hogescholen wordt voorlopig maar mondjesmaat beloond: slechts elf voorstellen zijn goedgekeurd. Bij andere aanvragen twijfelde de NVAO aan de arbeidsmarktrelevantie. De hogescholen die de meeste aanvragen indienden - de Avans Hogeschool (achttien), Inholland (elf) en Hogeschool Zuyd (zes) - vissen achter het net. Volgens Hans Daale, van de Dutch Association for Shorter Higher Education (DASHE) is de slechte score het gevolg van haastwerk. Maar tegenstanders van het nieuwe tussen-niveau zien het grote aantal afwijzingen als het bewijs dat de markt weinig behoefte heeft aan 'halve hbo'ers'.

MKB-Nederland denkt dat die behoefte juist heel groot is. Het werk in het midden- en kleinbedrijf wordt steeds ingewikkelder en daarom zal de helft van de MKB-bedrijven meer hbo'ers in dienst willen nemen, concludeerde de brancheorganisatie twee jaar geleden al. Maar die hbo'ers hoeven echt niet allemaal een vierjarig bachelorprogramma te volgen. Zestig procent van de ondervraagden zegt functies te hebben voor 'halve bachelors'. Bedrijfsleiders en filiaalhouders in de detailhandel, werkvoorbereiders in de metaal en projectleiders in de installatietechniek hebben genoeg aan wat minder theoretische bagage. Zolang de afgestudeerden maar werken en denken op hbo-niveau. Bovendien hopen de werkgevers in het MKB goedkoper uit te zijn met hbo'ers met een graad tussen mbo- en hbo-niveau in.

MKB-Nederland kreeg steun van DASHE, dat al jaren ijvert voor een betere aansluiting van mbo en hbo. Hij denkt dat mbo-afgestudeerden makkelijker doorstromen naar het hoger onderwijs als ze daar een kort programma kunnen volgen. Daale, in het dagelijks leven projectmanager bij een hogeschool, vond medestanders in het mbo, hbo en het particulier onderwijs. Hij bestookt de Kamer en het ministerie van onderwijs met uitgewerkte plannen voor tussenopleidingen.

geruzie

Bij de hogescholen zelf is het nieuwe tussenniveau omstreden. Het is al eens geprobeerd. Begin jaren negentig zijn tweejarige hbo-opleidingen ingevoerd. Er werd ook toen flink over geruzied. Werkgeversorganisatie VNO-NCW, waarin vooral de grotere bedrijven verenigd zijn, tekende bij de start al bezwaar aan omdat er sprake zou zijn van overlap met mbo-opleidingen. En de overgrote meerderheid van hogescholen vond dat de korte opleidingen het hbo-niveau ondermijnden omdat studenten met een halve opleiding een hele titel haalden.

De aversie groeide toen particuliere hogescholen kort hbo gingen aanbieden en in advertenties toekomstige studenten 'een hbo-diploma in twee jaar' beloofden. Uiteindelijk is het kort hbo weer afgeschaft bij de invoering van het bachelor-mastersysteem.

Maar het huidige plan voor een tussenniveau in het hbo is geen herintroductie van het kort hbo uit de jaren negentig, zegt Daale. De tweejarige studietrajecten die DASHE voor ogen staan, worden niet afgesloten met een bachelordiploma, maar met een associate degree, een graad die in de VS verbonden is aan korte opleidingen in het hoger onderwijs. Een associate degree zou in Nederland geen zelfstandige opleiding moeten worden maar een deelprogramma van een bestaande bacheloropleiding. Na het behalen van dat diploma moet het masterdiploma in twee jaar haalbaar zijn.

De Hogeschool Rotterdam heeft ernstige twijfels bij het nieuwe concept. Overal in Europa zijn nu twee niveaus in het hoger onderwijs. Zo'n associate degree wekt de indruk dat er toch weer een niveau aan wordt toegevoegd', zegt Johan Sevenhuijsen, directeur onderwijsbeleid. Voorstanders zeggen: het is geen extra niveau, maar een tussenstap op weg naar de bachelor. Wij zien niet in waarom je dan een extra diploma nodig hebt.'

Er is maar één argument waar de Rotterdammers gevoelig voor zijn. Met een tussentijds diploma in het vooruitzicht kun je mbo'ers naar het hbo lokken die opzien tegen vier jaar doorstuderen. Sevenhuijsen: Als zo'n mbo'er eenmaal heeft kennisgemaakt met het hoger onderwijs, is de kans groot dat hij doorgaat voor zijn bachelor.' Dat is in de regio Rotterdam, die relatief weinig hogeropgeleiden telt, geen onbelangrijk argument.

Toch heeft de Hogeschool Rotterdam geen aanvragen ingediend. Regionale opleidingscentra (roc's) willen graag dat wij zulke opleidingen opzetten, omdat het een aantrekkelijke optie is voor hun afgestudeerden. Maar wij willen zo'n kort traject alleen starten als het een tussenstation is in het bachelor-programma en er een duidelijke plaats is op de arbeidsmarkt voor de afgestudeerden. Anders begeef je je op de mbo-plus-markt en dat is meer iets voor roc's.'

sceptisch

De Haagse Hogeschool heeft drie aanvragen ingediend, waarvan er één is goedgekeurd door de NVAO. Als ook het ministerie van onderwijs binnenkort groen licht geeft, start de Haagse Hogeschool in september met het tweejarig programma facility management. Wij waren eerst ook sceptisch, maar hebben ons laten overtuigen door werkgevers in onze regio', zegt strategisch beleidsadviseur Jean Jaminon. Woningbouwcorporaties, de gemeente Den Haag en het Universitair Medisch Centrum Utrecht hebben heel duidelijk aangegeven dat er behoefte is aan afgestudeerden op een tussenniveau.' Bij facility management gaat het om functies als assistent-accountmanager en assistent-projectcoördinator.

Staatssecretaris Rutte denkt dat de associate degree een bijdrage levert aan het vergroten van het aantal hoger opgeleiden. En dat is hard nodig, want om uit te groeien tot de meest competitieve kenniseconomie van de wereld moet de helft van de Europese bevolking hoger opgeleid zijn. Dat hebben de Europese regeringsleiders in 2000 in Lissabon afgesproken. Nederland is met 24 procent hogeropgeleiden nog ver verwijderd van dat doel. In België, Frankrijk en Engeland heeft 35 tot 40 procent van de beroepsbevolking een hoger-onderwijsdiploma. Dat is mede te danken aan de korte programma's die daar een hoge vlucht hebben genomen.

Volgens Erwin van Braam, beleidsadviseur bij de HBO-raad, vraagt een flink aantal hogescholen zich net als de Hogeschool Rotterdam af of het wel verstandig is om een nieuwe graad in te voeren. De associate degree kan een oplossing zijn voor de grote groep studenten die de bachelor nu niet afmaakt. Hogescholen kunnen met studenten die dreigen uit te vallen, afspraken maken over nog te volgen vakken zodat ze toch nog een associate degree behalen. In die zin is het een middel om uitval te voorkomen. Maar het risico is dat studenten halverwege de studie stoppen omdat ze al een diploma hebben gehaald.'

Chiel Renique, onderwijssecretaris van VNO-NCW, ziet dat gevaar ook. De verleiding wordt groot om de opleiding halverwege te verlaten. Je suggereert met zo'n associate degree toch dat studenten na twee jaar een arbeidsmarktkwalificatie hebben.' Als de associate degree een eindstation wordt in plaats van een tussenstation, daalt het opleidingsniveau juist.

Reden genoeg dus om de pilots goed te volgen. Van Braam van de HBO-raad: Als blijkt dat er meer studenten halverwege afhaken, hebben we een groot probleem. Dan moeten we het experiment stopzetten.'