Droogteverzekering voor VN

Genève, 8 maart. Rijke boeren verzekeren zich tegen extreme weersomstandigheden als overstromingen of storm. Arme boeren niet. Dus als de regen in Afrika uitblijft, zoals vorig jaar in Niger, is het altijd hetzelfde treurige patroon: hulpverleners slaan direct alarm, maar krijgen van donoren meestal pas geld als de tv laat zien dat er al duizenden mensen van honger zijn gestorven. Noodhulp komt altijd te laat en er is nooit genoeg van.

Vandaar dat het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties (WFP), dat twintig miljoen mensen ter wereld voedt, zojuist bij de Franse verzekeraar AXA Re een droogteverzekering heeft afgesloten voor Ethiopische boeren. Grote donoren als de VS betalen 930.000 dollar premie voor 2006 voor deze eerste humanitaire verzekeringspolis ter wereld.

Een Amerikaans bedrijf meet regenval op 26 punten in Ethiopië. Als er tussen maart en oktober te weinig valt, keert de verzekering tot 7,1 miljoen dollar uit. 'Ethiopië betaalt mee aan de premie', zegt Simon Plüss van WFP in Genève. 'We hopen dat andere Afrikaanse regeringen hetzelfde gaan doen. Zo worden ze minder afhankelijk van noodhulp.'

Het is niet veel, 7,1 miljoen. Als de droogte in Ethiopië toeslaat - wat elke twintig jaar tot hevige hongersnood leidt - lopen boeren 55 miljoen aan inkomen mis. Maar geen van de vijf verzekeraars waarmee WFP een jaar heeft onderhandeld, wilde verder gaan. De angst die zij in 2003 al uitten, staat nog steeds: dat regenmetingen onbetrouwbaar zijn, en dat ze te vaak moeten uitbetalen.

Toch, zegt Plüss, kun je met 7,1 miljoen tijdens een droogte meer doen dan later, tijdens een hongersnood. 'Je kunt voedsel over land brengen, niet per vliegtuig. Vóór een crisis zijn lokale medewerkers goedkoper dan tijdens een crisis. En je hoeft niet de hele populatie te voeden, maar een deel.'