“Tsotsi is mythe over volwassenwording'

De met een Oscar bekroonde Zuid-Afrikaanse film Tsotsi is geen “zwarte' film, zegt regisseur Gavin Hood. “Armoede is na de apartheid een groter probleem dan kleur.“

Regisseur Gavid Hood en hoofdrolspeler Presley Cheweneyagae van Tsotsi. Foto Bram Budel Regiseur Gavin Hood en hoofdrolspeler Presley Chweneyagae met de oscar die ze hebben gewonnen voor de Zuid-Afrikaanse film Tsotsi. FOTO: BRAM BUDEL Budel, Bram

Zijn Oscar vervoert hij in een wijnkoeler van piepschuim, want van de Academy of Motion Arts and Sciences krijg je er geen tasje bij. Maandagochtend kreeg Gavin Hood in Los Angeles de Oscar voor beste niet-Engelstalige film. Woensdag opende Tsotsi in Amsterdam het Amnesty International Filmfestival. Gisteren gaf regisseur Gavin Hood interviews, met de Oscar glimmend naast hem op een tafeltje.

Tsotsi is een film over een jonge gangster in een township bij Johannesburg die dankzij de vondst van een baby in een gestolen auto zijn menselijkheid terugvindt. ,,Als u denkt dat de film gaat over een slecht mens dat een goed mens wordt, heb ik gefaald“, zegt Hood (42).

“Tsotsi' betekent gangster. In de film wordt Tsotsi-taal gesproken, een mengsel van Engels, Afrikaans, Xhosa en andere Afrikaanse talen. Spreek u Tsotsi-taal?

“Nee. Ik heb het scenario in het Engels geschreven, maar ik wist vanaf het begin dat ik de film in Tsotsi-taal wilde maken. Ik wilde de kijker niet alleen visueel, maar ook auditief onderdompelen in een vreemde wereld. Ik had meteen een wereldwijd publiek in gedachten, maar met Zuid-Afrikaanse films in het Engels verspeel je dat juist. In de townships spreken ze geen Engels, dat had vals geklonken. Ik wilde de taal van de straat laten horen. Mijn voorbeeld voor Tsotsi waren Mexicaanse en Braziliaanse films als Amores perros en Cidade de deus. Die films wisten ook een groot publiek te bereiken in een vreemde taal. De omstandigheden zijn exotisch, maar het verhaal is universeel. Dat werkt veel beter.“

Spraken alle acteurs Tsotsi-taal?

“De meeste wel een beetje. Zuid-Afrika heeft elf officiële talen. Van de ene acteur was Xhosa de moedertaal, van een ander Sotho. Tsotsi-taal laat zien wat er gebeurt als al die talen bij elkaar komen. Mensen van allerlei afkomst trekken naar de stad en dan ontstaat er een nieuwe taal. Tsotsi-taal heeft nog geen literatuur, maar er wordt wel in gezongen en er is net een woordenboek verschenen.

“Ik heb de dialogen als ondertitels geschreven en die samen met de acteurs vertaald. Niet alle personages spreken overigens Tsotsi. De witte politieman spreekt Xhosa, het rijke zwarte echtpaar Sotho. Maar als de vader van de baby met de gangster spreekt, schakelt hij over op Tsotsi-taal.“

De film is gebaseerd op een roman van Athul Fugard die zich afspeelt in de jaren vijftig. “Tsotsi' speelt nu. Hoe heeft u het verhaal geactualiseerd?

“In de roman was de baby ook al zwart. En hij wordt niet gestolen, maar Tsotsi krijgt hem van de moeder in zijn armen geduwd. Met deze verandering kon ik laten zien dat armoede in Zuid-Afrika een belangrijker probleem is dan kleur. Voor de generaties die vlak voor of na de opheffing van de apartheid geboren zijn, speelt kleur niet zo'n grote rol meer. Het is een groter verschil of iemand Xhosa of Zulu is dan of hij wit of zwart is. Het is neerbuigend om Afrikanen zwart te noemen. Europeanen noemt men ook niet wit. Ze zijn Nederlands of Frans of Deens. Aan de andere kant is het gevaar nu in Zuid-Afrika dat het land versplintert.“

Uw film brengt met een boodschap van verzoening en vergeving. Hoe heeft u voorkomen dat de film al te zoet wordt?

“Gruwelverhalen over Zuid-Afrika kennen we wel. Die zie je elke dag op het nieuws, daar hoefde ik niet nog eens een film over te maken. Tsotsi vertelt geen realistisch verhaal. Het is een mythe. Daarom hebben we de film ook in widescreen opgenomen en in fraaie kleuren getint. Het is een verhaal over volwassen worden dat zich ook in Moskou of Sjanghai zou kunnen afspelen. In februari won Tsotsi een prijs van de jury op het Pan African Filmfestival in Los Angeles. De jury zei dat Tsotsi geen “zwarte film' was en dat betekende veel voor me. Iedereen kan zich met de zwarte acteurs identificeren, zelfs met Tsotsi. In het begin hebben we hem expres als een klootzak neergezet. Maar aan het eind heb je in ieder geval begrip voor hem. Ook in Zuid-Afrika wordt dat zo gevoeld. De film is in het hele land, zowel in de townships als in de steden, bij elke bevolkingsgroep, een succes.“

Tsotsi draait in 15 bioscopen. Op het Amnesty Filmfestival in Amsterdam en Utrecht is er na afloop van de voorstellingen vandaag en morgen een gesprek met de makers. Inl. www.amnesty.nl/filmfestival