Gezeur van een sympathieke sikkeneur

Engelse humor is onvertaalbaar, besloten de makers van de comedy Met één been in het graf. Ze vonden een alternatief: Hollandse sikkeneurigheid. En Serge-Henri Valke.Met één been in het graf. Ze vonden een alternatief: Hollandse sikkeneurigheid. En Serge-Henri Valke.

Serge-Henri Valke als Victor in “Met één been in het graf': “Zeuren is een sport voor hem, hij geniet ervan.“

Rotterdam, 10 maart. - Soms sleurt de televisie zijn publiek van de bank. Dan zijn de kijkers in de studio nodig bij de opnamen van een serie. Toegang gratis, koffie niet.

We zitten met een man of vijftig op een tribune. We kijken het decor in van Met één been in het graf, de nieuwe comedy-serie van de NCRV. Een keuken, een tuintje, een zitkamer, het vermoeden van een trap in een halve gang. We krijgen uitleg en instructies. Liever niet hoesten. Liever wel lachen, want ons geluid wordt “meegenomen'.

De hoofdrolspelers worden voorgesteld: Serge-Henri Valke en Edda Barends. Wij applaudisseren, zij nemen hun plaatsen in. “We gaan beginnen. Veel plezier.“

Valke hompelt op. Ik zie hem half, een camera dekt hem af. Voor hij iets zegt, zitten we al met zijn allen te gniffelen.

“Met één been in het graf' draait om Victor, een 60-jarige sikkeneur die in Engeland uitermate populair werd in de serie One foot in the grave. Het Nederlandse tv-script-duo Ger Apeldoorn en Harm Edens, verantwoordelijk voor series als 't Zonnetje in huis, bewerkte Victors wel en wee voor Nederland.

De oorspronkelijke Victor ontstond in reactie op de Thatcher-jaren in Groot-Brittannië. De Nederlandse Victor houdt zich volgens Ger Apeldoorn staande onder “het voortdenderende liberaal kapitalisme dat de mens tot een nummer reduceert“.

Apeldoorn en Edens moesten veel actualiseren: “Niets veroudert zo snel als mopperen“, verklaart Apeldoorn. Typisch Engelse gegevens als de klassenstrijd werden vervangen, typisch Engelse grappen over seks zijn in het Nederlands te platvloers. En die spreekwoordelijke Engelse humor, hoe vertaal je die? De Nederlandse humor neigt naar de Franse boulevardklucht, zegt Apeldoorn. “Kijk maar naar Annie M.G. Schmidt. Engelse grappen zijn taalgericht, ook onze Victor stelt er een eer in om mooi te fulmineren. Nederlandse komedies zoeken het in vreemde situaties. Maar gezelligheid hebben we vermeden. Erg is heel erg en dood is dood. Alles is strikt reëel opgebouwd. Een lantaarnpaal kán omwaaien door Victors slaapkamerraam. De gemeente zál zoiets niet in een dag opruimen. En dus slaapt Victor die nacht bij een groot oranje licht.“

In het decor wordt wat verschikt. Er moet een scène over, want Serge-Henri Valke versprak zich. Dat loste hij op met een kwinkslag, speciaal voor ons op de tribune. De gastheer vraagt of we op dezelfde manier willen reageren als de eerste keer: “Doe gewoon effe lekker mee.“ Doen we. Tuurlijk. Op de vloer wordt onverstaanbaar overlegd. Een make-updame poedert hier en daar een hoofd bij. Het loopt nu gesmeerd. Verbeeld ik het me of lachen we zelfs harder dan de eerste keer?

Victor is geen doorsnee hoofdpersoon voor een comedy, volgens Apeldoorn. “Zo iemand veroorzaakt zijn eigen problemen. Victor niet. Hem overkomt alles.“

Serge-Henri Valke maakt de man sympathiek: “Zeuren is een sport voor hem, hij geniet ervan“, legt hij uit. Valke bekeek twee afleveringen van de Engelse serie, maar: “Dat Engels is zo anders, zelfs een kopje koffie vragen is al leuk.“

Hij ergerde zich aan het verbeten geknor van de eerste Victor-figuur en besloot dat hij “mijn eigen mannetje“ zou maken van Victor. “Je moet denken, ach, ergens heb je ook wel gelijk. Hij is een antiheld. Een held wint, een antiheld moet knokken, die is dus leuker.“ Hij speelt Victor niet kluchtig maar zo serieus als hij kan, want “die man weet niet dat hij in een comedy zit“. “Voor zijn omgang met zijn vrouw dacht ik aan mijn vader. Totaal anders dan mijn moeder, wel 61 jaar getrouwd. Hij laat een ei vallen, zegt, o schat, dat ei, en dan gaat mijn moeder het oprapen.“

Het publiek gaat verzitten, onze nekken zijn verstijfd van het om camera's en microfoons en ruggen heen turen. De bedoeling is dat je naar een van de monitoren kijkt, maar ik zie liever de echte Valke acteren. Ineens is het klaar. “Hij staat erop!“ We klappen of het onze verdienste is.

Volgens Ger Apeldoorn is dat “echte' publiek essentieel. “Hun lach is deel van deze serie, het bepaalt de timing, de sfeer.“ Maar de “lachband' is achterhaald bij series voor een jongere generatie: “Hij verwijst naar toneel en dat publiek ziet vooral film. We zullen iets anders moeten verzinnen“, meent hij. “Mensen willen duidelijkheid over een genre. Ze willen pas verrast worden als ze veilig zitten.“

Met één been in het graf Zondag, Nederland 1, 22-22.30 uur. Voor het bijwonen van opnames: www.tvopname.nl

    • Joyce Roodnat