Kanye West kan het akoestisch

Vier violen, een harp, twee cello's en twee achtergrondzangers - daarmee trad hiphop-mogol Kanye West gisteravond in Ahoy' aan. Plus een dj, natuurlijk. Maar verder herinnerde weinig aan de formule van dj, rapper en lolbroekende side-kick, zoals we bij hiphop meestal zien.

Hier was aandacht voor de muziek. Zoals West al twee jaar geleden in Paradiso bewees (met achter het klavier John Legend), weet hij het mechanische geluid van een dj moeiteloos te verweven met de etherische klank van akoestische instrumenten. Toen waren het vooral orgels en soulvolle stemmen, nu zijn het elegante strijkers. Kanye West is dan ook begonnen als producer. Hij was de man achter successen van Jay-Z, Talib Kweli en Common. Nu is hij ook bekend als de man die in de nasleep van orkaan Katrina opmerkte dat 'Bush niet om zwarten geeft', en bovendien - minder voor de hand liggend - zijn collega-rappers hun homofobe houding verweet.

Op een beschaafde manier heeft West een boodschap. Hij verpakt deze in muzikale bouwsels waarin kekke citaten uit het soulverleden versmelten met brokjes collage-vernuft. West heeft niet de vanzelfsprekend van de tong rollende voordracht van sommige collega's, maar gisteravond klonken de meeste liedjes overtuigend - al is het meer op kracht dan op techniek. West rapt over maatschappelijk onrecht en over persoonlijke dilemma's. Zoals in het nummer Addiction, over verslavingen aan drank, drugs en vrouwen als hij gepijnigd zegt: 'Why does everything that's supposed to be bad, make me feel so good?'

Hier vervaagden de achtergrondprojecties van foto's van peepshows en neonreclames tot een abstract kleurenspel, er was smaakvol strijklicht en de muzikanten speelden met overgave. Geen gescheld of makkelijk effectbejag. Kanye West brengt hiphop van de straat naar de salon. En dat onder grote publieke bijval.

Concert: Kanye West. Gehoord: 8/3 Ahoy', Rotterdam.