Bescheidenheid past onderhandelaar

Het spel van collegeonder-handelingen kent weinig regels. Wat voor de hand ligt, komt niet altijd uit.

De Hengelose PvdA-lijsttrekker en wethouder Bert Otten zal één dezer weken ongetwijfeld Dagboek van een onderhandelaar uit zijn boekenkast halen. Ed van Thijn beschrijft hierin hoe er ondanks een forse verkiezingswinst voor de PvdA in 1977 geen tweede kabinet-Den Uyl kwam. Na moeizame onderhandelingen tussen PvdA en CDA vonden CDA-leider Van Agt en VVD-leider Wiegel elkaar en werd Joop den Uyl, die dacht dat er niemand om hem heen kon, naar de oppositiebanken verwezen. 'Ons past bescheidenheid', weet Otten, die in Hengelo als informateur is aangewezen voor de vorming van een nieuw college.

Net als in veel andere gemeenten is de PvdA in Hengelo de grootste partij, maar het is geen wetmatigheid dat de grootste ook in het college belandt. Zo behaalde Leefbaar Utrecht in 1998 de meeste stemmen maar belandde de partij van Henk Westbroek toch in de oppositie. En in 2003 werd verkiezingswinnaar PvdA in de provincie Noord-Holland buiten het college van Gedeputeerde Staten gehouden. Dat gebeurt omdat er voor dit politieke spel niet zo veel regels zijn. Persoonlijke voorkeuren, onenigheden, geheime afspraken; alles kan het voorspelde en meest voor de hand liggende onderhandelingsresultaat beïnvloeden.

Wel neemt de grootste partij vrijwel altijd het voortouw bij de collegeonderhandelingen. Soms is het de burgemeester, zoals vier jaar geleden in Amsterdam, toen de PvdA geen duidelijke keuze kon maken tussen samenwerking met GroenLinks of met de VVD, maar het kan ook een buitenstaander zijn, zoals hoogleraar politicologie Rinus van Schendelen in 2002 in Rotterdam.

In Hengelo is Otten vanochtend op zijn werkkamer begonnen met het ontvangen van de verschillende fractievoorzitters. Van hen wil hij weten welke beleidspunten zij prioriteit geven en aan welke collegesamenstelling zij denken.

In veel gemeenten kent zo'n inventariserende fase een hoog beleefdheidsgehalte. Dan zijn in de achterliggende raadsperiode of campagne al zulke onoverbrugbare standpunten ingenomen, dat partijen bij voorbaat buitengesloten worden. In Hengelo is dat niet het geval, verzekert Otten. 'Wij willen een heel open proces voeren en kennis nemen van de opvattingen van verschillende partijen.' Ook zijn er volgens Otten geen stalorders, wat wel eens wordt verondersteld bij collegeonderhandelingen in grote steden. Landelijk partijvoorzitter Michiel van Hulten heeft Otten wel gebeld om hem te feliciteren met de verkiezingswinst maar gezegd dat de Hengelose PvdA'ers zelf bepalen met wie ze een college willen vormen.

Na de inventarisatie begint de feitelijke onderhandelingsfase, waarbij er voor gekozen kan worden om eerst een programma of eerst het college in elkaar te sleutelen. 'Het één is niet goed, het ander is niet fout', vindt Statenlid Hans Démoed (CDA) uit Zuid-Holland. Hij was bij meerdere collegeonderhandelingen betrokken en traint namens het Steenkampinstituut van zijn partij lokale raadsleden en wethouders. Het is 'heel nobel' eerst een programma vast te stellen, zegt Démoed, maar de praktijk leert dat een coalitie er eerder kan zijn. 'Dan speelt bijvoorbeeld het geduld van mensen een rol', verklaarde Démoed onlangs tijdens een training in Nijverdal. Lokale politici werden hier ook gewaarschuwd voor trucs en valkuilen. Het opvoeren van de tijdsdruk, het manipuleren van informatie, de verdeel-en-heers-tactiek; het komt allemaal voor, al kan het ook een kwestie van onhandigheid zijn.

Voor de Hengelose wethouder Otten is het de eerste keer dat hij de onderhandelingen leidt. 'Ik zie er niet tegenop maar ik heb wel mensen met ervaring om mij heen verzameld.'

De wettelijke termijn van zes weken waarbinnen het proces moet zijn afgerond, bestaat sinds enkele jaren niet meer. Totdat er een nieuw college van B en W is, bestuurt het demissionaire college de gemeente.