Serviër Nikolic krijgt twintig jaar cel

De Bosnische Serviër Momir Nikolic is in hoger beroep door de rechters van het Joegoslavië-tribunaal tot een gevangenisstraf van twintig jaar veroordeeld.

In 2003 kreeg hij een straf opgelegd van 27 jaar wegens zijn rol bij de massamoord rond Srebrenica.

Drie jaar geleden leidde dit vonnis tot veel tumult binnen het VN-hof omdat de Bosnische Serviër een hoge straf kreeg ondanks de afspraak van strafvermindering in ruil voor een bekentenis. De rechters negeerden de afspraak tussen de aanklagers en de verdachte.

Er was een lage straf tegen hem geëist, vijftien tot twintig jaar, en de beschuldiging van genocide was uit de aanklacht gehaald. In ruil daarvoor bekende Nikolic schuld, legde hij belastende verklaringen af tegen medeverdachten, en beloofde hij samen te werken met het tribunaal.

Toch veroordeelden de rechters Nikolic toen tot 27 jaar cel omdat hij verantwoordelijk werd gehouden voor de planning van de moord op de moslims in Srebrenica.

De hoge straf voor Nikolic stond in scherp contrast met die voor Dragan Obrenovic, een andere Bosnische Serviër die eveneens schuld had bekend en die tot “slechts' zeventien jaar gevangenisstraf werd veroordeeld, en met die voor Vidoje Blagojevic, een Serviër die geen schuld had bekend voor de wandaden in Srebrenica en die ook geen berouw toonde; hij werd veroordeeld tot achttien jaar cel. Nikolic getuigde in Blagojevic' proces tegen de beklaagde, zijn voormalige superieur.

De Kamer van Beroep stelde vanmorgen de advocaten van Nicolic gedeeltelijk in het gelijk waardoor de straf met zeven jaar wordt gereduceerd. De medewerking die Nikolic had verleend aan de aanklagers van het VN-hof is, volgens de beroepskamer, onvoldoende meegewogen als verzachtende factor in het eerste vonnis.

Het vonnis in 2003 is volgens de beroepskamer ook te hoog door een ernstige vertaalfout. Tijdens het slotpleidooi van de verdediging sprak Nikolic' raadsman over “ongeveer 7000 mannen“ die waren gedood na de val van Srebrenica. In de transcriptie verscheen de zinsnede “slechts 7000 mannen“. De rechters namen hier aanstoot aan en volgens de Kamer van Beroep heeft dit een negatieve invloed gehad op de strafbepaling.

Nikolic was de eerste Bosnisch-Servische commandant die in de rechtszaal schuld bekende aan de moord op 7.500 moslim-mannen uit Srebrenica, in juli 1995. Na die verklaring, in mei 2003, werden een paar grote massagraven ontdekt. Nikolic wist precies waar die waren: na de massa-executies coördineerde hij het op- en herbegraven van de lijken. Met die herbegrafenissen probeerden de Bosnische Serviërs de bewijzen van de massamoord weg te werken.