Geen bloemen voor zelfmoord

Zelfdoding, ook onder jongeren, is in Litouwen een groot en groeiend probleem. De sociaal-economische transitie speelt daarbij een belangrijke rol.

Zijn afscheidsbrief was geschreven. Moeder moest op zijn graf een speelgoedautootje neerzetten. Zijn favoriete. De jonge zelfmoordenaar rekende op veel bloemen en veel huilende mensen. Een heldenbegrafenis.

Het liep anders. Voordat hij de hand aan zichzelf kon slaan, werd zijn brief ontdekt. Geen heldenbegrafenis, wel intensieve therapie bij Nida Zemaitiene, jeugdpsychologe in Kaunas, tweede stad van Litouwen.

Zemaitiene vertelt het verhaal over een van haar jonge patiënten graag. De jongen leeft en het gaat uitstekend met hem. Litouwen kan zo'n inspirerend verhaal goed gebruiken, want al tien jaar heeft het een van de hoogste zelfmoordcijfers ter wereld, zo niet het hoogste. De gemiddelde zelfmoordenaar in Litouwen is een man van tussen de 45 en 55 en plattelander. Maar ook de jeugd loopt steeds meer gevaar. Uit onderzoek blijkt dat inmiddels een meerderheid van de Litouwse schooljeugd zelfdoding een acceptabele keuze vindt voor iemand met problemen.

De psycholoog wijt dat onder meer aan wat ze “de cultuur van de dood“ in de Litouwse media noemt. “Onder commerciële druk geven journalisten zich over aan nauwkeurige beschrijvingen van zelfmoorden, vol romantiek en sensatie“, zegt Zemaitiene. Stof om te schrijven is er genoeg. Op honderdduizend Litouwers plegen er jaarlijks ruim veertig zelfdoding, twee keer zoveel als het Europese gemiddelde en vier keer zoveel als in Nederland.

Duidelijke oorzaken zijn moeilijk aan te wijzen. Maar alle onderzoekers zijn het erover eens dat het grote aantal zelfdodingen samenhangt met de sociaal-economische transitie in Litouwen (3,6 miljoen inwoners). “Sinds de val van het communisme moeten mensen zelf verantwoordelijkheid en initiatief te nemen“, zegt Paulius Skruidis, van het psychologische jeugdhulpcentrum in Vilnius. “Niet iedereen weet daar raad mee.“

De economische situatie in Litouwen is niet slecht, maar voor veertigers, de mensen die nog met één been in het communistische verleden staan, is het moeilijk om zich aan te passen. “En als de ouders verloren zijn, zijn de kinderen dat ook“, zegt Zemaitiene. “Wat je ook ziet is dat ouders naar het buitenland gaan om geld te verdienen en de kinderen achterlaten bij familie. Kinderen voelen zich in de steek gelaten.“

Bovendien verandert de gezondheidszorg niet snel genoeg mee met de samenleving. Skruidis: “De overheid blijft in grote psychiatrische ziekenhuizen in steden investeren, terwijl er veel meer behoefte is aan regionale hulpcentra op het platteland.“ De hulpverlening beschikt over te weinig middelen en kan de vraag niet aan. De hotline van het jeugdhulpcentrum in Vilnius werd vorig jaar ruim twee miljoen keer gebeld, maar slechts 147.000 telefoontjes konden worden beantwoord. “Veel gesprekken gaan over zelfmoord“, zegt Skruidis.

Het is volgens Zemaitiene niet zo dat de Litouwers van oudsher meer neigen naar zelfdoding. Voor de Tweede Wereldoorlog had het land zelfs een van de laagste zelfmoordcijfers van Europa. Maar daarna werd het ingelijfd in de Sovjet-Unie en volgde een periode van deportaties en russificatie. Buurland Polen lag weliswaar ook in de invloedssfeer van Moskou, maar bleef onder het communisme onafhankelijk, zonder belemmeringen voor de eigen taal en cultuur. Het aantal zelfdodingen in Polen was en is veel lager.

De politiek doet volgens de onderzoekers veel te weinig. Skruidis: “In 2003 is er een uitstekende strategie uitgestippeld voor de preventie van zelfmoorden, maar uiteindelijk is maar tien procent van het benodigde geld beschikbaar gesteld.“ Litouwse politici denken volgens de hulpverlener dat het probleem vanzelf zal overwaaien als de welvaart toeneemt. “Litouwen is al jaren een economische tijger, dus volgens die redenering zou het aantal zelfmoorden moeten afnemen, maar niets is minder waar.“

In Kaunas heeft Zemaitiene op eigen initiatief samen met scholen een netwerk van hulpverleners opgezet die in crisissituaties kunnen worden ingezet. “Na een zelfmoord zijn er altijd andere leerlingen die met het idee gaan spelen.“ De jongen van het speelgoedautootje was er zo eentje. “Een meisje bij hem op school had zelfmoord gepleegd. Het was niet zo'n aardig meisje, maar op haar begrafenis werd veel gehuild. Daarna werd ze al snel een soort heldin. Dat maakte grote indruk op hem.“

Schoolkinderen in Kaunas krijgen sinds kort de educatieve film Kies voor het leven te zien. De film, een plaatselijk initiatief, legt kinderen onder meer uit dat ze zelfmoordplannen van vriendjes nooit geheim moeten houden, ook als daarom is gevraagd. Ook wordt geprobeerd om vooroordelen over psychologische hulpverlening, namelijk dat die voor watjes is, weg te nemen. In mei wordt onder dezelfde titel als de film een groot concert gehouden in Vilnius.

Zemaitiene werkt aan een handleiding voor leerkrachten met suggesties over de omgang met zelfmoord. “De zelfmoordenaar mag natuurlijk worden herdacht als een aardig mens, maar de daad zelf moet duidelijk worden veroordeeld. Te veel bloemen en grote foto's is wat dat betreft niet goed.“

    • Stéphane Alonso