...en de stad

Rotterdam was het gevechtsterrein van de gemeenteraadsverkiezingen - en als de stad niet oppast, blijft dat zo. De uitslag, die twee grote volkspartijen tegenover elkaar plaatst en andere partijen marginaliseert, kan leiden tot een feitelijke politieke segregatie. Alleen al om een scheiding langs etnische lijn te voorkomen, zijn de Partij van de Arbeid en Leefbaar Rotterdam het aan de stad en elkaar verplicht om te onderzoeken of een grote coalitie mogelijk is. De “boel' moet hier bij elkaar worden gebracht, hoe moeilijk dat nu nog lijkt. Andere coalities zijn mogelijk, maar vooralsnog ongewenst omdat ze de verschillen tussen de bevolkingsgroepen niet ongedaan maken.

De PvdA boekte een grote overwinning. Het grootste deel van de Rotterdammers van allochtone afkomst stemde op deze partij. Hun stembusopkomst was veel hoger dan vier jaar geleden. Het was een strategische fout van Leefbaar Rotterdam om de polarisatie zó ver door te drijven. Een hele bevolkingsgroep revancheerde zich in het stemlokaal voor de vernederingen die men had ondergaan. Maar misschien moest het wel zo zijn. Polarisatie is immers de bestaansreden van Leefbaar Rotterdam. Voor de opkomst bleek het in elk geval goed, want die was relatief hoog. Maar polarisatie heeft een januskop: het is een slecht smeermiddel. In een stad met zoveel nationaliteiten wreekt het zich als de tegenstellingen voortdurend worden onderstreept.

Lijsttrekker Pastors zei gisteravond Rotterdam “een moeilijke stad“ te vinden voor zijn partij, maar hij vergat - of was niet in staat - om bij verlopend tij de bakens te verzetten. Een groot deel van de bevolking was het integratiedebat zat. Dat duurde meer dan vier jaar, en in die tijd is Pim Fortuyns gat in de markt gedicht door alle partijen. In Rotterdam leverde het een coalitie op die werk durfde te maken van de zaken die onder een jarenlang machtsmonopolie van de PvdA onbesproken waren gebleven. Het breken van dit monopolie is de grote verdienste van Leefbaar Rotterdam geweest. Maar déze verkiezingen gingen ook, en vooral, over sociale kwesties: werken, wonen en scholing, de klassieke drie-eenheid waarop een herboren Partij van de Arbeid haar winst wist te boeken.

De ideologische verschillen tussen PvdA en Leefbaar Rotterdam lijken overbrugbaar. Sterker: de lijsttrekker van de sociaal-democraten, Van Heemst, heeft bewondering voor wat de Maasstedelijke coalitie van Leefbaar, VVD en CDA op veel gebieden heeft bereikt. En het moet gezegd: het stadsbestuur heeft het lang niet slecht gedaan. Er schuilt zonder meer tragiek in dat nu een beloning is uitgebleven.

Men kan er van alles bijhalen, maar het was uiteindelijk de toon van het debat die een verkeerde is gebleken. In die zin kan de Maasstad nog wat leren van Amsterdam, waar “de-boel-bij-elkaar-houders' overtuigend hebben gewonnen. PvdA-lijsttrekker Asscher, burgemeester Cohen en model-wethouder Abouteleb laten zien dat een stad ook zonder splijtende polarisatie problemen bespreekbaar kan maken en zichzelf veranderingen kan opleggen. Op een nieuw soort grootstedelijke apartheid zit niemand te wachten. Het is samenleven - of blijvende confrontatie.