Meer dan zomaar een kunstje doen

Een vandaag gelanceerde tv-website moet, drie dagen voor het begin van de Paralympische Winterspelen, de gehandicaptensport bij een breder publiek onder de aandacht brengen.

De schampere geluiden waren niet van de lucht, maar hij had ook niet anders verwacht. ‘Ach gut, wat zielig, kan je de [tv-rechten van de] Champions League niet krijgen, en meer van dat soort opmerkingen.’ Maar John Goedegebuure zegt wel beter te weten. ‘Je kan vinden van gehandicaptensport wat je wilt, maar het is wél sport, en op het hoogste niveau zelfs topsport. Met rolstoelbasketbal als beste voorbeeld.’

Op initiatief van het Internationaal Paralympische Comité (IPC) lanceerde de mede-oprichter van het in Londen gevestigde Narrowstep vandaag een tv-website, die de gehandicaptensport bij een breder publiek kosteloos onder de aandacht moeten brengen: www.ParalympicSport.tv. Twee hoofdsponsors (Samsung en Visa) ondersteunen het initiatief, dat vanuit Nederland wordt gepromoot door sportkoepel NOC*NSF.

Het themakanaal is een van de inmiddels 86 ‘tv-webzenders' die Narrowstep namens derden (bedrijven, universiteiten, sportbonden) in beheer heeft. En ja, óók voor (top)sport bedreven door mensen met een fysieke en/of een verstandelijke handicap bestaat een markt, bezweert Goedegebuure. ‘Dit is weer zo'n typisch voorbeeld van een thema, dat op het open net te weinig kijkers trekt, maar op internet wel bestaansrecht heeft, omdat het bereik op het World Wide Web vele malen groter is.’

Vrijdag beginnen in Turijn de Paralympische Winterspelen, en Goedegebuure (50) zegt meer dan honderd uur rechtstreeks uit te zullen zenden vanuit de Italiaanse stad. ‘En dat doet de NOS om voor hen begrijpelijke redenen dus niet’, zegt de internetondernemer uit Lisse. Het olympisch toernooi geldt als de kick-off van het themakanaal; jaarlijks hoopt het IPC via het eigen medium aandacht te besteden aan maar liefst driehonderd evenementen. Eén daarvan wordt over een half jaar in Nederland (Assen) gehouden: de WK atletiek voor gehandicapten, met naar schatting 1.500 sporters afkomstig uit honderd landen.

Directeur Eric de Winter van de Nederlandse Bond voor Aangepast Sporten (NEBAS) juicht de komst van een eigen tv-zender toe. ‘Gehandicaptensport staat bij de media niet bovenaan het lijstje, en dat begrijp ik. Voor ons geldt wat ook voor de valide sporten geldt: aandacht moet je verdienen. Dat doe je door topprestaties neer te zetten. Of, zoals het IPC nu doet, door de productie en bijbehorende kosten zelf ter hand te nemen.’

Nederland is, voor het eerst sinds 1984 (Innsbruck), niet vertegenwoordigd bij de Paralympische Winterspelen. Met als gevolg dat de NOS ‘weinig tot geen aandacht aan het evenement zal besteden’, vermoedt De Winter. ‘Het is jammer dat wij ontbreken, maar onlogisch is het niet: anders dan bij de ‘gewone' Winterspelen is schaatsen geen olympische sport, en daar moeten we het toch van hebben.’

Vier disciplines staan in Turijn op het programma voor de 550 sporters uit 41 landen: alpineskiën, Noords skiën (biatlon en langlaufen), ijssleehockey en rolstoel curling. Die laatste discipline maakt in Piemonte haar olympisch debuut. Vier jaar geleden, toen Salt Lake City gastheer was van de Winterspelen, sprak Nederland dankzij Marjorie van de Bunt nog een woordje mee. Bij haar derde en laatste olympische optreden won de ergotherapeute uit Terneuzen vier medailles: eenmaal goud (biathlon) en driemaal zilver (5, 10 en 15 kilometer langlaufen).

De Winter bestrijdt de suggestie als zou een eigen tv-kanaal de invalidensport uit het verdomhoekje halen. ‘Daar bevinden we ons allang niet meer.’ Maar een middel om erkenning af te dwingen? ‘Nee, ook dat niet. Huilverhalen zijn niet aan mij besteed. Erkenning krijgen we voldoende, van zowel de bonden als de overheid. Het enige waar ik vanaf zou willen is het vooroordeel als zouden onze sporters ‘een kunstje doen'. Het is topsport, zij het lang niet in alle gevallen. Maar dat moet ook gewoon zo gezegd worden.’

Aan een gebrek aan belangstelling zal de site niet ten onder gaan, denkt De Winter. ‘Nederland telt 30 tot 35.000 sporters met een beperking. Grofweg 4 tot 5 procent van de bevolking valt onder de noemer gehandicapt. Trek die lijn door naar de wereldbevolking, en je hebt de potentiële groep van direct-geïnteresseerden.’

In Nederland is die groep volgens De Winter groter dan menigeen zou vermoeden. ‘Het onderzoek dateert alweer van een paar jaar geleden, maar de VPRO toonde destijds aan dat de gemiddelde tv-kijker best bereid is om af te stemmen op gehandicaptensport. Dat scoorde zelfs hoger dan basketbal en volleybal.’

Verrast dat twee grote sponsors hun naam hebben verbonden aan het project is De Winter niet. ‘Gehandicaptensport biedt veel meer exposure-mogelijkheden. Bij de ‘gewone' Spelen is de ruimte al helemaal beperkt. Bovendien draagt het ondersteunen van gehandicaptensport bij tot een beter imago.’