‘Deloitte en top Ahold schoten ernstig tekort'

Zowel de voormalige Ahold-leiding als huisaccountant Deloitte is ernstig in gebreke gebleven in het boekhoudschandaal rond het supermarktconcern. Dat concludeert getuige-deskundige prof. J. van de Poel in een rapportage die hij maakte ten behoeve van het strafproces tegen vier voormalige Ahold-bestuurders.

De conclusies kwamen gistermiddag aan de orde in de rechtszaak tegen de ex-top van Ahold. Vanmorgen liet voormalig financieel directeur Michiel Meurs zich voor het eerst uitgebreid uit over het boekhoudschandaal.

Volgens deskundige Van de Poel was het ‘buitengewoon onverstandig en dom’ van Ahold-bestuurders om aanvullende contracten (control letters) te tekenen met buitenlandse partners, waarin gesteld werd dat Ahold de baas was. Daarmee gaf het supermarktconcern in wezen toe dat het onvoldoende macht had zonder die contracten. Maar ‘het allerdomste’ was dat Ahold-bestuurders ook nog eens geheime contracten (side letters) ondertekenden die de zeggenschap weer tegenspraken. ‘Daarmee ontstond het risico van valsheid in geschrifte. Onvoorstelbaar dat professionals dat op dit niveau gedaan hebben.’

Volgens de deskundige zorgde de discussie tussen Ahold en de Amerikaanse afdeling van accountant Deloitte voor zoveel onrust dat de blik van de Nederlandse accountants vertroebelde. ‘Deloitte Nederland was te opgelucht door de oplossing van de kwestie middels een control letter om daarna ook nog kritisch te kunnen zijn.’

Terwijl er wel degelijk reden tot wantrouwen was: ‘De externe accountant heeft een tijdbom genegeerd.’ Volgens Van de Poel is de problematiek van zeggenschap bij joint ventures zwaar onderschat. ‘Bekwame toezichthouders hadden eerder ingegrepen.’ De Zweedse ex-commissaris Roland Fahlin treft hierbij, als voorzitter van de boekhoudcommissie van de commissarissen, de meeste blaam.

Ahold telde een aantal buitenlandse joint ventures mee in zijn omzet (consolideren). Toen het boekhoudschandaal naar buiten kwam werden de deelnemingen weer gedeconsolideerd: het volledig meetellen van de omzet werd teruggedraaid. Voormalig financieel bestuurder Meurs bekritiseerde vanochtend deze beslissing: ‘De deconsolidatie is gebeurd door mensen die niet volledig konden beoordelen hoe het zat.’

Oud-topman Cees van der Hoeven noemde het terugdraaien van de cijfers ‘een volstrekt onjuiste weergave’ en ‘een schande’. Het jaarverslag over 2002 en 2003 noemde hij ‘een onvoorstelbaar armzalige presentatie’.

Meurs betoogde vanmorgen uitvoerig dat de consolidatie van Aholds dochters volgens Nederlandse boekhoudregels normaal was. In de loop van de jaren ontstond er steeds meer discussie met de accountant over deze problematiek, onder meer bij Aholds joint ventures met het Scandinavische ICA en het Portugese JMR. Maar volgens Van der Hoeven en Meurs heeft Deloitte de consolidatie onder Nederlandse boekhoudregels nooit ter discussie gesteld. De voormalige Ahold-top onderstreepte dat de consolidatie de werkelijkheid weergaf. Bovendien was het volgens Meurs belangrijk dat ‘de rapportages naar het publiek consistent waren’ en dat de grondslagen voor consolidatie niet zomaar gewijzigd werden.

www.nrc.nl: Weblog en dossier Ahold-proces