Stropdas? Zal wel een VVD'er zijn

VVD'ers dragen een driedelig pak en SGP'ers hebben een truttige coltrui aan. Hoe ontstaan deze vooroordelen eigenlijk en waarom doen we eraan mee?

4. Frank Visser : 'Ik vraag me af waarom ik deze trui droeg. Toch denk ik dat ik zelfverzekerd en serieus overkom. Ik zie er doorsnee uit. Ik zal niet snel een stropdas dragen, maar ooit zal ik er aan moet geloven.' Foto's: Brigit Kooijman OLYMPUS DIGITAL CAMERA Kooijman, Brigit

Stereotypen zijn cultureel gebonden, stelt hoogleraar sociale psychologie Daniël Wigboldus van Radboud Universiteit Nijmegen. Ze vormen zich door de opvoeding, op school en via de media. Wigboldus: 'Als we keer op keer in de media een VVD'er met een stropdas zien, gaan we automatisch VVD'ers met stropdassen associëren.' Daarnaast speelt ook de eigen observatie een rol bij stereotypering. Als een bepaald beeld continue bevestigd wordt door eigen ervaringen, blijft het in je hoofd zitten. 'Veel mensen denken bij skinheads aan agressie en bij Engelsen aan theedrinken. Als je in Engeland bent en je ziet iemand theedrinken, dan wordt die associatie nog sterker, bijna automatisch. Net zoals je bij Bassie meteen aan Adriaan denkt. Dit is functioneel, omdat we anders al die informatie die we binnenkrijgen op een dag niet goed kunnen verwerken.'

Als je mensen foto's voorhoudt van politici en ze moeten raden bij welke politieke partijen ze horen, dan zullen ze uitgaan van het eigen beeld dat ze van die partijen hebben. Wigboldus: 'Als je een SP'er een net pak ziet dragen, dan kan het uiterlijk van die persoon niet overeenkomen met het beeld dat je van die partij hebt. Mensen zullen een verklaring gaan zoeken voor deze tegenstrijdige informatie. Ze kunnen vervolgens tot de conclusie komen dat dit geen echte SP'er is en ze zullen die persoon buiten de groep gaan plaatsen.' Dit kan voor een politicus ook in zijn voordeel werken, omdat hij op die manier wel opvalt, meent de hoogleraar. 'Ons informatieverwerkingssysteem moet namelijk moeite doen om de tegenstrijdige beelden te verwerken en een verklaring gaan zoeken waarom het vaststaande beeld niet klopt.'

Toch verschillen mensen in de mate waarin ze zich laten beïnvloeden door stereotypen. 'Als ik op straat loop en ik zie een groep skinheads dan word ik, omdat ik deze groep met agressie associeer, zenuwachtig en ga ik onttrekkende bewegingen maken', zegt Wigboldus. 'Maar ik kan ook mijn automatismen corrigeren en me vermannen. Dan merk ik misschien dat ze helemaal niet zo agressief zijn als ik dacht. Zo kan ik het stereotype dat ik van deze groep heb afzwakken.'

Maar het blijft moeilijk om van de vooroordelen af te komen. Wigboldus: 'Ons informatieverwerkingssysteem doet zijn uiterste best om stereotypen in stand te houden, omdat anders het hele systeem omgegooid moet worden.'

De antwoorden: 1 d, 2 h, 3 b, 4 g, 5 f, 6 c, 7 e, 8 a