Laat de mensenrechten niet schieten

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties debatteert over de oprichting van een Raad voor de Rechten van de Mens. Dit zou een unieke gelegenheid zijn om de bescherming van de mensenrechten wereldwijd te verbeteren, meent Louise Arbour.

De internationale gemeenschap krijgt de kans om een begin te maken met de realisatie van een nieuw, krachtiger bestel voor de bescherming van de rechten van de mens overal ter wereld. Deze unieke gelegenheid heeft de vorm van een blauwdruk voor een nieuwe instantie ter bewaking van de mensenrechten die wacht op goedkeuring door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Dit initiatief verdient onze aandacht.

De mondiale instantie krijgt het verzoek voorgelegd om over te gaan tot de oprichting van een Raad voor de Rechten van de Mens, ter vervanging van de omstreden VN-Commissie voor de Rechten van de Mens. De Raad heeft aansluitend bij de vorig jaar in New York gehouden wereldtop gestalte gekregen in de loop van maandenlange verhitte en vaak moeizame debatten. Alle internationale leiders op die bijeenkomst hebben opnieuw de rol van de mensenrechten als centrale pijler van het werk van de VN bevestigd, en besloten dat een krachtiger instantie de plaats van de Commissie moest innemen.

Het voorstel dat de voorzitter nu aan de Vergadering voorlegt, heeft de kenmerken van die krachtiger instantie. Het concept zal de toekomstige Raad in staat stellen objectiever en geloofwaardiger op te treden tegen schendingen van de mensenrechten overal ter wereld. Het legt maatstaven aan voor nieuwe lidstaten, die uitdrukkelijk zullen moeten toezeggen de rechten van de mens te bevorderen en te beschermen. Het voorziet tevens in schorsing van leden die op grove en systematische wijze die rechten schenden.

Anders dan de Commissie zal de Raad tot taak krijgen op periodieke basis de stand van de mensenrechten in alle landen, te beginnen met zijn eigen leden, te beoordelen. Geen land zal aan kritisch onderzoek ontkomen, en geen land zal nog het lidmaatschap van de hoogste mensenrechteninstantie van de VN kunnen aangrijpen om zichzelf of zijn bondgenoten te vrijwaren van kritiek of veroordeling wegens schending van die rechten.

De Raad zal ook in de loop van het jaar gedurende langere perioden bijeenkomen, en snel kunnen reageren op opkomende mensenrechtencrises. Mogelijke schenders zouden gewaarschuwd zijn dat de wereld voortdurend toeziet, en niet alleen maar tijdens de anderhalve maand in het voorjaar dat de Commissie traditioneel bijeenkomt.

Ter bescherming van fundamentele vrijheden heeft de Commissie de internationale gemeenschap de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en nog een aantal andere essentiële verdragen geschonken. Zij heeft tijdens haar jaarlijkse zittingen de aandacht gevestigd op tal van mensenrechtenkwesties en -debatten.

Zij heeft vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld de gelegenheid geboden om de klachten van individuen internationaal voor het voetlicht te brengen, en was daarmee het enige mondiale forum waar schenders rechtstreeks konden worden aangesproken. Zij heeft ook een uniek stelsel van onafhankelijke mensenrechtenonderzoekers opgebouwd. Een van die deskundigen was een van de eersten die waarschuwden voor de ophanden zijnde genocide in Rwanda, en een andere deskundige vestigde de aandacht op de situatie in Darfur voordat die aandacht kreeg in de media.

Het is een onloochenbaar feit dat de Commissie veel van haar geloofwaardigheid is kwijtgeraakt. Enkele staten hebben er lid van willen worden, niet om de mensenrechten te steunen, maar om zichzelf te vrijwaren van kritiek, of om anderen te kritiseren. Ook is de Commissie herhaaldelijk traag in actie gekomen om ernstige schendingen een halt toe te roepen. Dit tekort aan geloofwaardigheid ondermijnt het mensenrechtenbeleid van de Verenigde Naties als geheel. De Raad zal in aanzienlijke mate de oorzaken van deze tekortkomingen aanpakken.

Laat er geen misverstand over bestaan dat het voorstel dat thans voor de Algemene Vergadering ligt de uitkomst is van een compromis. Een ideale blauwdruk kan het niet zijn. En er is geen reden om aan te nemen dat langer onderhandelen tot een beter resultaat zou leiden.

Maar zelfs een op papier volmaakte instantie kan niet slagen als de internationale gemeenschap niet de vereiste omslag tot stand brengt in de cultuur van de bewaking van de mensenrechten. De Commissie is vooral in haar werk belemmerd doordat de internationale gemeenschap die omslag niet heeft kunnen realiseren - doordat zij niet in staat is gebleken om na het opzetten van het kader voor het internationale mensenrechtenbestel, zichzelf opnieuw gestalte te geven. Het geval Rwanda illustreert dit op schrijnende wijze. Daar hebben de procedures van de Commissie goed gewerkt, maar zijn de waarschuwingen van de onderzoeker in de wind geslagen. De politieke wil en het politieke engagement van de internationale gemeenschap zullen net zo belangrijk zijn om de nieuwe Raad goed te doen functioneren als alle veranderingen in structuur of werkwijze.

Louise Arbour is Hoge Commissaris van de VN voor de Mensenrechten. Haar bureau werkt samen met de Commissie en zou het werk van de Raad moeten gaan ondersteunen.