'Ik blijf een circusmeisje'

Tussen haar poptournees, optredens op Broadway en vlak voor haar rol als Jenny in de 'Dreigroschenoper', komt Cyndi Lauper met een cd met nieuwe versies van haar hits en favorieten.

Lauper (Foto Lex van Rossen) AMSTERDAM, 24-1-2006. CINDY LAUPER FOTO LEX VAN ROSSEN Rossen, Lex van

'Ik was al geen onbezonnen meisje meer toen ik Girls just wanna have fun opnam', zegt Cyndi Lauper over haar onuitroeibare imago als het vrolijke jonge ding uit die jaren tachtig-tophit. Lauper (geboren in New York, juni '53) heeft zich sindsdien ontwikkeld tot een geoefend zangeres die met haar imposante stem het grote musicalrepertoire aankan en die tussen haar pop-tournees op Broadway zingt en acteert. Eind deze maand debuteert ze als Jenny in Brecht & Weill's Three Penny Opera. Voor de lol, maar ook om in de rest van de wereld niet vergeten te worden, brengt ze eerst nog een luchtige cd uit met akoestische versies van haar hits en favorieten.

Het album The Body Acoustic (vrij naar Walt Whitmans gedicht I sing the body electric) bevat nieuwe en vaak drastisch gewijzigde versies van Money changes everything, Time after time en natuurlijk Girls just wanna have fun. Is dat nooit geëvenaarde succes uit 1984, goed voor negen miljoen verkochte exemplaren van haar debuutalbum She's So Unusual, een molensteen om haar nek? 'Nee, want toen ik het zong was ik gelukkig allang geen naïeve debutante meer. Ik heb ten volle van het succes kunnen genieten. Daarbij heb ik er altijd een punt van gemaakt om me muzikaal te ontwikkelen. Toen ik eenmaal genoeg geld verdiende, kocht ik alle muziekinstrumenten die met voor de voeten kwamen. Ik leerde ukelele spelen, dulcimer, gitaar, autoharp. Zelfs een trombone haalde ik in huis, maar dat is nooit wat geworden. Uit die tijd stamt mijn verlangen om nog eens een volledig akoestisch album te maken. Noem het maar een hang naar simpeler tijden, toen de hele familie zich in de schemering op de veranda verzamelde en vader zijn viool tevoorschijn haalde.'

Laupers favoriete instrument is de dulcimer, een viersnarig tokkelinstrument uit de folktraditie. 'Het bijzondere van die oude instrumenten is dat ze je als het ware zelf vertellen hoe ze gestemd willen worden. Als je de dulcimer in een accoord stemt, rollen de melodieën er vanzelf uit. Het nummer Fearless heb ik op die manier gecomponeerd, door zomaar een beetje te tokkelen en er niet bij na te denken. Op die manier krijg je muziek die bijna altijd lekker in het gehoor ligt, omdat het past in een eeuwenoude traditie van volkse deuntjes als The wildwood flower.'

Graven in het muziekverleden behoort tot Cyndi Laupers favoriete bezigheden. 'Als Amerikaans zangeres mag je het podium niet op voordat je platen van Billie Holiday en Big Mama Thornton gehoord hebt, vind ik. Het mooie is dat je aan hun stemmen kunt horen uit welke muzikale sfeer ze komen. Billie Holiday klinkt als een zwoele jazztrompet; Thornton tiert alsof ze een vervormde elektrische gitaar wil imiteren. Zelf heb ik van huis uit niet zo veel met de blues. Totdat Jeff Beck zich bij mijn opname voegde en er een onmiskenbaar bluesgevoel over de muziek neerdaalde. Niet slecht voor een bleke Engelsman en een juffie uit Queens.'

Ook de samenwerking met dancehall-rapper Shaggy (in het nummer All through the night) stond op haar wensenlijst. 'Ik blijf hoe dan ook een circusmeisje. Ik hou van kleurrijke combinaties en vocale acrobatiek. Shaggy bleek ondanks al zijn stoeremannengedrag een hele charmante, vriendelijke jongen. Voor vrouwelijke collega's moet ik veel meer op mijn hoede zijn. Toen ik Sarah McLachlan en Ani DiFranco vroeg om duetten te zingen, wist ik dat ik het risico liep om op mijn eigen plaat te worden overschaduwd. Zo ver heb ik het niet laten komen, want als het moet kan ik een enorme keel opzetten. Dat gaat me nog goed van pas komen, straks op Broadway.'

Cyndi Lauper: The Body Acoustic verschijnt vandaag bij Epic/Sony.

    • Jan Vollaard