Concentratie in de zorg

Het aantal mensen dat afgelopen maanden is overgestapt naar een andere zorgverzekering is veel hoger dan was voorzien door de verzekeraars zelf en andere specialisten op dit terrein. Dat is het voorlopige resultaat van de hervorming van het zorgstelsel, waarbij iedereen gelijkelijk mag kiezen omdat het verschil tussen ziekenfonds en particuliere verzekering is opgeheven. Het onverwachte overstappen van ten minste 15 procent van de verzekerden heeft vooralsnog geen administratieve chaos veroorzaakt. Niet iedere verzekerde wordt op tijd bediend, telefonisch is een aantal kantoren moeilijk te bereiken en lang niet alle opzeggingen en aanmeldingen zijn doorgevoerd, maar in grote lijnen kunnen verzekeraars deze herculestaak nog aan.

Het effect van het massale overstappen kan niet uitblijven. Er is een nieuwe groep kritische klanten bijgekomen die prijzen vergelijken en de kleine lettertjes lezen. Nu zij van hun keuzemogelijkheden gebruik maken, moeten verzekeraars harder werken om hun klanten te behouden. Dat veronderstelt wel dat er goede overstapmogelijkheden zijn tussen fel concurrerende verzekeraars.

Of die concurrentie plaatsheeft, is nog helemaal de vraag. Door terugtrekking uit de markt en fusies blijven er elk jaar minder zorgverzekeraars over. Buitenlandse partijen spelen nauwelijks een rol. Van de nieuwe waakhond over de concurrentie in de zorg, de Nederlandse Zorgautoriteit, valt over de concentratie in de markt nog weinig te horen. Die concentratie is versterkt door de lage premies die sommige verzekeraars hebben aangeboden. Zij worden zelfs beschuldigd van het dumpen van prijzen en het Centraal Planbureau voorspelt een flinke stijging van de premies volgend jaar, want de kosten van de zorg zijn niet gedaald. Bovendien hebben de winnaars in de markt een machtspositie in bepaalde regio's waar weinig concurrentie mogelijk is. De regionale oligopolies worden weer doorkruist door de collectieve contracten die verzekeraars hebben afgesloten met bepaalde categorieën werknemers of patiënten. Met collectieve contracten kan de service voor bepaalde groepen verzekerden, bijvoorbeeld diabetes-patiënten, worden verbeterd maar het kan ook een manier zijn van risicoselectie, waarbij dure patiënten worden gescheiden van goedkope.

Een grote groep verzekerden is voor het jaar 2006 met de premie voordelig uit, maar waarschijnlijk niet voor 2007. De kosten van de zorg dalen voorlopig niet wegens de geringe contracteervrijheid van verzekeraars met zorgverleners. Die vrijheid van verzekeraars om al dan niet contracten te sluiten met dokters en ziekenhuizen, wordt ook beperkt door de wens van patiënten om zelf een zorgaanbieder te kunnen kiezen. Ook de zorgaanbieders fuseren om tegenwicht te bieden aan de groeiende verzekeringsconglomeraten. De hoop is dat de grote zorgaanbieders zich in onderling overleg meer zullen specialiseren.

Het zorgstelsel is sinds 1 januari op onomkeerbare manier veranderd. Er is meer sprake van concentratie en samenwerking dan van marktwerking en concurrentie. Aan de zorg zelf is nog weinig veranderd. Het is nog onduidelijk wat de klanten voor hun verzekering krijgen. Alle administratieve inspanningen die uit de stelselwijziging voortvloeien moeten nog vrucht afwerpen.