Van eenzaamheid tot emancipatie: Marokkaanse vrouwen in Utrecht

In Utrecht vindt een 'emancipatiegolfje' plaats onder geïsoleerde Marokkaanse vrouwen. Maar het voortbestaan van de professionele hulp voor deze groep is onzeker.

Sociaal raadsvrouw Nel Konst (links) vangt 's morgens Marokkaanse vrouwen op in buurthuis De Tol in Hoograven. Foto Roel Rozenburg Utrecht:1.3.6 Hooggraven. © foto, Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

De vrouw in de groene nylon kaftan is zestien jaar niet buiten geweest. Ze is 55 jaar en woonde al die tijd in een rijtjeshuis in de Montfoortlaan in Hoograven. Ze bracht er acht kinderen groot. Ze sprak alleen Berbers. Ze kon niet schrijven en haar man verloor een paar jaar na haar komst uit El Hoceima, Marokko, in 1981 zijn fabrieksbaan.

Stress in huis. Het gezin leefde van de bijstand. Hij raakte aan de drank. Twee van de vier zoons ook. Ze werden na elke beroving door de politie thuis gebracht. De andere twee zoons spoten heroïne. Haar man sloeg haar en de kinderen. Hij schreeuwde dat ze met hun poten van de melk in de koelkast af moesten blijven. 'Liefde blijft niet altijd', zegt ze nu.

De jongens bleven weg, de meisjes slopen door het huis en deden de boodschappen. Als er geld was. De mevrouw met de groene kaftan mocht alleen in de achtertuin komen. Toen haar paspoort moest worden verlengd, bracht haar man haar 's nachts naar de fotograaf voor de pasfoto. En haar dochters? Die zeiden: Zó is mijn vader en zó is mijn moeder. Daar kunnen wij niks aan doen.

'Er is onder geïsoleerde Marokkaanse vrouwen boven de vijftig in de wijk een emancipatiegolfje te zien', zegt Nel Konst, sociaal raadsvrouw in Hoograven. 'Ze worden strijdbaar, maar ze zijn er slecht aan toe. Juist nu hebben ze het maatschappelijk werk extra hard nodig en dat is niet altijd goed toegankelijk.' In Hoograven is politieke discussie ontstaan over de doelmatigheid van welzijnsorganisatie Portes.

Volgens de vorige maand verschenen sociale monitor van Utrecht heeft negen procent van de 6.700 inwoners van Nieuw-Hoograven onvoldoende sociale contacten. Volgens de maatschappelijk werkers wordt met die negen procent bedoeld: de Marokkaanse vrouwen.

'Er zijn honderden gevangen vrouwen in de wijk, van alle leeftijden', zegt Konst. 'Ze hebben niet alleen een man die over hen heerst, maar ook kinderen die dat doen. Ze durven zelfs als hun man weg is niet naar buiten. Op straat heerst het roddelcircuit, de vrouwen zijn niet met elkaar begaan. Het is een wonder dat ze nog in Nederland zijn. Hun mannen zeggen: 'Als jij niet doet wat ik zeg, ga je terug naar Marokko'.'

Nel Konst krijgt de gevangen vrouwen soms op bezoek. In de ochtenduren tussen negen en elf, als de kinderen naar school zijn en de mannen weg. Ze willen scheiden, ze willen taalles. Sinds het verplicht is lessen Nederlands te volgen, komen de vrouwen minstens een keer in de week buiten. Bureau Inburgering meldt in Utrecht een hoog opkomstpercentage voor de taallessen.

De achterbuurvrouw zag de vrouw in de groene kaftan zitten achter het kamerraam. Elke dag als ze langsliep. In mei 2004 belde ze bij haar aan, met Nel Konst. De vrouw had niets te eten en leed aan suikerziekte. Konst stelde voor de helft van de uitkering en van het vakantiegeld van haar man op te eisen bij de Sociale Dienst. De man was des duivels, verbande zijn vrouw naar de eerste verdieping en verliet vorig jaar mei voorgoed het huis om weer een volledige uitkering te krijgen. De vrouw vroeg een scheiding aan en kreeg haar zin. Haar man vertrok naar de wijk Lombok. 'Het is beter te vergeten', zegt ze nu. Haar glimlach is zacht gebleven.

De afgelopen vijf jaar heeft Konst meer vrouwen aan een scheiding geholpen. Ze is vrijwilliger bij Portes. Ze helpt de vrouwen vanuit haar eigen woonkamer met hun administratie en met de kwijtschelding van bijvoorbeeld de OZB en de afvalstoffenheffing. Twee jaar geleden hief Portes het inloopspreekuur voor vrouwen in de wijk op, als bezuiniging. De vrouwen maakten uit zichzelf geen afspraak met een maatschappelijk werker om over opvoedingsproblemen en relatiecrises te praten. Drie weken geleden voerden twintig vrouwen actie om het spreekuur weer in te voeren.

Het huidige Portes is ontstaan uit vijf fusies, sinds 1988. 'Vroeger bedachten we een activiteit of een spreekuur voor de buurt', vertelt Tom Derksen. Hij begon eind jaren tachtig in Hoograven als coördinator van buurthuis De Ravelijn en was tot vorig jaar manager Personeelszaken van Portes. 'Als het niet aansloeg, bedachten we iets anders. Sinds de fusies is het werken in de wijk star geworden, al willen de hulpverleners het graag goed doen. Er zijn twee managementlagen bij gekomen en elk idee moet worden overlegd. Er wordt te weinig gekeken naar de behoefte van wijkbewoners.'

Portes ontvangt jaarlijks 18 miljoen euro aan gemeentelijke subsidies, waarvan ongeveer 1,5 miljoen in Hoograven wordt besteed. D66 in Utrecht wil onderzoek laten doen naar de efficiëntie van de welzijnsorganisaties in de stad.

'De overheadkosten bij Portes zijn hoog', zegt Patricia de Nijs, die in Hoograven woont en op de D66-kandidatenlijst bij de gemeenteraadsverkiezingen. 'En de organisatie werkt traag in de wijk, gericht op doelgroepen die niet bestaan en gehinderd door veel regeltjes.' Dat gaat ten koste van de geïsoleerde vrouwen in Hoograven, vindt D66.

Op het Smaragdplein aan de noordgrens van Hoograven staat Hans Berends, gemeenteraadslid van Leefbaar Utrecht, in de sneeuwbuien te flyeren. In de vertrouwelijke raadsstukken over de twee welzijnsorganisaties, die vorige maand in de commissievergadering voorbij kwamen, heeft Berends gezien dat 'de efficiency flink omhoog kan. Bij een van de organisaties moeten de werknemers elk kwartier op een briefje invullen dat ze een kwartier hebben gewerkt. Er is daar een persoon fulltime in dienst om die briefjes te verwerken.'

Gemeenteraadslid Adi Hoitink van GroenLinks heeft pas een bezoek gebracht aan Portes. 'Totaal onnodig', vindt ze het D66-idee van een onderzoek. 'Het welzijnswerk is extreem afgeknepen de afgelopen decennia, in Utrecht meer nog dan het landelijk gemiddelde. De subsidie aan Portes wordt nu jaarlijks toegekend op onzekere basis. Hulpverleners moeten elke handeling factureren. We máken boekhouders van ze en tegelijkertijd willen we dat ze doelmatig werken. Het effect is dat ze niet veel meer durven, dat goede mensen vertrekken.'

Hoitink vindt dat de gemeente niet het aantal uren moet subsidiëren, maar het doel. 'Nu zeggen ze in Hoograven: we besteden per maand twintig uur aan geïsoleerde vrouwen. De gemeente moet met Portes afspreken: Over drie jaar leeft nog maar vijf procent van de Marokkaanse vrouwen in Hoograven geïsoleerd.'

De vrouw in de groene kaftan heeft een van haar verslaafde zoons, die net is afgekickt, in huis genomen. Ze heeft weer contact met haar dochters. Vandaag trouwt haar jongste zoon van 26 jaar. De kinderen hebben het oude matras uit haar slaapkamer gehaald en een bed neergezet. 'Misschien leef ik nog drie of vijf jaar', zegt de vrouw. 'Maar ik ben blij.'