Gouden Doerianprijs: misverstanden wegnemen

De jury van de Gouden Doerian 2006 reikt binnenkort een prijs uit voor de slechtste literaire roman/verhalenbundel verschenen in 2005, omdat er naar haar mening veel boeken verschijnen die evident niet goed zijn. Het zou beter zijn als alle welwillende lezersaandacht uit kon gaan naar goede boeken die ook verschijnen.

Er worden jaarlijks veel literaire prijzen uitgereikt door veel jury's. Bij al die rijkdom lijkt het de jury van de Gouden Doerian niet bedreigend voor de goede literatuur als er ook een 'prijs' is voor slechte literatuur. De aard van de prijs maakt al duidelijk dat de Gouden Doerian - net als bijvoorbeeld de Golden Raspberry, de Gouden Ui en de Gouden Tomaat, prijzen voor slechte films en theater, niet helemaal serieus te nemen is - maar toch ook wel. De gekwetste reacties, ook dit jaar weer, alleen al bij het bekend worden van het voornemen de Doerian uit te reiken, wijzen erop dat de prijs het uitreiken waard is. Wel moeten er enige misverstanden uit de weg worden geruimd, zo blijkt wederom uit Joost Zwagerman's column (Leven &cetera, 25 febr).

1) De verleden jaar opgestelde 'longlist' voor de Gouden Doerian was een evidente poging tot plagiaat van andere literaire prijzen en diende nadrukkelijk niet 'ter illustratie van het armzalige beleid van sommige literaire uitgeverijen', zoals Zwagerman schrijft. De Doerian-jury leest en beoordeelt boeken, geen uitgeverijen. Wel heeft zij haar bedenkingen bij het redactionele beleid - of het ontbreken daarvan - bij sommige uitgeverijen.

2) Dat Willem Jan Ottens roman Specht en zoon de Libris Prijs heeft gewonnen, wil nog niet zeggen dat de jury van de Gouden Doerian dat boek ook positief had moeten beoordelen. Een dergelijke orkestratie vereist een logica die de jury van de Gouden Doerian niet eigen is.

3) Zwagermans betwistbare mening dat de heer Jaeggi als schrijver van mindere kwaliteit is betekent niet dat Jaeggi zich geen oordeel zou kunnen en mogen vormen over boeken. De overige juryleden van de Gouden Doerian kunnen romans noch verhalen schrijven, en toch hebben zij, net als Jaeggi, literaire smaak en oordeelskracht (wat naar alle waarschijnlijkheid ook gold voor niet-literatoren als Rinnooy Kan en Bolkestein, ooit juryvoorzitter van de Libris- respectievelijk de AKO-prijs).

De juryleden van de Gouden Doerian hebben geen literaire pretenties, maar lezerspretenties. Niet voor niets omschrijven zij zichzelf als de strengste leesclub van Nederland (zie: www.goudendoerian.nl). Zij willen lezen, en daarbij niet gestoord worden door slappe plotjes, lusteloos uit het dagelijkse leven gekopieerde verhaaltjes, harkerige zinnen, klakkeloos op het papier gekwakte spreektaal, nodeloze en smakeloze neuk-, bef- en pijpscènes, kortom: ondoordachte, literair bedoelde wanproducten.

Om partijstrijd en zelfs maar de schijn van factievorming in de republiek der letteren te voorkomen is de jury dit jaar samengesteld uit hartstochtelijke lezers met diverse achtergronden: een schrijver, een journaliste, een farmaceut en een universitair docent. Tot voor de samenstelling van deze jury kenden de meeste leden elkaar niet; noch hadden ze elkaars weblogs of -sites uitgeplozen op tikfouten, wetend dat dergelijke teksten onvergelijkbaar zijn met literaire, door professionele uitgevers op de markt gebrachte romans.

Namens de jury van de Gouden Doerian, Fabian R.W. Stolk