De stelling van Adriaan Jaeggi: Gouden Doerian voor het slechtste boek geeft goede boeken glans

Door de enorme aantallen boeken die verschijnen, zien lezers door de bomen het bos niet meer. Dan is het goed te weten welk boek ze absoluut niet moeten lezen, zegt Adriaan Jaeggi tegen Elsbeth Etty.

Adriaan Jaeggi is schrijver en lid van de Gouden Doerian, de prijs voor het slechtste Nederlandstalige literaire boek. (Foto's Jørgen Krielen) ©Jørgen Krielen/02-03-2006-Amsterdam/ Elsbeth Etty in gesprek met Adriaan Jaeggi Krielen, Jørgen

Voor de eerste maal wordt in de komende Boekenweek de Gouden Doerian voor het slechtste Nederlandstalige literaire boek uitgereikt. Vorig jaar ging de prijsuitreiking niet door, omdat na een storm van verontwaardiging over de beweegredenen van de jury twee juryleden opstapten. Waarom heeft u als initiatiefnemer van de prijs besloten er desondanks mee door te gaan?

'Er zijn veel literaire prijzen voor de beste boeken. Door het nooit te hebben over slechte boeken, lijkt het alsof literatuur heilig is. Neem 'Knielen op een bed violen' van Jan Siebelink dat de AKO-prijs won. In de jury van de Gouden Doerian vroegen één of twee mensen zich af waarom dat eigenlijk bekroond was. Zij vonden het helemaal geen goed boek.'

Dat las ik in de krant. De shortlist wordt volgende week bekendgemaakt , maar vooraf is al meegedeeld dat Siebelink niet wordt genomineerd voor uw stinkprijs, omdat dat te veel commotie zou veroorzaken. Wat een zwak argument, laf ook.

'Nee, want er was nog een andere reden om Siebelink niet op de shortlist te zetten. Wij hanteren de regel: als één jurylid zegt 'ik vind het een goed boek, ik heb er van genoten', dan wordt het meteen van de lijst afgevoerd. Wat dat betreft vind ik het ook wel fijn dat er dit jaar een vrouw in de jury zit, Doris Grootenboer. Want je merkt dat de oordelen verder uit elkaar lopen dan vorig jaar. Het testosterongehalte is op een gezonde manier gedaald.'

Wat vond u zelf van het boek van Siebelink?

'Ik heb het niet gelezen. Alleen de boeken die kandidaat zijn, worden door alle juryleden gelezen.'

Vorig jaar presenteerde u een longlist van slechtste boeken waar, nauwelijks gemotiveerd, titels op stonden die door andere jury's waren genomineerd. Eén ervan, 'Specht' van Willem Jan Otten, won zelfs de Librisprijs. De toenmalige jury, met leden als Michaël Zeeman van de Volkskrant en Jeroen Vullings van Vrij Nederland, heeft zich volstrekt belachelijk gemaakt.

'Die longlist was een mislukte poging andere literaire prijzen na te doen. Achteraf bleek dat je zoiets wél met een positieve prijs kunt doen, maar met een kritische prijs als de Doerian niet. Je kunt het niet maken met één regeltje te beargumenteren waarom een boek slecht is. Daar is terecht kritiek op gekomen. We hebben dan ook besloten dit jaar geen longlist te maken. Er komt nu alleen een shortlist met hooguit zes titels, waarbij alle genomineerde boeken een uitvoerig juryrapport krijgen.'

Wie zit te wachten op een shortlist met waardeloze boeken?

'Gewone lezers. Er worden heel veel onvoldragen, slecht geschreven, slecht geredigeerde boeken uitgebracht die desondanks door uitgeverijen worden aangeprezen met ronkende flapteksten, omdat het product verkocht moet worden.'

Nou en?

'Voor lezers is dat niet prettig, die verwachten dat schrijvers en uitgevers hun werk goed doen. Bij de enorme hausse aan boeken die verschijnen valt het niet mee om door de bomen het bos te zien.'

Hoe beoordeelt u of een boek in aanmerking komt voor de titel slechtste boek?

'Veel oordelen zijn relatief. Maar je kunt bepaalde objectieve criteria aanleggen voor het beoordelen van literatuur.'

Welke dan?

'Bijvoorbeeld: een slecht boek is een boek waarin de schrijver geen onderscheid kan maken tussen hoofd- en bijzaken, zodat je een eindeloze opsomming krijgt van feitjes, elke situatie en elke gezichtsuitdrukking, elke actie en reactie worden beschreven.'

Dus 'A la recherche du temps perdu' van Proust of 'Ulysses' van Joyce zou geheid op een shortlist van de Gouden Doerian terechtkomen, om maar niet te spreken van Tolstoj, Dostojevski, Couperus.

'Natuurlijk niet, in die boeken staat geen woord te veel. Ik bedoel dat je spanning in een boek moet brengen door aan te geven welke dingen belangrijk zijn en welke niet. Als je als schrijver dat onderscheid niet kunt maken, ben je niet zo'n goede schrijver.'

Er zit echt niet zoveel spanning in de boeken van Proust en Joyce.

'Dat soort boeken beoordeel je dan ook met andere criteria.'

Precies, daarom betwist ik dat er objectieve maatstaven bestaan waarmee je literatuur kunt beoordelen. Als criticus of jurylid hoor je elk boek op zijn eigen merites te beoordelen en niet op grond van zogenaamd objectieve criteria; die zijn er niet.

'Die zijn er wél. Als je alleen subjectieve criteria hanteert, wordt het beoordelen van boeken louter een kwestie van smaak. Mijn favoriete schrijvers kunnen met zo min mogelijk woorden zoveel mogelijk zeggen.'

Dat is dus een subjectief criterium. Nogmaals, Tolstoj zou volgens uw maatstaven in aanmerking komen voor een Gouden Doerian, maar ook 'Het Bureau' van Voskuil zou een goede kans hebben gemaakt.

'Voskuil vind ik inderdaad vreselijk. Maar er zijn ook weer mensen die dat fantastisch vinden. Ik weet niet precies hoe dat zit.'

Het hele idee van de Gouden Doerian is begonnen als een smakeloze grap, ten koste van schrijvers die door een stelletje arrogante zakken die de wijsheid in pacht denken te hebben, als mislukkelingen worden weggezet.

'Ik begrijp niet waarom het zo'n taboe is om te zeggen dat er ook slechte boeken bestaan.'

Dat is helemaal geen taboe. Er verschijnen toch ook negatieve recensies.

'Het verschil is dat de jury van de Gouden Doerian niet bestaat uit recensenten. Het zijn vooral lezers. Beschouw die jury als een kritische leesclub van vier mensen. Wat is er tegen als die uitspreken wat zij slechte boeken vinden en waarom? De jury van dit jaar heeft geen literaire pretenties. Het zijn hartstochtelijke lezers die op een ludieke manier protesteren tegen uitgeverijen die slechte boeken als grote literatuur aanprijzen.'

Leest die jury alle boeken die in een jaar zijn verschenen?

'Dit jaar hebben we dat geprobeerd, vorig jaar hadden we daar niet de tijd voor - dat geef ik toe, dat was absoluut fout. Nu hebben we de volgende procedure toegepast: als ook maar één jurylid vond dat een boek in aanmerking kwam voor de Doerian, werd het door meerdere leden gelezen. Sommige boeken, zoals Joe Speedboot van Tommy Wieringa, vielen onmiddellijk af. Dat vond iedereen zo'n beetje het beste boek van het jaar.'

Welke boeken komen er nog meer niet op de shortlist?

'De Engelenmaker' van Stefan Brijs, 'De Chinese knoop' van Cherry Duyns,' 'Vanillevla met frambozen' van Michel Krielaars, 'Moenens luchtige sprongen' van Brakman, 'Denken aan Bruce Kennedy' van Herman Koch, 'Moord en doodslag' van Geerten en Doeschka Meijsing, 'De amateur' van Peter Middendorp, 'Kafka's margarine' van Jan Stavinoha, 'Stoom' van Willem van Toorn, 'Reus' van Annelies Verbeke, 'Duitse Bruiloft' van Pieter Waterdrinker, 'Avonturen van een uitslover' van Nelleke Zandwijk, 'Verfhuid' van Rascha Peper, 'Het fluwelen labyrint' van Jan van Aken, 'ALVB' van IJlander.'

Niet echt verrassend. Wel een verschil met die provocerende longlist van vorig jaar.

'Die longlist was onbesuisd, dat heb ik al toegegeven.'

Maar als De Gouden Doerian-jury voortaan alleen maar door iedereen als triviaalliteratuur beschouwde boeken gaat nomineren, wat is dan nog de functie van de prijs, wat voegt hij toe?

'Laten we maar even afwachten tot de prijswinnaar bekend is. Hoe dan ook draagt de prijs er toe bij dat literatuur niet als heilig wordt beschouwd, hij maakt discussies los over boeken, dat is althans de bedoeling en verder moet de Gouden Doerian niet al te serieus worden genomen. Het is eigenlijk een totaal onbelangrijke prijs.'

Die er alleen maar toe dient om schrijvers belachelijk te maken. Wie is daar nu mee gediend?

'De literatuur en de lezers. Door slechte boeken als zodanig te benoemen en daar een discussie over los te maken, krijgen de goede boeken die het afgelopen jaar zijn verschenen extra glans.'