Ahold-strafzaak is nu al historisch

Maandag begint het proces tegen vier voormalige topmannen van Ahold. Wat is er de komende weken in de Amsterdamse rechtszaal te verwachten?

Voormalig financieel directeur Michiel Meurs Foto Ahold Undated company photo of Dr Adriaan Michiel Meurs, chief financial officer of Ahold NV. Source:Ahold via Bloomberg News. BLOOMBERG NEWS

De grijze kantoorkolos in Zaandam staat er troosteloos bij. De deuren zijn dicht, de hal is verlaten, de kamers zijn leeg.

Als niets anders symboliseert het oude hoofdgebouw van Ahold aan de Albert Heijnweg het donkere verleden van het supermarktconcern. De onderneming, sinds kort gevestigd in een gloednieuw pand aan het Amsterdamse IJ, is niet zonder reden verhuisd. De Zweedse topman, Anders Moberg, was er de afgelopen jaren veel aan gelegen afstand te nemen van het boekhoudschandaal dat het concern drie jaar geleden deed wankelen.

In alle opzichten.

Talloze maatregelen waren het gevolg: nieuwe bestuurders in de leiding, andere prioriteiten, een andere strategie. Met een snelle afwikkeling van de boekhoudproblemen als topprioriteit. Ahold kreeg een 'ernstige waarschuwing' van de Amsterdamse beurs en een boete van het Nederlandse openbaar ministerie. Het concern trof een schikking met de Amerikaanse beursautoriteiten en - meest recentelijk - kwam boze beleggers met een bedrag van bijna 1 miljard euro tegemoet. Ondertussen werkte Ahold er hard aan de banden met de verdachte vier personen uit de voormalige Ahold-top te verbreken.

Toch zal het concern de komende maanden weer vol in de schijnwerpers van de media staan in verband met het geknoei met de cijfers in voorgaande jaren. Neen, het bedrijf Ahold staat niet in de beklaagdenbank en neen, het bedrijf is geen verdachte. Maar het monsterproces tegen de voormalige top dat komende maandag begint, zal onafwendbaar de geschiedenisboeken ingaan als 'de Ahold-zaak'.

De Amsterdamse rechtbank begint ruim drie jaar na de openbaring van het boekhoudschandaal met de inhoudelijke behandeling van de strafzaak. Het is een van de meest ingrijpende vaderlandse financiële fraudezaken, waarbij bestuurders worden aangeklaagd voor valsheid in geschrifte, oplichting en betrokkenheid bij het publiceren van een onware jaarrekening.

Het gaat niet om zomaar een bedrijf, maar om een groot beursgenoteerd Nederlands concern met internationale allure. Lange tijd was Ahold Nederlands trots in het buitenland, met enorme groeicijfers, een tomeloze ambitie, publiekslieveling op de beurs en een flamboyante bestuursvoorzitter. Cees van der Hoeven, meerdere malen manager van het jaar, kon bij iedere persconferentie over de jaarcijfers weer nieuwe vlaggen achter het podium laten plaatsen: de Zaanse detaillist was een mondiale speler geworden.

Maar de druk om te groeien en te blijven uitblinken culmineerde in gesjoemel. In de Verenigde Staten rommelden inkopers van dochter US Foodservice met de kortingen die zij van toeleveranciers kregen. In Argentinië pleegde lokale managers fraude. En de top uit Zaandam zelf ging ook over de schreef: bij vier grote buitenlandse joint ventures werd gemarchandeerd met de zeggenschap waardoor de cijfers er beter uitzagen.

Met name dit laatste punt is exemplarisch voor de problemen waar het toenmalige Ahold mee kampte. Waren de Amerikaanse en Argentijnse kwesties, hoe ernstig ook, meer onderdeel van een 'normale' financiële fraude; de gang van zaken rond de zeggenschap typeerde volgens velen het Ahold van Cees van der Hoeven: altijd op zoek naar meer omzet, meer groei, koste wat het kost.

De affaire rond de zeggenschap is waar het de komende weken in de rechtszaal aan de Amsterdamse Parnassusweg om zal gaan. Ahold deed bij een aantal buitenlandse joint ventures ten onrechte alsof het daar de baas was en telde de omzet en operationele winst van deze halfdochters in de boeken mee, 'consolideren' in vaktermen. Op papier leek alles in orde: er lag bij de aandeelhoudersovereenkomst een zogenoemde side letter die bevestigde dat Ahold de scepter zwaaide. Maar ondertussen was er ook een tweede side letter opgesteld, die dat weersprak. Dit laatste contract bleef geheim en werd verborgen gehouden voor onder meer de accountant. Op die manier presenteerde Ahold tussen 2000 en 2003 ongeveer 33 miljard euro te veel omzet en 3,6 miljard euro te veel operationele winst.

De dagvaardingen van de vier verdachten zijn opgebouwd rond deze side letter-affaire - met name in de samenwerking met het Scandinavische ICA. Daarnaast zijn er drie van zulke constructies opgedoken bij samenwerkingsverbanden in Zuid-Amerika, waarvoor Van der Hoeven en voormalig financieel topman Michiel Meurs zich ook moeten verantwoorden.

Anders dan in fraudeaffaires uit het verleden heeft justitie een pragmatisch vervolgingsbeleid gevoerd. Zo laat het OM de afwikkeling van de kwestie rond US Foodservice aan zijn Amerikaanse collega's. In de Ahold-zaak dus geen 'schoten met hagel', zoals in de beruchte Clickfonds-zaak, toen er veel verschillende strafbare feiten ten laste werden gelegd die later maar nauwelijks konden worden waargemaakt. En ook als het om de verdachten gaat heeft het OM een praktische keus gemaakt. Niet een handvol Ahold-medewerkers die zich voor de rechter moet verantwoorden, maar slechts vier 'toppers'.

Het OM zal de betrokkenheid van de vier verdachten, van wie er eentje (Roland Fahlin) als commissaris nota bene toezicht hield op de onderneming, onderstrepen. Maar bovenal zal justitie willen aantonen dat de gang van zaken bij het supermarktconcern een zware aantasting van de financiële integriteit is geweest, waarbij officier van justitie Hendrik-Jan Biemond zeker zal wijzen op de voorbeeldwerking. Zonder de Ahold-zaak te noemen gaf hij in een interview in NRC Handelsblad eind 2004 reeds een richting aan: 'Zaken die normbevestigend werken, waarvan het publiek kan zien: dit deugt niet [...] daar doet het OM namens de samenleving wat aan. Wij verkopen normbevestiging, dát is wat wij doen.'

De verdediging van de vier verdachten zal accentueren dat het OM de kwestie rond de side letters onnodig opblaast. Bestuurders die tegengestelde documenten tekenen kunnen toch van gedachten veranderen? Daarnaast zal er naar verwachting veel discussie zijn over de complexe consolidatieproblematiek, onder meer aan de hand van een deskundigenrapport dat tijdens de zittingen openbaar zal worden. Ook deze kwestie wordt volgens de verdediging overschat waarbij het volledig meetellen van halfdochters geen relatie zou hebben met de groeiambities van destijds.

Maar dat de affaire met de tegengestelde contracten als normaal zal worden gekenschetst, lijkt wel heel onwaarschijnlijk. Niet voor niets kwam Ahold na het boekhoudschandaal met een opmerkelijke stap.

[Vervolg AHOLD: pagina 24]

AHOLD

Aandacht zal ook uitgaan naar rol van huisaccountant Deloitte

[vervolg van pagina 23]

Het bedrijf erkende dat de gang van zaken vóór 2003 verkeerd was en deconsolideerde de buitenlandse joint ventures. Het maakt een andere vraag onontkoombaar: wie wist er wat op welk moment? Waar kwam het idee vandaan om tegengestelde side letters te maken? Wie ondertekende de verschillende documenten? Waren er personen die waarschuwden? Of juist niet? En wat gebeurde er binnen het bedrijf nadat duidelijk was geworden dat er met dubieuze documenten was gewerkt?

Een fascinerend onderdeel van het proces zal de rol van Deloitte zijn. Over het feit dat Aholds huisaccountant niet op de hoogte werd gesteld van de gewraakte tweede side letters, is geen discussie. Maar wat deed Deloitte toen het dat wél te weten kwam? En had het, bijvoorbeeld bij de consolidatie van een Portugese dochter, al niet veel eerder aan de bel moeten trekken? Tijdens de regiezittingen bleek al dat de raadslieden van de verdachten gretig de rol van de accountant ter discussie stellen. Maar ook het OM liet zich tot twee keer toe uiterst kritisch uit over Deloitte. De topman en tevens eindverantwoordelijk accountant van Ahold, Roger Dassen, liet echter onlangs in de Telegraaf weten zich nergens zorgen over te maken.

Eén ding staat vast: het Ahold-proces is historisch in de geschiedenis van het Nederlands bedrijfsleven. Maar wat óók zeker lijkt, is dat met de uitspraak, straks op 22 mei, het juridische gevecht niet afgelopen zal zijn. Een van de partijen zal de zaak zeker in hoger beroep aan het gerechtshof willen voorleggen. Voordat Aholds boekhoudschandaal definitief de geschiedenisboeken in kan, zal er dus nog wel wat tijd overheen gaan.

Voor een uitgebreide reconstructie van de Ahold-zaak, zie eerdere publicaties in NRC Handelsblad via www.nrc.nl, dossier Ahold. Op www.nrc.nl zullen NRC Handelsblad-redacteuren Joost Oranje en Jeroen Wester de komende weken een weblog vanuit de rechtbank bijhouden over het Ahold-proces: www.nrc.nl/weblog/Ahold