Turkse premier verliest zijn onschuld

In zijn verkiezingscampagne in 2002 zwoer de Turkse leider Erdogan het land van corruptie te zuiveren. Maar inmiddels nemen de beschuldigingen van corruptie tegen leden van zijn partij toe.

Iedereen in Turkije herinnert zich nog hoe Tayyip Erdogan in de aanloop tot de verkiezingen van 2002 het land door reisde. Zo fel voerde hij campagne dat zijn stem langzaam maar zeker brak en de wallen onder zijn ogen wel voetbalvelden leken. Maar de boodschap was helder: Turkije moet een land worden zonder corruptie en zijn AK-partij (AK staat voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling, maar het woord Ak betekent onbevlekt in het Turks) zou daar voor zorgen.

Gisteren bleek hoe ver weg in het verleden die campagne ligt. De aantijgingen van corruptie tegen prominente leden van de AK-partij nemen toe en veel Turken hoopten dat Erdogan, inmiddels premier, de bezem door deze mogelijke Augiasstal zou halen. Helaas: Erdogan legde de schuld bij journalisten. Jullie liegen, zei hij deze week in ondubbelzinnig Turks, er is geen corruptie in de AK-partij. Veel Turken keken verbijsterd toe: hoe kon de premier zo zijn onschuld verliezen?

Bij de aantijgingen van corruptie speelt minister van Financiën Kemal Unakitan een hoofdrol. De krant Hürriyet publiceerde vorige week een lijst schandalen waar hij bij betrokken is. Unakitans zoon begon gesteriliseerde eieren te verkopen tijdens de crisis rond de vogelgriep en - o verrassing - ineens ging de BTW op zulke eieren omlaag.

Dit schandaal is nog het minste, zeggen Turkse media. Zij willen een strafrechtelijk onderzoek naar de privatisering van een olieraffinaderij en, vooral, naar het Galataport-project in Istanbul. De regering gaf dit project, een combinatie van onder andere een haven en woonwijk, aan een Israëlisch bedrijf zonder dat er sprake was van een normale aanbestedingsprocedure. Unakitan ontkende dat hij contacten onderhield met het Israëlische bedrijf. Maar later stelden journalisten vast dat dat een leugen was. Rechters oordeelden onlangs dat de uitbesteding ongeldig was.

Alsof dat nog niet genoeg is, staat inmiddels vast dat Unakitan twee villa's heeft in Istanbul die gebouwd zijn zonder de vereiste vergunningen. 'Treed af', schreef een parlementslid van de AK-partij deze week aan Unakitan. 'U bent een molensteen rond de nek van de partij geworden.'

Dat Unakitan aftreedt, lijkt na de uitval van Erdogan onzeker. Unakitan is een vriend van Erdogan en deze is zeer aan 'grote broer Kemal' gehecht, die overigens als minister van Financiën de begroting op orde bracht.

Toch zou de Turkse premier, zo zeggen commentatoren, daar nog eens over moeten denken. Want journalisten stellen inmiddels ook over Erdogan zelf meer en meer vragen.

In Turkije moeten hoogwaardigheidsbekleders zowel aan het begin als aan het einde van hun termijn zeggen wat hun vermogen is. De meeste Turkse politici vinden een weg om dit te vermijden. Zo is het een standaardargument dat een lid van de familie (meestal een broer of een oom) het fortuin beheert. Na langdurige druk van de media en de oppositie liet Erdogan onlangs weten dat hij in ieder geval een miljoen dollar bezit. Niet gek, dacht menige Turk, voor een jongen die zijn leven begon in een van de armste wijken van Istanbul.

Als Erdogan dacht dat met zijn toelichting op zijn fortuin, die hij na veel aarzelen en treuzelen gaf, de kous af was vergiste hij zich deerlijk: journalisten zijn nog niet klaar met de premier. Zo is al duidelijk geworden dat de premier ook een villa bezit, die echter op naam van een familielid staat.

Dat al deze schandalen de AK-partij geen goed doen, wordt steeds duidelijker. Volgend jaar staan er verkiezingen in Turkije op het programma. Een opiniepeiling van de krant Sabah in januari liet zien dat de partij vergeleken met een jaar eerder drie procent van haar aanhang heeft verloren.

De reden voor dit verlies, schreef de krant, is dat de partij niet heeft kunnen afrekenen met de corruptie. Deze peiling had plaats voordat de grote storm rond Unakitan begon en toen zijn naam nog niet elke dag in de media werd genoemd.

Of zal het allemaal, zoals vaker in Turkije, met een sisser aflopen? Toen de minister van Financiën geconfronteerd werd met de affaire rond de gesteriliseerde eieren gaf hij het soort antwoord dat Turken generaties lang allergisch voor politiek heeft gemaakt. 'Mijn kinderen moeten toch ook een boterham verdienen', zei hij.

De komende weken zal duidelijk worden of de Turken, die zo graag willen dat hun land corruptievrij wordt, zulke antwoorden zullen blijven accepteren.