Rotterdam Code krijgt andere naam

De Rotterdam Code krijgt een andere naam. Het woord 'code' doet te veel denken aan opgelegde regels, zoals de verplichting om Nederlands te spreken in de straten van Rotterdam. Van zo'n verplichting is echter nooit sprake geweest, onderstreepten gistermiddag in het laatste raadsdebat voor de verkiezingen vrijwel alle partijen in de Rotterdamse gemeenteraad. De Rotterdam Code is volgens hen slechts een 'moreel appèl' tot het delen van zeven normen op het gebied van bijvoorbeeld opvoeding, gelijkwaardigheid van seksen en taal.

De partijen betreuren het dat de oproep Wij Rotterdammers gebruiken Nederlands als onze gemeenschappelijke taal veel mensen op het verkeerde been gezet. In het document viel te lezen dat Nederlands gesproken moest worden 'op school, op het werk, op straat en in het buurthuis'. Ook 'voeden wij onze kinderen grotendeels in het Nederlands op', zo stond in de tekst.

De Rotterdam Code wekte beroering in Nederland, nadat minister Verdonk (Integratie) de Rotterdam Code een 'prima idee' had genoemd. Daarna kwam de belangstelling uit het buitenland: de afgelopen weken waren Franse, Engelse en Belgische journalisten in Rotterdam om poolshoogte te nemen. Verantwoordelijk CDA-wethouder Geluk was zelfs benaderd door CNN Turkije, vertelde hij.

Door deze gang van zaken 'is de discussie gepolariseerd', vond CDA-fractieleider Harm van den Born, die een motie 'Rotterdam-appèl' indiende. Met dat woord wil de gemeenteraad duidelijk maken dat 'de Rotterdamse burgerschapscode in wezen niet meer doet dan een appèl aan de Rotterdamse bevolking'.

Wethouder Geluk kon zich tijdens het debat gisteren in de motie van zijn partijgenoot vinden: 'Natúúrlijk is dit een appèl en geen code. Dus als we een einde kunnen maken aan de verwarring door een ander woord te gebruiken, wil ik dat graag doen.'