Loop met energiesplitsing niet voor muziek uit

Voordat er sprake kan zijn van splitsing van energiebedrijven, is overeenstemming op Europees niveau noodzakelijk, meent Jan Cuppen.

Minister Brinkhorst kan tevreden zijn. Althans, met de ontwikkelingen in de energiesector die zich nu op Europese schaal aftekenen. Het lijkt erop dat de allergrootste energiebedrijven in Europa de discussies over het wetsontwerp over de splitsing in EU-lidstaat Nederland als katalysator hebben gebruikt om hun al langer vermoede strategische voornemens in daden om te zetten: de consolidatieslag in de Europese energiesector is losgebarsten.

Dat moet onze minister van Economische Zaken en voormalig hoogleraar Europees Recht aanvankelijk als muziek in de oren hebben geklonken. Was immers volgens hem die consolidatieronde niet een onvermijdelijk effect van de zijns inziens noodzakelijke splitsing van energielevering en netbeheer in Nederland? En dan zeker ook in die volgorde?

Naar nu onmiskenbaar duidelijk wordt, denkt men daar in de grote lidstaten van het verenigd Europa toch heel anders over. 'Consolidatie prima, maar dan vooral elders en zeker niet ten koste van onze eigen monopolisten', zo luidt meer dan duidelijk het devies in lidstaten als Frankrijk en Spanje. Opvallend aan die standpunten is dat ze kennelijk volstrekt losstaan van de politieke kleur van de respectieve regeringen. Progressief of (neo)conservatief, het maakt niet uit: bescherming van de strategische belangen die de energiesector voor een land vertegenwoordigt, staat voorop. En dat is nog nooit anders geweest.

Niet echter in Nederland. Daar zijn andere argumenten van belang. Zoals de - gezien de geschetste ontwikkelingen, alleen uit academisch oogpunt verdedigbare - opvatting dat de burger uitsluitend gebaat is bij een splitsing van levering en netbeheer. Dat de leveringsbedrijven vervolgens een weerloze overnameprooi zijn voor de EON's en EdF-GdF-combinaties van deze wereld, wordt bijna schouderophalend afgedaan. Om het in de begrippen van de olympische sportwedstrijden van de afgelopen weken samen te vatten: alsof de Fransen bij hun afdaling slechts een hobbeltje van de Utrechtse Heuvelrug hoeven te nemen, terwijl Nederland de reuzenslalom van de volledige Mont Blanc moet zien te realiseren. De voorspelling wie met het goud aan de haal gaat, is geen voorspelling meer, maar een zekerheid.

Blijkbaar zijn de burgers in nota bene de grote lidstaten van Europa er volgens de eigen premiers vooral mee gediend als allereerst de nationale energiebelangen worden veiliggesteld en er nationale, onoverwinnelijke kampioenen ontstaan. Het woord 'splitsing' wordt in die gedachtegang al helemaal niet in de mond genomen

Dit zou kabinet en parlement in Nederland toch nog eens opnieuw aan het denken moeten zetten. Is die splitsing van de sector wel zo opportuun?

Het spel dat nu wordt gespeeld, is van een heel ander niveau. Nationale langetermijnvisie in combinatie met bijvoorbeeld de geopolitieke ontwikkelingen op de gas- en oliemarkten, dáár gaat het in wezen om. Moet Nederland dan nu gids willen zijn in een Europa zonder volgers?

Mogelijk kan minister Brinkhorst voor een andere benadering van zijn voornemens eens te rade gaan bij zijn collega Zalm. Die is zeer nauw betrokken bij hervormingen van de financiële markten. Nederland blaast zijn deuntje in dit Europese, steeds verder vorm krijgende orkest wel degelijk mee. In de financiële wereld is 'level playing field' het uitgangspunt. Ofwel: onderwerp alle partijen op hetzelfde moment aan dezelfde spelregels, zodat iedereen dezelfde uitgangspositie heeft, en vervolgens de markt z'n werk kan doen. De waarborgen voor de consument worden daarbij bepaald niet uit het oog verloren, maar en passant in de regulering meegenomen.

Een voorbeeld van deze aanpak is de uitwerking van de Richtlijn voor de markten in financiële instrumenten (MiFID) die op 1 november 2007 in alle lidstaten in werking moet treden. Deze MiFID heeft trouwens ook haar weerslag op de energiesector, om nog maar eens aan te geven dat regelgeving niet solitair maar in een veel bredere context bezien moet worden.

Het wetgevingsproces in het kader van MiFID is volledig geharmoniseerd, om ervoor te zorgen dat alle landen op hetzelfde moment dezelfde uitvoeringsmaatstaven toepassen. En een level playing field dus als basisvoorwaarde per definitie gerealiseerd wordt.

Waarom het splitsingswetsontwerp van onze lage landen niet ook door een dergelijke bril bezien, alvorens een onomkeerbaar besluit te nemen met desastreuze gevolgen voor een sector die strategisch van groot belang is voor de Nederlandse economie? Om van continuïteit van gas en licht tegen acceptabele voorwaarden voor de Nederlandse burger nog maar te zwijgen. Gebeurt dat niet, dan komt het 'gelijke' speelveld er alleen voor de Duitsers en de Fransen. En zijn thans kansrijke energiebedrijven in Nederland bij voorbaat verloren. Zeker omdat die momenteel de steun van de eigen regering ontberen. Hoe anders gaat dat er elders in het verenigde Europa aan toe!

Minister Brinkhorst, wees moedig: stap uit de geharnaste discussie over het splitingswetsontwerp, las een pauze in en ga eerst de discussie op Europees niveau aan. Laat eerst daar overeenstemming ontstaan over de uitgangspunten en randvoorwaarden voor een gelijk speelveld op energiegebied. En praat dan - eventueel - pas verder over de noodzaak om te splitsen. Natuurlijk alleen als dat op Europese schaal en op hetzelfde moment gebeurt. Net zoals dat nu op de financiële markten gebeurt. Een beter voorbeeld is er niet.

Nederland gidsland. Het kan nog steeds. Maar voor de muziek uitlopen past alleen de dirigent of de tamboer-maître. Dat zou een fraaie rol zijn voor onze minister van Economische Zaken, die de Europese idealen al zo lang verdedigt. De kans om die rol te pakken is er nu, mits hij de Nederlandse troeven nog in handen houdt.

Jan Cuppen is als manager Compliance werkzaam voor energiebedrijf Essent. Hij schrijft op persoonlijke titel.