Kevin

“Ik heb verkering“, zei Kevin.

“Hm-hm“, zei zijn vader. Hij zat op de bank en voelde tussen de kussens, op zoek naar de afstandsbediening. Op de televisie draaiden vrouwen in korte broeken met hun billen.

Ze zongen erbij. Af en toe zoenden ze een langslopende man.

“Sinds een week“, zei Kevin, “met Esmeralda.“

Zijn vader had de afstandsbediening gevonden: op tv renden nu erg dunne honden erg hard voorbij. Hun tongen slingerden uit hun bekken. Hij zette het geluid van de tv harder en legde zijn voeten met slippers en al op het tafeltje dat voor de bank stond.

In de gang zoende Michael, Kevins grote broer, met zijn vriendin, al uren. Kevin wurmde zich er langs. In de keuken poerde Carla, die de vrouw van zijn vader was, met een vork in het koffiezetapparaat.

“Zo gek“, mompelde ze, “ik ben zo'n rondje kwijt, je weet wel.“

“Een koffiepet“, zei Kevin. “Ik heb verkering.“

Carla trok de stekker uit het stopcontact. Ze keerde het hele koffiezetapparaat ondersteboven en schudde er mee. Er viel een klepje af. Kevin liep terug naar de gang en trok zijn jas aan. “Ik heb verkering.“ Zijn broer zoende gewoon door. In de hal stond Kevins crossfiets.

Bij het parkhek stonden Esmeralda, Ruby en Henk op hem te wachten.

“Wat ben je laat“, zei Esmeralda. “Ja“, zei Kevin, “ik moest thuis het koffiezetapparaat fiksen. Kreeg nog een schok“

Esmeralda glunderde; Henk gaapte. “Wat gaan we precies doen?“ vroeg hij. Ze begonnen te lopen, het park in. Esmeralda ging voorop, langs het pofferhuisje, om de muziekkoepel heen. Op het hek van de kinderboerderij zat een meisje. Het was Lotta, uit hun groep van school, in haar tuinbroek. Ze aaide een schaap met een enorm dikke buik. Kevin wilde zwaaien, maar Esmeralda greep zijn hand. “Niet doen!“

Ze trok hem mee de bosjes in, Ruby en Henk volgden. Kevins handpalmen werden nat, en warm, maar hij moest in Esmeralda's vingers blijven knijpen. Je mocht nooit als eerste loslaten, dat had zijn broer hem eens verteld Vlak bij de grote vijver bleef Esmeralda staan. “Dit is een goede plek“, fluisterde ze. “Wat vind je, Ruub?“

“Beter daar.“ Ruby wees naar een dikke boom.

Kevin keek van de een naar de ander. Moesten ze nu zoenen? Hij keek naar Henk, die tussen de struiken stond met een gezicht alsof hij bijna sliep. Kevin haakte zijn wijsvingers door de lusjes van zijn broek. Hij begon met zijn voet op de bosgrond te tikken, alsof hij muziek hoorde. Coole muziek.

Wordt vervolgd. Volgende week in Groep Zes: Esmeralda.